Bewind Birma bedient zich van 'genadeloze repressie'

ROTTERDAM, 7 nov. De Commissie voor de Mensenrechten van de Verenigde Naties wil deze week in Birma spreken met oppositieleider Aung San Suu Kyi, die sinds juli 1989 huisarrest heeft. De kans dat het militaire bewind de eenpersoons- delegatie zal toestaan Suu Kyi te ontmoeten is vrijwel uitgesloten. De VN-missie valt samen met de publicatie van een rapport van Amnesty International vandaag, waarin wordt gesproken van een 'genadeloze onderdrukking van tegenstanders van de militaire regering' in Birma.

Sadako Ogata, een Japanse juriste, verblijft sinds zaterdag in Rangoon om namens de VN-commissie contact te zoeken met de 45-jarige Aung San Suu Kyi. Het toelaten van Ogata is al een opmerkelijke stap voor de militaire heerser, generaal Saw Maung, die zich in een vraaggesprek voor de radio laatdunkend uitliet over 'de Japanse dame' die wilde praten met 'de dame van de mensenrechten'.

'Waar hebben ze het over? Zij die mensenrechten willen hebben zoals in de Verenigde Staten, Groot-Brittannie of India mogen vertrekken', aldus Saw Maung. 'In Myanmar zoals het bewind Birma vorig jaar herdoopte gelden alleen de mensenrechten die passen bij Myanmar, overeenkomstig onze eigen wetten.'

In het rapport van Amnesty staat wat Saw Maung daarmee bedoelt: willekeurige arrestaties, meedogenloze martelingen en moordpartijen, eenbeeld dat al eerder was geschilderd door Westerse diplomaten in de hoofdstad Rangoon.

Vrijheid

De onderdrukking in Birma bereikte zijn hoogtepunt na het neerslaan van de massale volksopstand voor democratie, twee jaar geleden. In de zomer van 1988 roken de Birmezen even aan de vrijheid. Korte tijd lieten de militairen hun veertig miljoen onderdanen de illusie het veld dat zij het veld wilden ruimen en dat zij 'de Birmese weg naar het socialisme', die neerkwam op zelfverrijking en bedrog, wilden verlaten.

De militaire dictatuur in Birma dateert uit 1962, toen generaal Ne Win een staatsgreep pleegde tegen de democratisch gekozen regering U Nu. Metzijn Birmese Socialistische Programpartij (BSPP) veranderde Ne Win het land, dat rijk is aan grondstoffen, mineralen en landbouwgronden en dat eind jaren vijftig tot een van de meeste welvarende naties in de regio behoorde, in een ruine. Birma behoort nu tot de armste landen ter wereld.

Ne Win kwam in 1988 voor het eerst in grote problemen en besloot tot een tactische terugtocht. Hij trad af, althans zo leek het en schoof op 12 augustus de burger Maung Maung naar voren. De protesten hielden echter aan, de Birmezen wilden echte democratie en vermoedden terecht dat Ne Win en de andere militairen het achter de schermen nog steeds voor het zeggen hadden.

Terreur

Op 18 september 1988 besloten de militairen dat het genoeg was geweest. Zij grepen alsnog in. Hoeveel mensen toen om het leven zijn gekomen is onbekend, maar veel waarnemers houden het op ten minste duizend. De nieuwe militaire leider Saw Maung ontwikkelde daarna een ongekende terreur tegen iedereen die werd verdacht van activiteiten tegen zijn bewind.

Het cynisme van de Birmese militairen bereikte eerder dit jaar een nieuwhoogtepunt met de manier waarop de lang beloofde, 'vrije, eerlijke en pluriforme verkiezingen' voor de Nationale Assemblee, de eerste in dertig jaar, werden georganiseerd en afgewikkeld.

De Staatsraad voor Herstel van Orde en Gezag (SLORC), zoals de militairejunta zichzelf eufemistisch noemt, gaf op 27 mei oppositiepartijen de kans mee te dingen naar de 489 zetels in het parlement, zij het nadat de belangrijkste leiders van de oppositie in verzekerde bewaring waren gesteld.

Tijdens de verkiezingscampagne was het verboden om kritiek te leveren op de SLORC, het leger en de politiek. Alle kandidaten hadden goedkeuring nodig van de militairen. Aan politieke bijeenkomsten mochten niet meer dan 45 mensen meedoen en de toespraken van de sprekers moesten eerst aan de autoriteiten worden overgelegd.

Overuren

Hoewel het propaganda- en intimidatie-apparaat van de militairen overuren maakte, kozen de Birmezen massaal voor de Nationale Liga voor Democratie van Aung San Suu Kyi. De 45-jarige dochter van Birma's nationale held Aung San kreeg meer dan 80 procent van de stemmen. De Nationale Eenheidspartij (de opvolger van de BSPP), die tot dan alle zetels bezette, werd weggevaagd.

Saw Maung had voor de verkiezingen gezworen de macht te zullen overdragen aan de winnaar, maar na het tellen van de stemmen kwam de generaal met aanvullende voorwaarden: eerst zou een nieuwe grondwet moeten worden opgesteld de oude was in 1988 buiten werking gesteld.

Aung San Suu Kyi en de andere oppositieleiders bleven in arrest. Van Suu Kyi is nu al bijna anderhalf jaar niets meer vernomen. De militairen zwegen weer na de verkiezingen, haast met het opstellen van een grondwet hebben ze niet.

Deze zomer kwam Saw Maung in aanvaring met boeddhistische monniken, van oudsher een macht van betekenis in Birma. De monniken hadden in 1988 met de studenten ook voorop gelopen tijdens de democratische opstand. De dood van twee monniken in de noordelijke stad Mandalay in augustus bracht veel kloosters ertoe geen religieuze diensten meer te verlenen aan militairen en hun familie, die daardoor in grote geestelijke nood kwamen. Het militaire bewind liet twee weken geleden de aanstichters van de rebellie arresteren. Volgens berichten zitten honderden monniken nog vast, en zo wist het bewind ook deze opstand te bedwingen.

VN-vertegenwoordiger Sadako Ogata is deze week wel ontvangen door de Birmese regering, maar niet om te praten over de mensenrechten in het land of om een bezoek aan Aung San Suu Kyi te regelen. Ogata werd aangesproken op haar nationaliteit, het bewind eiste van Japan smartegeld voor aangedaan leed tijdens de bezetting in de Tweede Wereldoorlog.

Het officiele Birmese Volksdagblad gaf gisteren een gedetailleerde beschrijving van de martelmethoden die de Japanse beulen destijds gebruikten: het gieten van kokend water over gevangenen, uittrekken van vingernagels, het ondersteboven hangen van mensen. De Birmese militairen hadden in de Japanners goede leermeesters.