Pleidooi voor grote schoonmaak van Maas

DEN HAAG, 3 nov. Onder alle vervuilde rivieren is ook de Maas, bron van drinkwater voor onder andere Rotterdam, Den Haag, West-Brabant en Zeeland, een zorgenkind van formaat. Parlementsleden uit de Benelux, Frankrijk en Duitsland willen daar verandering in brengen. Naar het voorbeeld van de Rijn moet er een internationale Maascommissie komen, alsook een Maasactieplan dat voorziet in een grote schoonmaak van de rivier.

Deze verlangens staan in een ontwerp-resolutie, die op 23 november definitieve vorm moet krijgen op een interparlementaire Maasconferentie in Maastricht. Het initiatief hiervoor kwam van het Benelux-parlement en werd aangereikt door dr. K. Zijlstra als voorzitter van de commissie voor het leefmilieu.

Doel van de inspanningen is volgens Zijlstra, Tweede-Kamerlid voor de PvdA, dat het Maaswater in het jaar 2000 een kwaliteit heeft 'die voldoet aan de eisen van een ecologische basisfunctie'. Deze formule houdt vooral in dat de waterkwaliteit in beginsel het hele jaar door geschikt is voor de bereiding van drinkwater.

Op het ogenblik is dat een vrome wens. Het waterwinbedrijf Brabantse Biesbosch, dat zijn afnemers een 'halffabrikaat' levert, moet de inname van Maaswater regelmatig stoppen, omdat er te veel schadelijke of ronduit giftige stoffen in zitten. In 1988 was het zes keer raak, vorig jaar vier keer. Dit jaar lag de inname stil van 11 juli tot 3 augustus door een te hoge concentratie bestrijdingsmiddelen, afkomstig van de vele maisakkers langs de Maas. Zo'n lange periode (23 dagen) was zelfs in Nieuwegein aan de Lek, waar Rijnwater wordt getapt voor Amsterdam, nog niet voorgekomen.

Bovendien, aldus Zijlstra, moet het Maaswater in 2000 op eenvoudige, grotendeels natuurlijke wijze kunnen worden gezuiverd. Dat wil zeggen: zonder te veel chemische zuiveringsmiddelen toe te passen.

Aan de ontwerp-resolutie ligt een rapport van verschillende onderzoeksinstituten ten grondslag. Het geeft een opsomming van alle schadelijke stoffen die de Maas op haar traject door Frankrijk, Belgie en Nederland en zijrivieren als Sambre en Vesdre te verwerken krijgen. Daartoe behoren zware metalen (in het bijzonder cadmium), fosfaten en nitraten, die vrijkomen door diffuse lozingen uit de landbouw, het radioactieve tritium, afkomstig uit de kerncentrales in Tihange (Belgie) en Chooz (op Frans grondgebied vlakbij de Belgische grens), pesticiden en polycyclische aromatische koolwaterstoffen (PAK's), waaronder het beruchte, kankerverwekkende benzo(a)pyreen.

Zijlstra verwacht op 23 november in Maastricht een kleine vijftig parlementariers uit de betrokken landen. Daar zijn ook Duitsers bij, omdat een paar zijriviertjes van de Maas in de Bondsrepubliek ontspringen. Belgie wordt vertegenwoordigd door afgevaardigden uit het nationale parlement en de drie gewestelijke colleges: van Vlaanderen, Wallonie en Brussel. Ook de hoofdstad van Belgie krijgt haar drinkwater grotendeels uit de Maas en hetzelfde geldt voor Vlaanderen. Wallonie daarentegen teert vooral op zijn voorraad grondwater.

Juist deze partner in het overleg heeft een slechte naam waar het gaat om de vervuiling van de Maas. Vooral in Wallonie wordt nog zeer veel ongezuiverd rioolwater op de rivier geloosd, terwijl de verouderde industrieen in dit gewest verantwoordelijk zijn voor een aanzienlijk deel van de vracht aan chemicalien en zware metalen. 'Toch is dat negatieve beeld niet helemaal terecht', vindt Zijlstra onder verwijzing naar een nieuw Waals decreet, dat op 1 januari volgend jaar in werking treedt.

Volgens dit decreet krijgen de afnemers van drinkwater uit de Maas voortaan een heffing van drie franc (zestien cent) per kubieke meter opgelegd. De opbrengst zal worden benut om zuiveringsinstallaties langs de Maas te bouwen en zo de kwaliteit van het rivierwater te verbeteren. Het geld, aldus Zijlstra, kan zelfs dienen om zwaar vervuilende bedrijven, waar geen kruid tegen gewassen is, te onteigenen en stil te leggen.

Een ander gunstig teken ziet hij in het uitzetten van de zalmforel, een varieteit van de beekforel, die op den duur weer in de Maas moet gedijen. Ook weer naar het voorbeeld van de Rijn, waar de zalm in het jaar 2000 op eigen kracht moet zijn teruggekeerd.

Als de parlementariers straks bijeenkomen, gebeurt dat los van de reguliere onderhandelingen tussen Belgie en Nederland over de zogenoemde waterverdragen. Deze dateren van 1975, maar zijn nooit in werking getreden als gevolg van interne Belgische tegenstellingen. De bewuste verdragen behelzen een koppeling niet juridisch, maar wel feitelijk van twee brandende kwesties tussen Nederland en Belgie: uitdieping van de Westerschelde om de Antwerpse havens beter toegankelijk te maken in ruil voor een schonere Maas. Het Maasgedeelte van de dubbele overeenkomst vereist een reeks kostbare maatregelen op Waals grondgebied (ook om de toevoer van water naar Nederland in droge tijd te garanderen) ten gunste van Antwerpen en daar hebben de Walen zich altijd krachtig tegen verzet. Waarom zouden wij betalen voor een Vlaamse haven? luidde hun redenering.

Het slepende geschil is onderwerp van overleg tussen een Nederlandse delegatie onder leiding van ex-premier Biesheuvel en een Belgische onder leiding van de Vlaming M. Poppe, gepensioneerd secretaris-generaal van het ministerie van verkeerswezen te Brussel. Daar is echter nog steeds geen tastbaar resultaat uit gekomen.

Intussen heeft Zijlstra uit gesprekken met Waalse en Vlaamse functionarissen de indruk gekregen dat er de laatste tijd aan een andere koppeling wordt gedacht. 'Brussel en Vlaanderen', zegt hij, 'hebben groot belang bij deugdelijk drinkwater uit de Maas. In ruil daarvoor zouden zij willen bijdragen aan de sanering van de Maas, omdat het financiele draagvlak daarvoor in Wallonie zelf ontoereikend is.'