Pomphouders vragen om vergoeding voor betalen metpasjes

ROTTERDAM, 6 nov. Pomphouders vinden dat zij niet meer voor de de kosten van de electronische betaling met bankpasjes moeten opdraaien. De pomphouders overwegen die kosten aan de automobilist door te berekenen.

De Bovag, die 3700 pomphouders en brandstofverkopende autobedrijven vertegenwoordigt, zegt dat de extra kosten die met dat systeem zijn gemoeid, niet meer door haar leden zijn op te brengen. De Novok, een organisatie van 300 vrije pomphouders steunt het standpunt van de Bovag.

Tot nu toe dragen de pomphouders zelf de kosten voor het electronisch betaalgemak van de automobilisten. Betaling met bankpasjes neemt echter zulke omvangrijke vormen aan dat de kosten daarvan een te zware last voor de pomphouders wordt. Op een liter benzine zit een gemiddelde marge van acht cent. Betaling met betaalpasjes betekent een margevemindering van een cent per liter, aldus de Bovag. Volgens de Bovag is dat per transactie al snel twee kwartjes.

Morgen voert de Bovag met haar leden overleg over de te nemen stappen. De Bovag geeft er de voorkeur aan dat de banken of de benzinemaatschappijen de extra kosten op zich nemen. Die weigeren dat vooralsnog te doen. Een alternatief is doorberekening van de kosten aan de klant. Daarmee zou de benzineprijs met een cent per liter omhoog gaan of vijftig cent per transactie die wordt afgerekend met de betaalpas.

De ANWB vindt het onacceptabel als de automobilist voor de extra kosten van het electronisch betalen zou moeten opdraaien. Het systeem is door de banken ingevoerd. De consument heeft er niet om gevraagd, aldus de ANWB. Bovendien moedigt volgens de ANWB doorberekening van de extra kosten aan de klant betaling met contant geld weer aan, wat weer ten koste gaat van de veilgheid van de pomphouders.