Oppositie wil experiment beginnen met indexleningen bij Financien

DEN HAAG, 7 nov. Het ministerie van financien moet een experiment starten met zogenoemde indexleningen, vinden de oppositiepartijen VVD en D66. De coalitiepartijen CDA en PvdA toonden vanmorgen bij de begrotingsbehandeling van Financien nog reserves, maar staan niet afwijzend tegenover deze manier van financieren.

Bij indexleningen worden de rentebetalingen (en/of de hoofdsom) aangepast aan de inflatie. In de begroting van Financien schrijft minister Kok dat de status van Nederland als eerste klas debiteur zou worden aangetast omdat marktpartijen de uitgifte van dergelijke staatsleningen als een zwaktebod zien. Het meest fundamentele bezwaar tegen indexleningen is dat de begroting door indexatie van staatsschuld gevoeliger wordt voor inflatie.

De oppositiepartijen toonden zich niet onder de indruk van de argumenten. Er leek sprake te zijn 'van een 'open mind', maar de minister van financien zit op de lijn van een 'vierkant nee' ', oordeelde G. Ybema (D66). Als Financien ongeveer 10 miljard gulden van de financieringsbehoefte met indexleningen dekt, levert dat een besparing op van 100 miljoen gulden in 1991 oplopend tot 400 miljoen gulden in 1994, zo rekende R. de Korte (VVD) de Kamer voor. Deze besparing wil De Korte gebruiken om het financieringstekort extra te verlagen. Het kabinet wil het financieringstekort terugbrengen naar 3,25procent van het nationaal inkomen in 1994.

Rekening houdend met een stijging van de inflatie, is het nu geen goed moment om experimenten met indexleningen te starten, zei A. Melkert (PvdA). Maar, zo voegde hij eraan toe, gezien de grote belangsteling bij verzekeringsmaatschappijen en pensioenfondsen voor indexleningen kan de overheid 'een substantieel rentevoordeel op korte termijn opleveren, zonder een onevenredig groot risico op langere termijn'. Daarom sluit hij samen met zijn CDA-collega G. de Jong een beperkte inzet van indexleningen niet uit. 'Maar op zeer beperkte schaal', waarschuwde De Jong 'want we voelen niets voor een nieuwe open einde regeling'.