Een milieuvriendelijke jachtpartij

Het 'Verboden voor honden' geldt niet voor de Lambertuskerk in Someren. Op 3 november, de feestdag van Hubertus, staan de jagers enhun honden centraal in het kerkje. Twee aangelijnde foxhounds van dejagersvereniging Veluwe Hunt flankeren tijdens de mis het altaar. Dan zegent Pastor J. Verhees het Hubertusbrood, bestaande uit tientallen kleine, witte bolletjes.

Na de mis verzamelen veertig honden, dertig paarden en hun berijders zich op het plein voor het gemeentehuis. Terwijl de hoornblazers van de Antwerpse jachthoornkring hun plechtige klanken over het plein laten rollen, wordt het brood uitgedeeld onder de deelnemers. Daarmee wordt het gevaar van hondsdolheid bezworen, zo wil de legende. Na de zegening van hond, paard en ruiter gaan de caps weer op het hoofd. Met een vriendelijk knikje naar de pastoor en de burgemeester wendende ruiters zich van het plein af en zetten koers naar de jachtvelden.

Omstreeks het jaar 700 was Hubertus bisschop van Luik en Maastricht. Volgens de christelijke overlevering verdwaalde hij tijdens de jachttoen hij een groot hert op het spoor kwam. Het hert, in het nauw gebracht door de jager, draaide zich om en er verscheen een kruis in hetgewei. Hubertus zou zich daardoor hebben bekeerd. De jacht, vernoemdnaar de patroon van de jagers, wordt sinds de oprichting van de Veluwe Hunt in 1947 jaarlijks gehouden. Altijd op de eerste zaterdag vannovember, 'en als dat toevallig 3 november is, is het dubbel feest', zegt een organisator. Someren, een natuurrijke gemeente tussen Weert en Helmond, organiseert de Hubertusjacht voor de elfde keer.

Jachtrok

Om half twee vertrekt de indrukwekkende stoet van het gemeentehuis naar de bossen van Someren. Een ruiter, de 'sliptrekker', is de vos: hij sleept een in vossemest gedrenkte juten zak achter zich aan en trekt een spoor. Na een kwartier mogen de honden hem proberen te vinden. De jagers van de Veluwe Hunt, gekleedin de traditionele rode jachtrok met gele kraag, zetten op hun beurt de achtervolging in.

De tocht gaat dwars door de gemeente: over maisvelden, akkers, door de bossen en over de hei. De oudste deelnemer, de bijna tachtigjarige generaal b.d. Brackel, neemt direct het initiatief alseen deel van de honden vlak na de start op het verkeerd spoor zit, vermoedelijk een (echt) konijn. Met een sierlijke sprong, die een jarenlange ervaring en toewijding verraadt, neemt hij de eerste greppel en drijft de konijnenjagers terug in de pack. Even later roept iemand dat dat zijn taak helemaal niet is; daar is de huntsman voor, geassisteerd door twee whippers-in.

Achter de jagende paarden proberen de toeschouwers in een peloton van zo'n vijftig auto's, stapvoets rijdend over nauwelijks begaanbare bospaden, een glimp van de meute op te vangen.

De burgemeester van Someren, H. A. J. Roels, rijdt mee in de auto van brandweercommandant en paardenliefhebber Wijlaars. Ze nemen de leiding van de achtervolgende automobilisten op zich tijdens het eerste gedeelte van de jacht, die in totaal drie 'runs' van zes a zeven kilometer telt.

Er gaat iets mis: de honden hebben de zak met vossemest binnen een kilometer achterhaald. 'Die sliptrekker moet een beetje doorjakkeren', zegt Wijlaars verontwaardigd tegen de burgemeester. 'Dit is nog nooit gebeurd. Het is natuurlijk knap van de honden, maar op deze manier is het spel snel afgelopen. Ze kunnen het spoor nog gemakkelijk oppakken als ze een achterstand van een half uur hebben.'

Op een kruising van twee paden, waar het bos ophoudt en de hei begint, houdt de eerste auto stil. Er ontstaat een file van enkele honderden meters op het pad. De toeschouwers verlaten de auto's en drommen samen rond de plek waar de meute zou moeten passeren. 'Hier vos een', roept een lid van het organiserend comite door een walkie-talkie. 'Wat is er aan de hand? ... Over.' Tussen het gekraak door wordt duidelijk dat de sliptrekker de zak met mest is kwijtgeraakt. Lang zoeken is niet nodig; de honden van de Veluwe Hunt zijn goed getraind. Maar de eerste run is op wrede wijze verstoord, net als de concentratie van de honden.

Terwijl de regen gestaag neerdaalt op het Brabantse land groeit het besef dat het geen dag voor de toeschouwers zal worden. De volgelopen kuilen en modderige bospaden maken het voor een volgauto vrijwel onmogelijk een mooi overzicht van de jacht te krijgen. Een keer zien burgemeester en brandweercommandant datgene waarvoor ze inde auto gestapt zijn: in de verte trekt de meute over een weiland, op devoet gevolgd door de jagers, de generaal b.d. voorop.

Toekomstplan

De burgemeester begrijpt niet waarom de jacht altijd in verband wordt gebracht met de milieubeweging. Nee, in de gemeenteraad van Someren wordt nooit geklaagd over de Hubertusjacht. De partijen zijn het er over eens dat een jachtpartij een keer per jaar geen kwaad kan. De gemeente, met 8.400 hectaren de op twee na grootste van Noord-Brabant, heeft nog duizend hectare bos in eigen beheer. 'Daarom kunnen we deze jacht nog houden', zegt Roels. 'We leggen de routes uit in overleg met mensen van Staatsbosbeheer. Er wordt toch nergens op geschoten? Bovendien is het normaal dat er dieren lopen in de natuur.' De jaarlijkse jachtpartij is zelfs opgenomen in het toekomstplan voor de bossen bij Someren, vertelt Roels. 'Ik denk dat het zelfs goed is voor het natuurlijk evenwicht.'

Aan het einde van de jacht, als de Antwerpse jachthoornkring tijdensde 'kill', de beloning voor de honden (geen vos maar koeiepens), voor de laatste keer het jachtlied aanheft, wil de burgemeester nog wel kwijt: 'Er is wel eens een milieubeweging of een dierenbeschermingsorganisatie die heeft geklaagd over de jacht. Maar in Someren hebben we dat nog niet meegemaakt. In het westen zijn demilieubewegingen wat agressiever dan in het zuiden.'

Ooit, zo vertelt een bezoekers na afloop van de kill met een glas Gluhwein in de hand, hebben boze activisten de kerk van Udenhout besmeurd met bloed, uit protest tegen de Hubertusjacht in de Drunense duinen. 'De milieubeweging wist niet dat er niet geschoten werd tijdens de jacht.' De burgemeester van Udenhout verbood de Hubertusjacht en Someren kwam in beeld bij de Veluwe Hunt. Roels: 'Het was daar net kermis in Udenhout. Honderden deelnemers, veel teveel. Dat was schadelijk voor het milieu. Dan zou ik het als burgemeester ook niet meer toestaan, denk ik. Wij houden het lekker klein.'

In het voetspoor van Veluwe Hunt tijdens de Hubertusjacht in de bossen bij Someren

Foto Freddy Rikken