De gezusters Bisserov louteren lijf en ziel

Niks is zo knus als zingen met je zus, vonden de uit het Bulgaarse bergdorp Pirin afkomstige Lyubimka, Mitra en Neda Bisserov en zo kweelden ze heel wat af op oogstfeesten, trouwpartijen en andere festiviteiten. Ze werden ontdekt, mochten in 1978 naar het twaalfde Wereldjeugdfestival in Cuba en maakten in 1979 hun eerste plaat. Lyubimka en Mitra werden opgenomen in het Staatsensemble van Philip Koutev, dat drie jaar geleden met Les mysteres des voix bulgares voor een onverwacht kassucces zorgde. De Bisserov Sisters hadden aan de roem geroken en zeiden het Staatsensemble vaarwel om ook buiten de orkestvakanties op tournee te kunnen gaan.

Hun optreden in Nederland is niet alleen een bewijs van die zelfstandigheid, maar dient ook als promotie voor de deze week verschenen cd Bisserov Sisters, Music from the Pirin Mountains. Deze op het PAN-label verschenen CD werd vorig jaar juli opgenomen in Paradiso en daar gisteren gepresenteerd. Het concert dat erop volgde bereikte gaandeweg een zeer goed niveau en mondde na twee toegiften uit in een waarlijk Europees geintegreerde kringdans.

Men moet dan wel denken aan een Europa waarvan ook Turkije lid is, want de Bulgaarse volksmuziek is onmiskenbaar door de Turkse beinvloed. Niet alleen zijn de teksten soms in het Turks, ook het instrumentgebruik en de fraseringen verwijzen naar de vijfhonderd jaar durende overheersing door het Ottomaanse rijk.

De kaval, een driedelige houten fluit, roept de sfeer van een Oosterse markt op, de gadulka, een peervormige viool, wordt verticaal bespeeld en niet als in het Westen onder de kin geklemd. De drie instrumentalisten, de derde bespeelt een tamboera (een langhals-luit) bouwen een rijk versierd en beweeglijk decor, dat merkwaardig constrasteert met de met ijzeren precisie getrokken lijnen van de Bisserov Sisters.

De zusters specialiseerden zich in de zogenaamde diatonische zangtechniek waarbij Lyubimka de eerste stem zingt en Mitra en Neda de tweede. Het verbazingwekkende is niet deze rolverdeling, maar het feit dat ze elkaar parallel blijven volgen in ongebruikelijke intervallen; geen lieflijke tertsen of sexten, maar bij voorbeeld secunden, septimen en nonen. De keiharde, diep uit de keel gestoten klanken werken als een snijbrander met als resultaat een loutering van ziel en lichaam.

Voor liefhebbers van De Selvera's en andere Limburgse zusjes zijn deze harde heelmeesteressen duidelijk geen partij. Maar in de bergen van Pirin rijden nu eenmaal geen romantische diligences.