Sri Lanka: meer dan 60.000 mensen verdwenen sinds '87

COLOMBO, 5 nov. In het zuiden van Sri Lanka zijn sinds 1987 ten minste 60.000 mensen verdwenen. Dit zegt een Europees onderzoeksteam, bestaande uit twee Britse Europarlementariers, een Belgische en een Nederlandse jurist, dat werd gestuurd door de Britse organisatie 'Friends of the Disappeared'. Het team verbleef eenweek in Sri Lanka en sprak daar met organisaties voor de rechten vande mens, familie van verdwenen mensen, advocaten en politici.

Het onderzoeksteam toonde zich vooral bezorgd over het feit dat de verdwijningen doorgaan ondanks de verklaring van de Sri-Lankese autoriteiten dat de situatie in het zuiden is genormaliseerd. Vanaf 1987 was het zuiden van Sri Lanka het toneel van een bloedige strijd tussen regeringstroepen en het marxistische Volksbevrijdingsfront (JVP).

Vorig jaar kwam met de dood van nagenoeg de hele top van de JVP en de arrestatie van veel kaderleden een eind aan de gevechten. Toch verdwijnen volgens het onderzoeksteam wekelijks nog tientallen mensen.

In het verslag zijn verklaringen van getuigen opgenomen, die zeggen dat regeringsmilitairen en veiligheidstroepen verantwoordelijk zijn voor het grootste deel van de verdwijningen. Ook advocaten die habeas-corpus-procedures instellen een procedure om het lot van een verdwenen persoon te laten onderzoeken zouden gevaar lopen ontvoerd of vermoord te worden.

De Sri-Lankese regering gaf vorige week bij monde van onderminister van defensie Wijeratne toe dat leger en politie betrokken zijn geweest bij wraakacties tegen de JVP, maar hij beloofde dat de schuldigen zoudenworden gestraft. Wijeratne bevestigde ook dat 10.000 vermeende ledenvan de JVP nog altijd gevangen zitten.

Terwijl in het noorden de strijd tegen de Tamil Tijgers in alle hevigheid verder gaat, is volgens de regering de situatie in het zuiden van Sri Lanka genormaliseerd. Het onderzoeksteam spreekt in het rapport daarentegen de vrees uit voor nieuwe excessen in het zuiden. (AFP, Reuter)