Rechten en plichten

EEN JAAR regeringsverantwoordelijkheid en het beeld van de PvdA is drastisch gewijzigd. De partij die nog maar twee jaar geleden te boek stond als de pleitbezorger van alles wat zich 'ziek, zwak en misselijk' voelde, is druk bezig zich van dat imago te ontdoen. De koppeling tussen lonen en uitkeringen staat nog steeds hoog in het vaandel, maar dan moeten de sociale-zekerheidsregelingen ook alleen worden gebruikt door degenen die daar echt op zijn aangewezen. 'De tolerantiegrens waar misbruik wordt getolereerd, is wat mij betreft nul', aldus vice-premier en PvdA-leider Kok vorige week in Scheveningen tegenover een gehoor van ondernemers. Fractievoorzitter Woltgens deed er het afgelopen weekeinde nog een schepje bovenop: bij gebleken misbruik mag wat hem betreft de uitkering met honderd procent worden gekort. Zoveel gespierde taal kan zelfs het CDA niet aan. Fractievoorzitter Brinkman greep gisteravond de 'nieuwe flinkheid' van de PvdA met beide handen aan om te waarschuwen voor een heksenjacht op uitkeringen.

DE INTENTIES van de PvdA zijn niet echt nieuw. De partij heeft vrij naar de Internationale altijd gesteld dat wie rechten heeft ook plichten kent. Het gaat dan ook alleen om de toon waarop een en ander wordt gezegd die is veranderd. In het verleden wilden partijvertegenwoordigers nog wel eens vergoelijkend spreken over laakbaar gedrag van sommige uitkeringsgerechtigden. Er waren immers geen banen, dus je kon ook niet te veel eisen. Dat is nu anders. Er zijn 150.000 vacatures, er is een scala van werkgelegenheid bevorderende arbeidsmarktmaatregelen dat maar ten dele wordt gebruikt en er is een nauwelijks slinkende groep langdurig werklozen.

Vooral de gemeentelijke sociale diensten mogen zich aangesproken voelen door de woorden van Kok en Woltgens. Wat beiden vooralsnog verlangen is niet meer dan dat de bestaande regels worden nageleefd. 'Eerst de regels toepassen en als het moet aanscherpen', aldus Kok vorige week in Scheveningen. Die wens is niet nieuw. In de Tweede Kamer is de afgelopen jaren keer op keer aangedrongen op strengere naleving van de regels. Maar telkens verzandde deze aansporing in de gemeentelijke autonomie.

DE OPLOSSING ligt voor de hand: gemeenten zullen een grotere financiele prikkel moeten krijgen om de regels ook werkelijk zo goed mogelijk toe te passen. Op dit moment nemen gemeenten tien procent van de bijstandskosten voor hun rekening. Eerdere voorstellen om dat percentage te verhogen naar twintig procent heeft de krachtige gemeentelobby altijd tegen kunnen houden. Toch lijkt dit de enige manier om sociale diensten er toe te bewegen uitkeringsgerechtigden niet alleen op hun rechten te wijzen, maar ook op hun plichten. De PvdA-top heeft een eerste stap gezet; als de PvdA-wethouders volgen is er al heel wat gewonnen. Want als er van uit kan worden gegaan dat de regels worden toegepast, wordt ook voorkomen dat de uitkeringsgerechtigden worden gestigmatiseerd.