Dubcek wil intensievere samenwerking

DEN HAAG, 8 nov. - Tsjechoslowakije wil graag een intensievere economische samenwerking met Nederland, vooral op het gebied van elektronica en milieu. Dit heeft de Tsjechoslowaakse parlementsvoorzitter, Alexander Dubcek, gisteravond gezegd. Hij is twee dagen in Nederland op uitnodiging van de Staten-Generaal.

Dubcek wees erop dat Tsjechoslowakije tussen beide wereldoorlogen een van de tien belangrijkste industrielanden in de wereld was. 'Door het jarenlange isolement hebben we nu een aanzienlijke achterstand opgelopen in economische en technische ontwikkeling. Maar dat wil niet zeggen dat we een slechte partner zijn voor Westeuropese landen. We zijn geen arme parkiet. De vaardigheden van onze arbeiders en technici zijn alom bekend.'

Een van de doelen van zijn bezoek is de orientatie op de Westeuropese industrielanden te continueren, aldus Dubcek. De beste hulp die het Westen Tsjechoslowakije nu kan geven, meent hij, is samenwerking met partners die nieuwe technologie kunnen overdragen. Met leningen is het land niet geholpen, want daarmee worden alleen maar lasten gelegd op de schouders van toekomstige generaties, volgens Dubcek.

Ondanks de orientatie op het Westen wil Dubcek de politieke en economische banden met de Sovjet-Unie niet verwaarlozen: 'Niet alleen omdat de Sovjet-Unie een bron is van grondstoffen en een markt voor onze produkten, maar ook omdat die banden steun geven aan de hervormingsgezinde krachten in de Sovjet-Unie. De Sovjet-Unie is geen bedreiging meer voor de veiligheid van Europa. Ik geloof dat geleidelijke politieke en economische integratie van Europa de goede weg is. Europa eindigt niet achter Polen, maar loopt door tot aan de Oeral.'

Dubcek zei zich bewust te zijn van de separatistische tendensen binnen het Tsjechische en het Slowaakse volk. Maar de aanhangers van dat separatisme vormen slechts een minderheid, aldus de parlementsvoorzitter. Voor hem is het duidelijk dat Tsjechoslowakije een staat moet blijven: 'Als Tsjechoslowakije een plaats wil vinden in een geintegreerd Europa is het niet logisch dat het zichzelf deelt.' Wel zag hij plaats voor twee naties binnen de staat en voor decentralisatie. Hij wees erop dat juist de laatste 22 jaar de macht meer dan ooit tevoren in Praag werd geconcentreerd, reden waarom veel mensen negatief staan tegenover het centraal gezag.

Op plaatselijk niveau zijn de meeste sleutelposities nog altijd in handen van functionarissen die daar door het oude regime zijn neergezet. Dit in tegenstelling tot de landelijke politiek, waar de bevolking in de verkiezingen van juni zelf heeft kunnen bepalen door wie ze wil worden vertegenwoordigd. Aan het eind van deze maand zullen lokale verkiezingen worden gehouden en dan kan de bevolking ook op plaatselijk niveau vertegenwoordigers benoemen in wie ze vertrouwen stelt. Dubcek noemde dit de tweede fase van het democratiseringsproces dat zijn land doormaakt.