Schrijven met het scheermes; Zelfverminkingen zijn tekens vanleven

Automutilatie of opzettelijke zelfverwonding is een tamelijk onbekend ziektebeeld dat geen ander doel heeft dan het verwonden van het eigen lichaam. Statistisch gezien verminken vrouwen en vooral jonge vrouwen zich meer dan mannen (in een verhouding van circa 3: 1).

' Ik zelf heb het nooit als iets destructiefs beschouwd. Ik vond het zo gewoon, het deed ook helemaal geen pijn. Dat je dat bloed ziet stromen, dat is een teken van leven. Het komt uit iets dat je als levenloos ervaart, dus daarom is dat heel belangrijk. Nooit heb ik begrepen waarom medische instanties zo geirriteerd konden raken, ik had het me zelf aangedaan.'

Aldus mevrouw Visser. Vanaf 1978 kent zij perioden waarin zij haar armen met scheermesjes bewerkt en opname volgt. Dat duurt meestal niet lang, zo'n een, twee weken. Een jaar is zij al 'clean'. Wanneer de spanningen toeslaan kan zij altijd bij een instantie terecht die haar dan tijdelijk onder haar hoede neemt, zo luidt de afspraak.

Ook de andere kant op is het moeilijk om een scherpe grens te trekken. Intensief roken en neuspeuteren, nagelbijten en krulletjes aanbrengen in het haar zijn nerveuze gewoonten (' Ik weet dat ik het doe, maar ik kan het niet laten') die niet onder automutilatie vallen, maar toch een raakvlak vormen.

Brandende sigaretten

De methoden die men volgt om zichzelf te verminken zijn uiteenlopend. Krabben, bijten, schuren, vreemde lichamen aanbrengen in en onder de huid en het gebruik van zuren en verhitte voorwerpen zoals kachels en brandende sigaretten. Bij voorkeur lichaamsdelen die doorgaans onbedekt zijn en daarom in het oog vallen zoals armen, benen en het gezicht worden verminkt.

Er bestaat een scala aan typen van automutilatie. Ruwweg kun je spreken van 'minder' tot zeer ernstige vormen. Dermatitis artefacta, een vorm van automutilatie waarbij echte huidafwijkingen eigenhandig gecreeerd worden, komt het meest voor en is herstelbaar.

Het de haren uit het hoofd rukken (trichotillomanie) waardoor lineaire of geometrische kale plekken ontstaan, 'selfcutting', het snijden met scheermesjes en afknelling van ledematen door middel van snoeren en touwen hetgeen oedeemvorming tot gevolg heeft, zijn hier voorbeelden van.

Ontkenning

Opvallend bij dit type van zelfverminking is de ontkenning van de patient zelf de aanstichter van het kwaad te zijn. Erger wordt het als de aangebrachte wonden zo diep zijn dat bijvoorbeeld tot amputatie overgegaan moet worden. Hier gaat het om zware psychotici die ineens iets aan hun lichaam kapot 'moeten' maken.

De plaats van het onheil en de manier waarop de daad voltrokken wordt is doorgaans willekeurig. Het zijn dan eerder toevalstreffers, coups die ook niet meer dan een paar keer gepleegd worden. Hersenletsel is hiervan meestal de oorzaak. Altom en Di Angelis (1989) beschrijven een man die eens in de zoveel tijd een rustige, serene plek in het bos opzoekt, aldaar zijn kiezen probeert te trekken en daarna naakt door de gang van een school gaat rennen.

De woestheid en de ongecoordineerdheid waarmee deze mensen te werk gaan zijn niet zonder meer betekenisloos. Er zijn mensen die met de hand op de bijbel zichzelf castreren na homoseksuele ervaringen. Overigens gaat het in de eerste plaats om de motivatie en niet om de verschijningsvorm, vindt H. Musaph, psychiater te Amsterdam. ' In ons vak kijk je door de buitenkant heen, hoe schokkend die ook moge zijn.'

Rituele karakter

Bij alle vormen van automutilatie word je getroffen door het rituele karakter: die stelselmatige herhaling van dezelfde handeling. Waarom doen mensen zichzelf zulk geweld aan?

' Het is heel gecompliceerd', zegt de heer H. J. Hulsebosch, chef de polikliniek dermatologie van het AMC te Amsterdam, ' er zijn vele oorzaken denkbaar. Sommigen komen met die klacht als handicap, als excuus om iets niet te hoeven, bijvorbeeld om zich onder dienstplicht uit te draaien, Bilanzartefakten genaamd. Omgekeerd kan het door geestelijke stress komen waardoor men uit is op aandacht. Je herkent het vrijwel altijd, aan de plaats een plek waar de patient goed bij kan, het aspect en de vreemde vorm. Het oogt dan onnatuurlijk en je kunt het niet herkennen als een jou bekende huidaandoening. Vaak ben je er snel achter als je iemand vraagt of hij links- dan wel rechtshandig is.'

' Je kunt twee groepen onderscheiden: zij die zich hun daden realiseren en degenen die het in een soort schemertoestand doen. Vaak heb je het gevoel dat ze weten hoe de vork in de steel zit. Je probeert de wonden te helen zonder enige beschuldiging te uiten. Het vereist eigenlijk de subtiele speurzin van een detective. Na verloop van tijd ben je louter op psychosociaal niveau bezig. Je probeert de patient via omwegen naar de psycholoog te loodsen, door te benadrukken dat bijvoorbeeld hun werksituatie meer aandacht moet krijgen. Er zijn op deze afdeling vier mensen werkzaam uit de sociale sector. Eens was hier een meisje dat zich niet liet doorsturen. Die houd ik dan min of meer onder mijn hoede. Een andere dame bewerkte haar benen met verhitte krulspelden. Ik heb haar toen intensief begeleid. De symptomen zijn daarna verdwenen. Nooit is ter sprake gekomen dat zij zelf haar aandoening veroorzaakte en de reden waarom al helemaal niet. Omzichtigheid zij geboden.'

Dit laatste onderschrijft de heer W. W. van der Schaar, als psycholoog werkzaam op dezelfde afdeling: ' Het is een nonverbale uiting van een emotie die deze mensen niet kunnen uitspreken. Om toch een boodschap over te brengen verminken zij zich. Deze indirecte manier van contact zoeken geeft al aan dat je hen met omtrekkende bewegingen moet benaderen. Ze doen het niet voor niets. Verder zijn zij niet bepaald 'eager' om erachter te komen wat hen tot zulke daden aangezet heeft. Overigens tasten ook wij in het duister. Vaak is het een kwestie van gissen; je weet dat het op stressvolle momenten gebeurt. Maar dan leg ik de relatie, niet zij. Ik heb tientallen patienten de revue zien passeren en drie heb ik mogen genezen. En waarom dat lukte, ik zou het werkelijk niet weten.'

Van der Schaar schetst de gang van een meisje dat van de ene afdeling naar de andere zwierf, het zogenaamde 'medisch shoppen'. Met een Mona Lisa-glimlach zette zij het hele AMC op zijn kop. Van der Schaar laat een tekening zien die hij van haar gemaakt heeft: een spin in het midden van zijn web met aan de uiteinden alle specialismen die maar denkbaar zijn.

Strafbehoefte

Opvallend is de ambivalentie die de patient, zowel dader als slachtoffer, ten toon spreidt. De gapende wonden doen tragedies vermoeden, terwijl ze met een montere onverschilligheid aan de arts gepresenteerd worden. Deze dient dan ook een pleister en niet een vinger op de wonde te leggen.

' Het was voor mij een logische stap. Ten eerste voelde ik me niks waard dus deed ik het uit strafbehoefte, ten tweede wilde ik iets voelen. Dat bloed moest ik zien vloeien. Ik kon nooit zo goed nagaan waarom ik het dan weer gedaan had. Als je het probeerde uit te leggen wilden ze eigenlijk niet luisteren. Ik praatte er dus niet veel over.' Aldus een patiente.

Ping-Nie Pao schetst hun toestand als volgt. Door gestoorde affectrelaties in de jeugd zijn deze mensen niet in staat om op een gewone manier contact te maken met anderen. Zodra zich emotionele spanningen voordoen biedt verwonding uitkomst, omdat de opluchting, de ontlading die daarop volgt, groot is. In dit opzicht wordt zelfverwonding wel eens gezien als een variant op auto-erotiek, of masturbatie. Doorgaans bevinden zij zich vlak voor het moment supreme in een staat van autisme, van letterlijke gevoelloosheid die zelfs de verpleging angst inboezemt.

In hoeverre zelfverminking als suicidaal gedrag beschouwd kan worden is onduidelijk. Hoewel de uiterlijke verschijningsvorm (de afbraak van het lichaam) van beide gedragingen overeenkomt, verschillen de intenties. Kort gezegd komt het hierop neer dat een automutilant zichzelf tot leven wil wekken en dat iemand die suicidaal is juist het tegenovergestelde beoogt. Voor de buitenwacht blijft het moeilijk inleefbaar dat destructie ook een opbouwende kant kan hebben.

Over de vraag waarom meer vrouwen dan mannen tot zelfverminking overgaan valt in feite slechts te speculeren. Musaph zegt hierover: ' Bij de vrouw speelt de huid een belangrijker rol in de ontwikkeling van de seksualiteit dan bij de man. Ten tweede is er een culturele kant. Wij leven in een mannenmaatschappij waarin de vrouw met allerlei middelen de man moet behagen. Met make-up, rouge, lipstick enz. ben je met de huid bezig. Wij maken onze nagels niet op, u wel!'

Hulsebosch: ' Het zijn meestal jonge vrouwen uit de dienstverlenende sector. Zo'n ziekte heeft alles te maken met instelling. Uit ervaring blijkt dat deze mensen gepredisponeerd zijn tot dit soort ziekten. Het is niet zo dat ze een bepaald beroep kiezen om beter uit de voeten te kunnen met zekere instrumenten e.d. Het liefdevolle, toegewijde type hanteert zelfverminking als pathologisch uitingsmechanisme. Zij proberen heel aardig te zijn voor anderen, terwijl ze met zichzelf overhoop liggen. Ze moeten een uitlaatklep hebben voor de disharmonie in zichzelf, dus dan hun eigen lichaam maar.'

    • Hester Oey