Bukman bezorgd over mislukken handelsoverleg

DEN HAAG, 1 nov. Het mislukken van het internationale handelsoverleg over vermindering van overheidssteun aan agrariers zou een ramp zijn voor de Europese en in het bijzonder de Nederlandse boeren. Dat heeft minister Bukman van Landbouw gisteren in de Tweede Kamer gezegd.

Als de zogenoemde Uruguay-ronde in het kader van de GATT (overeenkomst inzake tarieven en handel) zou stranden door Duits en Frans verzet binnen de EG, zou dat ook het einde betekenen van het Europese landbouwbeleid, aldus Bukman. Daarmee is de Nederlandse agrarische sector naar zijn mening allerminst gediend.

De nieuwe CDA-minister van landbouw, sinds vijf weken opvolger van ir. Braks, hield de Tweede Kamer bij de behandeling van de begroting van zijn ministerie voor dat het nog te vroeg is om over compensaties te spreken voor het geval de subsidies aan de boeren met dertig procent zouden worden verminderd, zoals de Europese Commissie, het dagelijks bestuur van de EG, in het GATT-overleg heeft voorgesteld. De minister hield zich verre van de door de drie grote Kamerfracties geuite boosheid over de eis van de Verenigde Staten dat de steun die door de EG aan de Europese boeren wordt gegeven, met zeventig procent zou moeten worden gekort. De VVD noemt de houding van de VS 'onwaarachtig' omdat Amerikaanse boeren veel meer steun zouden krijgen dan hun Europese collega's.

Ook de CDA-fractie meent dat het niet zo kan zijn dat de Europese subsidies aan de boeren fors worden aangepakt terwijl het Amerikaanse steunsysteem onaangetast blijft. Bij de PvdA-fractie, waar al even veel 'ergernis en verontwaardiging' bestaat over de 'brutale opstelling en eisen van de VS', wordt echter erkend 'dat wij in Europa met onze exportsubsidies en dumppraktijken op de wereldmarkt bergen boter op ons hoofd hebben'.

Bij de begrotingsbehandeling van landbouw ging het niet alleen om het volgens het CDA 'ontmoedigend moeizame' overleg in Brussel en Luxemburg over de Europese opstelling bij het GATT-overleg, maar ook over de agrarische ontwikkelingen in Oost-Europa en in het bijzonder in de voormalige DDR en de bedreigingen daarvan voor de Nederlandse landbouw. Zo vreest landbouwspecialist Van Noord (CDA) dat de melkproduktie in Oost-Duitsland een grote druk zal leggen op de EG-zuivelmarkt waar de boter- en melkpoederoverschotten het laatste jaar toch al spectaculair zijn toegenomen.

Ook minister Bukman meent dat de Oostduitse agrarische produktie, vooral omdat de koopkrachtontwikkeling in Oost-Europa nog achterblijft, de Europese markten zal verstoren. Om die concurrentie te weerstaan, meent Bukman dat de Nederlandse boeren nog betere produkten moeten leveren.