Saddams morbide tactiek

DE INTERNATIONALE ontwikkeling rondom Koeweit wordt voor een groot deel bepaald door bluf, propaganda en psychologische oorlogvoering. Men moet helaas erkennen dat de Iraakse leider Saddam Hussein dit spel behendig speelt. Hij speculeert er terecht op dat de Westerse media ontroerende beelden zullen laten zien van terugkerende gijzelaars. Omhelzingen, tranen en weinig kritische verhalen over Irak, want de bevrijde gijzelaars willen hun achtergelaten vrienden niet in gevaar brengen. De familieleden van die gevangenen moeten wel tot de overtuiging komen dat er met Hussein best te praten valt, en dat op den duur iedereen vrij kan komen.

Dat is natuurlijk niet zo, de Iraakse leider weet zeer wel dat de smekende beleefdheidsbezoeken zullen ophouden als hij zijn menselijke handelswaar heeft uitgevent. Helaas geeft de situatie allerlei dubieuze figuren en ex-staatslieden die de oude glorie zo node missen gelegenheid weer op het toneel te klimmen. Kurt Waldheim, die in het verleden ook zo vaak mensen heeft gered, kwam in augustus met 95 Oostenrijkers terug. De Spanjaarden kregen 15 mensen vrij, Ben Bella moest het met vier stuks doen, Edward Heath scoorde 33, Jesse Jackson mocht 320 mensen meenemen. Alle Franse gijzelaars, ongeveer 300, mogen naar huis als beloning voor een toespraak van president Mitterrand waarin hij zei niets te voelen voor gewelddadig optreden tegen Irak.

De Fransen hebben verzekerd dat zij geen geheime concessies hebben gedaan, en dat zij onverminderd blijven meedoen aan de sancties tegen Irak. Maar er bestaat op zijn minst verdenking tegen de Fransen, en ook als die niet gerechtvaardigd is, is het effect dat de internationale solidariteit wordt ondermijnd.

DE MISSIE die Willy Brandt nu gaat ondernemen, is hopelijk van een andere orde. Hij gaat in elk geval met de zegen van de secretaris-generaal van de VN, Perez de Cuellar, en ook de Duitse regering heeft haar aanvankelijke verzet opgegeven. Dat is opmerkelijk, want op de Europese top van dit weekeinde hebben de staatshoofden en regeringsleiders afgesproken dat er geen onderhandelaars zullen worden gezonden en dat particulier initiatief moet worden ontraden omdat Saddam alle gijzelaars moet vrijlaten. De ex-bondskanselier heeft weliswaar geen officiele functies meer, maar men mag aannemen dat hij niet alleen op reis gaat om de 400 Duitsers, of een deel van hen, vrij te krijgen.

De Nederlandse regering, en andere regeringen die het officiele EG-standpunt willen handhaven, komen door de gevarieerde bedevaartstochten in een moeilijke situatie. Het is niet mogelijk om particuliere missies, zoals die uit Nederland, te verhinderen. Iedereen die geen familie in Irak heeft en de angsten dus niet zelf kent, is terecht beschroomd om een oordeel te geven. Maar het neemt niet weg dat alle humanitaire missies zich onderwerpen aan een weerzinwekkend spel, waarvan Saddam Hussein de regels heeft opgesteld.

DE IRAAKSE leider stelt de families van gijzelaars voor onmogelijke morele keuzen: deze wel, deze niet. Iedereen die de Tweede Wereldoorlog heeft meegemaakt weet dat als men op zo'n duivelse keuze ingaat, men zelf besmet raakt. Elke gijzelaar die vrijkomt, verzwaart het lot van de achtergeblevenen en hun families.

Hoe moeilijk het ook is: de enige juiste eis is dat Saddam alle gijzelaars vrijlaat. Voorlopig is hij dat niet van plan. Daardoor worden de duizenden gijzelaars psychisch en lichamelijk zo uitgeput dat een Amerikaans-Brits gewapend ingrijpen steeds naderbij komt. Als dat gebeurt heeft zijn morbide tactiek een averechtse uitwerking.