DE WERELD VAN LEO LIONNI IN ROME EN BOLOGNA; Een flora vaninkt en brons

In de jaren dertig was cafe Savini in Milaan een bekend trefpunt voor kunstenaars, en een van de vaste klanten was een Amsterdammer: Leo Lionni. Toen al had hij zijn geboorteland achter zich gelaten om zich als schilder, graficus en illustrator in de Italiaanse kunstwereld te storten. Maar de oorlog dwong hem een nieuw vaderland te zoeken: toen in Italie steeds vaker jonge intellectuelen en kunstenaars werden opgepakt, ging hij naar de Verenigde Staten. Tegenwoordig verdeelt Lionni (80) zijn tijd tussen de twee landen die hem faam hebben gebracht. 's Zomers werkt hij in zijn huis in Toscane, in de Chianti-regio, en de winter brengt hij door in zijn appartement in New York. Twee tentoonstellingen in Italie bieden de kans om kennis te maken met de fantasie en de veelzijdigheid van deze kunstenaar.

Zijn werk als illustrator is te zien op de expositie over zes grafische kunstenaars in Rome. En in Bologna is een overzichtstentoonstelling aan hem gewijd, met meer dan 200 werken. Zijn Milanese jaren en zijn contacten met de futuristische schilder Marinetti zijn in Bologna terug te vinden in het futuristische schilderij 'Het begin'. Maar de rest van de tentoonstelling maakt duidelijk dat Lionni's flirt met het futurisme niet lang heeft geduurd en dat zijn kracht vooral ligt in de imaginaire wereld die hij probeert te scheppen. 'Ik wil dingen maken die er eerst niet waren, ' heeft Lionni gezegd. Hij tekende en schilderde portretten van niet-bestaande mensen, beschreef tot in details zelfverzonnen planten en zette deze weer bij elkaar in een 'imaginaire tuin' van brons. In Bologna zijn de cucurba nodeola, de taluma ingorda en de sygurgiae te zien, planten die in geen enkele flora, hoe uitgebreid ook, zullen voorkomen. Zij vormen een 'volwassen' tegenhanger van de illustraties voor zijn dertig kinderboeken, waarvan er miljoenen zijn verkocht.

Omdat hij niet-bestaande mensen en voorwerpen uitbeeldt, is Lionni wel een abstract kunstenaar genoemd. Maar al zijn planten, hoe grillig en onwaarschijnlijk ook, blijven herkenbaar als planten. Lionni placht te zeggen dat hij met zijn fantasieen niet probeerde de werkelijkheid te ontvluchten, maar om op twee sporen tegelijkertijd te werken: dat van de fantasie en dat van de realiteit. Misschien is dat ook een uitvloeisel van de banen die hij heeft gehad. Lionni heeft onder andere voor Ford, Olivetti en Motto reclames ontworpen, en hij was bijna twaalf jaar lang, van 1949 tot 1960, art director van het prestigieuze Amerikaanse tijdschrift Fortune. Ook tijdens die laatste baan had hij steeds een schildersezel in zijn werkkamer staan, om in de lunchpauze de realiteit even te verwisselen voor de fantasie. Voor Lionni is hetbovendien belangrijk dat zijn werk voor zichzelf spreekt en geen toelichting nodig heeft. 'De kunst van tegenwoordig heeft niet meer als fundamenteel doel te communiceren met mensen,' aldus Lionni. 'Steeds vaker moet zij begeleid worden door de woorden van critici. Maar op een paar uitzonderingen na zijn die critici steeds onbegrijpelijker geworden.'