NS schrappen 700 banen bij goederenvervoer

UTRECHT, 6 nov. Bij NS-Goederenvervoer moeten tot eind 1993 700 arbeidsplaatsen vervallen.

Deze tak van de Nederlandse Spoorwegen staat voor een ingrijpende reorganisatie die er uiteindelijk toe moet leiden dat in 2010 er juist weer te minste 550 arbeidsplaatsen meer zijn bij het goederenvervoer per rail.

Dit staat in het Toekomstplan Goederenbedrijf dat de Nederlandse Spoorwegen vanmiddag hebben gepresenteerd.

De NS-directie verwacht dat er geen gedwongen ontslagen zullen vallen, maar geeft daarvoor geen garantie. Het verloop van het personeel bij het spoorbedrijf omvat jaarlijks zo'n 1500 personen, terwijl bij het personenvervoer van de NS een groei van het aantal arbeidsplaatsen wordt voorzien.

Het verlies aan arbeidsplaatsen betreft 50 machinisten, 500 man aan rayonpersoneel en 150 bij overige diensten, zoals Materieel en Werkplaatsen en Infrabeheer.

De meeste arbeidsplaatsen vervallen in Amsterdam en in het Noorden, Oosten en Zuiden. De rangeerstations in Venlo en Onnen worden gesloten en dat in Amersfoort blijft slechts open voor dienstvervoer. Eind 1993 zal alleen het rangeerstation in Kijhoek nog open zijn, alsmede een nieuw, gecombineerd rangeer- en overslagstations langs de toekomstige Betuwelijn.

De doelstelling van het plan is dat de vervoersomvang bij NS-Goederenvervoer, nu minder dan 20 ton per jaar, groeit naar 40 miljoen over 10 jaar en naar 65 miljoen in 2010 en dat in dat jaar een positief resultaat is bereikt van 300 miljoen gulden. De laatste jaren daalt de vervoersomvang juist en lijdt NS-Goederenvervoer verlies.

Om deze trend om te buigen moet NS-Goederenvervoer zich volgens het plan richten op vijf 'speerpunten': chemische produkten, gecombineerd vervoer (transport gedeeltelijk over weg of water en gedeeltelijk per rail), afval en meststoffen, ijzer en dergelijke, alsmede voertuigen. Het aantal los- en laadplaatsen wordt verminderd van 77 naar 25 a 30; daar staat de komst tegenover van zes zogenoemde Rail Service Centers, waar het gecombineerd vervoer wordt gecoordineerd. Daarvan komen er twee in Rotterdam (Waalhaven en Maasvlakte) en verder vestigingen in de Amsterdamse regio, het Noorden, het Zuiden en in Midden-Nederland.

De bedoeling is voor het goederenvervoer vier nieuwe treinsoorten te introduceren en daar het produktiemodel op te baseren. De Unit Cargo is er voor het vervoer voor diverse klanten die samen voldoende zijn voor een trein, de Charter Cargo biedt complete treinen voor een klant (bijvoorbeeld voor kalk, olie of gas), de Combi Cargo is er voor het gecomineerd vervoer (containers, opleggers) en System Cargo biedt een klant (de VAM of de PTT bijvoorbeeld) een vervoerssysteem dat laad- en lospunten in een vast patroon aandoet. Het betekent in de praktijk minder rangeren en meer complete treinen laten rijden.

Voor uitvoering van het plan en de verdere toekomst van NS-goederenvervoer is volgens de NS-directie medewerking van overheid en bedrijfsleven onontbeerlijk. Van de overheid wordt gevraagd de financiele verantwoordelijkheid voor de infrastructuur over te nemen en van het bedrijfsleven wordt verwacht dat het actief mee zal doen aan het goederenvervoer per rail.