Met lege handen

WIE EEN VERREGAANDE conclusie wil verbinden aan de uitslag van de Amerikaanse verkiezingen kan constateren dat er een streep is gezet onder het tijdperk-Reagan. De vorige president was er bij de aanloop naar zijn eerste ambtsperiode in geslaagd de coalitie van Franklin Roosevelt, gesmeed in de crisis van de jaren dertig, te verbreken. De man met de veiligheidshelm op het hoofd en gestoken in blauwe overallgeneerde zich er niet voor deze Republikeinse presidentskandidaat zijn stem te geven. Belastingverlaging was zijn beloning hoewel, zoals later bleek, de rijpste vruchten aan de fiscale boom de rijkste Amerikanen in de schoot waren gevallen.

Wat de binnenlandse politiek betreft hebben dit verkiezingsjaar belastingen, premies en overheidsuitgaven de toon gezet. Het steeds toenemende negatieve verschil tussen inkomsten en uitgaven van de federale overheid kon in 1990 niet langer worden genegeerd. President Bush voelde zich gedwongen afstand te nemen van de Grote Leugen uit zijn verkiezingscampagne twee jaar geleden('Read my lips' - deze president verhoogt geen belastingen) en begon deze lente aan een moeizaam touwtrekken met de Democratische meerderheid in het Congres over het budget voor het nieuwe begrotingsjaar. Inzet van de discussie was 'geen voorwaarden vooraf' ofwel over alles, belastingverhoging inbegrepen, kon worden gepraat.

DE BEHANDELING van het begrotingsdebat door het Witte Huis heeft uiteindelijk de steun voor de Republikeinen geerodeerd. Het aanvankelijke compromis met de Democratische leiders vormde een aanslag op de portemonnee van de Amerikaanse middengroepen en vervreemdde een spraakmakend deel van de Republikeinse volksvertegenwoordigers van hun president. Het slotakkoord biedt anders dan Bush had gewild geen soelaas aan de rijken voor de offers dievan hen worden gevraagd. De onvrede van de burgers met het tijdelijk in het ongerede raken van de federale overheid als gevolg van de begrotingstwisten leek aanvankelijk vooral de Democraten te treffen, maar ten slotte hebben deze het grootste deel van het laken naar zich toe weten te trekken. Daarvoor zijn zij gisteren beloond. Voorzover de kiezer de stembus heeft weten te vinden, heeft hij de Democraten niet afgestraft voor de hardnekkigheid waarmee zij de president en diens partij in de hoek hebben gedreven.

Bush is met lege handen uit de strijd om het budget gekomen. Hij heeft moeten toegeven dat het Republikeinse credo van (te) lage belastingen niet langer geldig was en hij heeft afstand moeten nemen vanhet potverteren van 'Reaganomics'. Zijn tragiek is dat nu hij zichzelf heeft hervonden in de campagne van 1980 kwalificeerde hij de economische denkbeelden van Reagan als 'voodoo' de Democraten hem de instrumenten hebben ontnomen om een eigen fiscale en daarmee sociaal-economische politiek te ontwerpen. De twee jaar die Bush resten voor de volgende presidentsverkiezingen bieden hem nauwelijks mogelijkheden om zich alsnog op dit gebied te profileren. Hoewel de president dit jaar bereid is gebleken orde op zaken te stellen, hebben de Democraten in hoofdzaak bepaald hoe dat moet gebeuren. De verkiezingsuitslag maakt het hun meer dan mogelijk het initiatief te behouden.

WAT DE consequenties zullen zijn voor het buitenlandse beleid van de Verenigde Staten zal moeten worden afgewacht. De uitdaging van Irak in het Midden-Oosten dwingt Washington in beginsel tot eensgezindheid, maareen sterk en zelfbewust presidentschap is nodig om onder de druk van deze internationale omstandigheden eenheid op langere termijn te kunnen bewaren. De president staat waarschijnlijk voor ingrijpende beslissingenover oorlog en vrede tenzij Saddam Hussein onder internationale drukalsnog inbindt. Sinds augustus is het gesternte waaronder Bush zijn besluiten moet nemen er niet beter op geworden.