Ontwerp grondwet Zuid-Afrika laat groepen intact

PRETORIA, 3 nov. In Zuidafrikaanse regeringskringen wordt gewerkt aan een plan voor een grondwet die ruimte zou moeten geven aan een zwarte meerderheidsregering, maar waarin zoveel blokkeringsmechanismen worden ingebouwd dat het risico bestaat dat de apartheid op een effectieve manier wordt verankerd.

Het hoofdkenmerk van het plan is de vorming van een parlement dat uit twee kamers bestaat: een rechtstreeks gekozen huis van afgevaardigden en een senaat waarin 'groepen' en gebieden vertegenwoordigd zullen zijn, zonder dat wordt gelet op de grootte.

Met slechts een derde of een kwart van de stemmen kan de senaat een wet afkeuren die door een zwarte meerderheid in het huis van afgevaardigden is aangenomen, als die wet in de ogen van een deel van de senaat de zogenoemde 'minderheidsrechten' aantast. Deze minderheidsrechten beslaan een verbazingwekkend uitgebreide verzameling punten, van garanties over periodieke verkiezingen tot vastlegging van het vrije-markt-systeem en bescherming tegen het socialisme of een 'onregverdige belastingstelsel'.

Ook het recht om te leven, te werken en te wonen met 'eigen mensen' valt onder de minderheidsrechten. Mensen die hun leven in apartheid voort willen zetten, kunnen zo in gescheiden gemeenschappen blijven wonen en hun kinderen naar 'eigen' openbare scholen sturen.

De gedachten van de regering over de grondwet zijn de afgelopen twee maanden stukje bij beetje uit de doeken gedaan door Gerrit Viljoen, minister van constitutionele zaken, in een serie toespraken tijdens de provinciale partijcongressen van de regerende Nationale Partij.

Viljoen heeft ook duidelijk gemaakt dat in het systeem dat hem voor ogen staat, de macht van de zwarte meerderheid verder wordt ingeperkt door een 'collegiaal kabinet' met ministers uit de verschillende groepen afgevaardigden in de senaat en uit het huis van afgevaardigden. Besluiten zouden genomen moeten worden op grond van consensus. Feitelijk geeft dit de vertegenwoordigers van de 'groepen' weer een vetorecht.

Viljoen stelt voor dat aan het hoofd van dit kabinet geen president of premier zal staan, maar een roulerend voorzitter, zoals ook in Zwitserland het geval is. Als andere mogelijkheid noemt hij een systeem waarin de uitvoerende macht is verdeeld tussen de president en de premier. De twee kamers van het parlement zouden elk een kandidaat voor deze functies moeten leveren.

Algemeen kiesrecht

Kenmerkend voor het plan is dat het voor meer dan een uitleg vatbaar is. President F. W. de Klerk heeft tijdens zijn recente buitenlandse reizen de nadruk gelegd op zijn toewijding aan een systeem van algemeen kiesrecht, waarbij iedere stem gelijke waarde heeft. Daar voegde hij het beding aan toe, dat de grondwet ook zal voorzien in 'de bescherming van minderheden'.

De Klerk heeft de indruk versterkt dat hij een meerderheidsregering zal accepteren toen hij, twee weken geleden tijdens zijn bezoek aan Nederland, zei dat hij bereid zou zijn onder elke constitutioneel gekozen president te dienen, ook onder Mandela. Maar nu hij weer thuis is probeert hij die indruk ongedaan te maken en beschuldigt hij de extreem-rechtse Conservatieve Partij ervan de 'leugen' te verspreiden dat hij in een zwarte meerderheidsregering gelooft.

'Dat is een onwaarheid ', zei hij op 18 oktober tijdens het congres van de Nationale Partij in Transvaal. 'Wij hebben duidelijk gezegd dat wij een zwarte meerderheidsregering verwerpen en dat deze zal leiden tot overheersing van minderheidsgroepen. Wij bepleiten machtsdeling en niet zonder meer een meerderheidsregering.'

In een passage die deed denken aan de taal van de apartheid oude stijl, pleitte De Klerk er ook voor dat de regerende partij een nieuw Zuid-Afrika zou bouwen 'met inagneming van die behoefte van volke en gemeenskappe om hulleself te bly en die waardes, wat vir hulle kosbaar is, te kan bly handhaaf sodat die Zulus, die Xhosas, die Sothos en die blankes elkeen in sy eiesoortigheid veilig kan wees.'

Ook Viljoen heeft in zijn toespraken op de congressen sterk de nadruk gelegd op de belemmerende middelen en beschermingsmechanismen die hij voor de nieuwe grondwet in gedachten heeft, waarbij hij soms gebruik maakte van termen uit het apartheidsjargon.

Zo sprak hij over de behoefte de rechten te beschermen van individuen, minderheden en 'nasionale entiteite' en gebruikte hij het emotioneel beladen Afrikaanse woord 'volksregte', dat rechtstreeks uit het lexicon van de apartheid komt.

Het ontbrak niet aan hervormingsgezinde opdrachten in de toespraken. Viljoen deed zeer veel moeite om de partijleden te vertellen dat het groepsconcept gescheiden moest worden van ras en moest worden gebaseerd op andere criteria zoals cultuur, religie of taal. Hij zei ook dat lidmaatschap van een groep op vrijwillige basis moet zijn en niet 'voorgeschreven door de statuten' zoals nu het geval is.

Sluwe manier

Viljoen zei op het provinciale congres in Natal op 31 augustus: 'Teneinde ons concept van de bescherming van minderheidsgroepen aanvaardbaar te maken, moeten wij heel duidelijk maken dat er een eind is gekomen aan discriminatie en dat de bescherming van minderheidsrechten geen vorm is van het invoeren van een ongelijke, oneerlijke en discriminerende behandeling.'

Ook moet duidelijk worden gemaakt dat het geen sluwe manier is om blanke privileges vast te leggen, aldus Viljoen. Maar binnen het ANC gelooft men dat dit wel zo is. Raymond Suttner, voormalig docent rechten aan de Witwatersrand-universiteit van Johannesburg en op het moment hoofd van de Afdeling Politieke Ontwikkeling van het ANC, denkt dat de regering probeert een grondwet te ontwerpen die 'de illusie zal wekken van een machtsoverdracht, maar waarin de macht zodanig zal worden ingeperkt dat de bestaande situatie blijft gehandhaafd'.

'Hierdoor zal de status quo worden gehandhaafd', zegt Suttner over het concept van Viljoen. 'De macht van de zwarte meerderheid zal door de beschermingsmechanismen dusdanig worden ingeperkt, dat het onmogelijk wordt gemaakt om veel te veranderen in een land dat de meest ongelijke verdeling van rijkdom en middelen ter wereld heeft.' Het probleem zoals Suttner het ziet, is dat het aanbod van de regering van stemrecht voor iedereen zo'n symbolisch effect zal hebben, dat het ANC onder geweldige internationale druk zal komen om het hele pakket te accepteren.

'Stemrecht voor iedereen', dat zal die dag de kop zijn in alle kranten, meent Suttner, 'wie maakt zich dan nog druk over de blokkerende mechanisme's?'

Suttner is ook bang dat de wereldopinie begrip zal hebben voor het op zich aanvaardbare idee dat minderheidsrechten beschermd moeten worden. 'Het verschil is dat daarmee over het algemeen de bescherming van onderdrukte minderheden wordt bedoeld, terwijl het in Zuid-Afrika de onderdrukker is, die het recht op bescherming opeist.'

Positieve sfeer

Viljoen heeft onderstreept dat de Nationale Partij geen constitutioneel model maakt om mee te nemen naar de onderhandelingstafel. De minister zegt dat de partij alleen een strategie voorbereidt en dat het onderhandelingsproces, dat naar hij hoopt begin volgend jaar op gang zal komen, begint met het inventariseren van de punten van overeenstemming tussen de deelnemende partijen om een positieve sfeer te creeren.

Niettemin heeft de geheime Broederbond, een denk-tank van prominente Afrikaners die achter de regering staan en waarvan Viljoen in het verleden voorzitter was, een ontwerp-grondwet verspreid onder zijn leden, die nauw aansluit bij de ideeen die Viljoen in zijn toespraken aan het Congres heeft geuit.

Ook de ontwerp-grondwet voorziet in een parlement van twee kamers: een rechtstreeks gekozen Huis van Afgevaardigden met 300 leden, en een Senaat, met tien leden uit elk van de tien regio's en tien van elke 'groep', die sterke vetorechten zou hebben. Het document van de Broederbond definieert een groep als een aantal mensen met een gemeenschappelijke cultuur, religie of taal. De groep moet meer dan 500.000 geregistreerde stemgerechtigden hebben, van wie zestig procent door een referendum kiest voor deze manier van vertegenwoordiging.