Franse scholieren: beter onderwijs

PARIJS, 5 nov. De leerlingen van de Franse middelbare scholen hebbende regering de wacht aangezegd. Ze eisen betere en ruimere schoolgebouwen, meer bewaking, meer onderhoud, meer leraren, kortom betere scholen.

Vele tienduizenden lyceisten zijn de afgelopen weken het eerst in Parijs, maar later ook in talrijke andere Franse steden de straatopgegaan om hun eisen kracht bij te zetten.

Vandaag volgt een krachtproef met een grote demonstratie voor de Kamer van Afgevaardigden, die de nationale begroting van onderwijs behandelt.

Met hun 'opstand' willen de lyceisten niet, zoals de studentenin 1968, de verbeelding aan de macht brengen maar grotere uitgaven afdwingen. Na drie demonstraties in Parijs kondigde premier Michel Rocard een week geleden aan dat er duizend man onderhoudspersoneel zal worden aangetrokken. Maar de leiders van hetscholierenprotest hebben deze toezegging als onvoldoende van de hand gewezen.

Enkele jaren geleden voerde de regering van president Mitterrand een decentralisatie bij het onderwijs door. Leraren, technisch onderhoudspersoneel en surveillanten worden sindsdien uit de nationale onderwijsbegroting betaald, maar de bouw en onderhoud van scholen is de verantwoordelijkheid van lagere overheden, verenigd in regio's. Maar die zitten niet te ruim in hun financiele jas en zagen zich bovendien geconfronteerd met een toevloed van leerlingen nadat de eisen voor het bacalaureaat (eindexamen) waren verlaagd.

Het gevolg is overvolle scholen van wel 3.000 a 4.000 leerlingen, met weinig recreatie- en studieruimte, te weinig toezichthoudend personeel, veel achterstallig onderhoud en teken des tijds toenemende agressie. Vooral in de scholen in het dichtbevolkte noorden van Parijs zijn diefstallen, vechtpartijen en dreigementen aan de orde van de dag.

Meer veiligheid was dan ook de belangrijkste eis van de duizenden lyceisten die vorige week in Parijs demonstreerden. 'Nee tegen het getto-lyceum' luidde een leus. En een schoolkrant die in de menigtewerd meegevoerd, had als belangrijkste nieuws: 'Men besteelt ons van twee bromfietsen per dag', een gemiddelde dat ook in Nederland niet onbekend is.

De grote politiek heeft zich tot nu toe tamelijk afzijdig gehouden van het scholierenprotest. Aan de basis is daarentegen activiteit in overvloed: jonge communisten uit de noordelijke Parijse voorsteden proberen zich meester te maken van een 'beweging die nog geen bewegingis'. Ze rivaliseren daarbij met socialistische jongeren en leden van SOS Racisme, een beweging die opkomt tegen rassendiscriminatie.