Brazilie verlangt naar spelers van kaliber Pele

RIO DE JANEIRO, 31 okt. Het sambavoetbal van de Brazilianen swingt niet meer. Hun Rei do Futebol Pele krijgt vanavond in Milaan een erewedstrijd ter gelegenheid van zijn vijftigste verjaardag aangeboden, op tienduizend kilometer van zijn huis. En het grootste stadion ter wereld, het Maracana in Rio de Janeiro (capaciteit 200.000), is voorlopig wegens een onderzoek naar de veiligheid gesloten. De tribunes doen nu alleen nog maar dienst als schoolbanken. Vier keer per week worden ze door mensen beklommen die er met honderden tegelijk schriftelijke examen op allerlei gebied moeten afleggen.

Het zijn na de snelle uitschakeling bij het wereldkampioenschap in Italie de volgende klappen voor de voetbalgekke Brazilianen, die heimwee hebben naar oude glorietijden. Momenteel wordt meer over Pele (1281 doelpunten in 1363 officiele wedstrijden) gesproken en geschreven dan in diens actieve periode. Bij de klanten- en de voetbalbond zijn hele serieuze brieven binnengekomen waarin werd voorgesteld hem ondanks zijn gevorderde leeftijd weer in het nationale elftal op te stellen. Pele hoeft, stelt men voor, alleen maar de vrije trappen en corners te nemen en verder rustig voor het doel van de tegenstander op de voorzetten te wachten.

Wanneer in een van de nauwe straten in de buurt van Rio's Copacabana op de televisie voor de deur van een winkel een videoband met de hoogtepunten van Pele's loopbaan wordt gespeeld, ontstaat spontaan een opstopping. Auto's kunnen er niet meer door en terwijl de berijders ongeduldig toeteren, juichen de mensen voor de tv om doelpunten die jaren geleden werden gescoord.

In het Maracana-stadion komt elke week trouw een oude voetballiefhebber op bezoek. Hij loopt dan naar een foto van Pele die in de hal van het complex hangt, blijft er een minuut of tien in trance voor staan, slaat een kruisje en vertrek daarna weer zonder iets te zeggen.

Pele zelf kijkt wel uit in het economisch sukkelende Brazilie een officiele functie in het voetbal of in de politiek te aanvaarden. Hij veronderstelt dat hij er eigenlijk alleen zijn vingers aan kan branden. Edson Arantes do Nascimento, zijn officiele naam, reist liever lachend de wereld rond om zich overal te laten feteren.

Andere voormalige voetbalsterren steken wel hun nek uit. Artur Antunes Coimbra, beter bekend als Zico, de laatste populaire nummer tien in Brazilie, is staatssecretaris van sport en Paolo Roberto Falcao is de bondscoach. Zij zijn populair in het land, maar ook zij worden nu bekritiseerd. Zico wordt door velen als marionet van de echte machthebbers gezien en Falcao kiest natuurlijk de 'verkeerde' spelers in zijn selectie.

Falcao weet dat de fans alleen maar met het hoogste, de wereldtitel, genoegen nemen. Zij zijn verwend door de successen van 1958, 1962 en 1970, toen Brazilie wereldkampioen werd. Het winnen van de Copa America, de Zuid-Amerikaanse tegenhanger van het Europees kampioenschap, en het Olympisch succes (zilver in Seoul) worden door het volk slechts als troostprijzen gezien.

Bondscoach Falcao heeft pech dat vrijwel alle Braziliaanse stervoetballers in Europa spelen. Hij wil ook voorlopig gaan werken met mensen die in eigen land voetballen. Zodoende hadden de achttien spelers die voor de laatste wedstrijd van de nationale ploeg verleden week tegen Chili in Santiago waren uitgenodigd, bij elkaar slechts 22 interlands gespeeld waarvan WK-ganger Bismarck er al twaalf voor zijn rekening nam. De paar vedetten die de Braziliaanse competitie nog rijk is, verdienen riante bedragen. Zo is Bebeto van Vasco da Gama, de oude club van PSV'er Romario, de best betaalde speler. Hij verdient ruim een miljoen dollar per jaar.

De clubs in Brazilie verkeren op een enkele uitzondering na in financiele nood. De competitie trekt in tegenstelling tot vroeger vrijwel geen publiek meer. Het gemiddelde in de hoogste klasse ligt ver beneden 5.000 toeschouwers per wedstrijd. Afgelopen zondag werd de ontmoeting tussen de twee van de bekendste clubs Fluminense en Palmeiras, door welgeteld 1181 toeschouwers bezocht. De recette bedroeg 1.290.000 cruzeiros (ongeveer 15.000 gulden).

De voetbalfans zeggen de spelers niet meer te kennen. De echte toppers die een wedstrijd naar hun hand kunnen zetten, a la Zico, Socrates en Gerson, ontbreken. Dat is ook duidelijk te zien. De meeste wedstrijden zijn onaantrekkelijk. Er wordt ook weinig gescoord. In de tweede helft van de competitie zijn in groep A van het Campeonata Brasileiro in de 24 wedstrijden zo'n 37 doelpunten gemaakt. Koploper Santos, de oude club van Pele, scoorde in vijf duels pas drie keer.

En dan zijn er de verhalen over corruptie en politieke invloeden in de competitie. De merkwaardige ontknoping van het kampioenschap van Rio de Janeiro werd wereldnieuws. Door de onduidelijkheid van de regels dachten de spelers van Botafogo na de 1-0 winst in de finale tegen Vasco Da Gama dat ze de titel hadden gewonnen, terwijl de tegenstanders op dat moment klaar stonden voor de verlenging. Pas achter de groene tafel werd besloten welke club zich de kampioen van 1990 kon noemen. Gevoegd bij het warrige competitiesysteem en speelschema is het niet vreemd dat de Brazilianen het voetbal de rug toekeren.

Toch is er nog hoop voor de Brazilianen. Want wat er ook gebeurt, de mensen blijven toch gek op voetbal. Volleybal is op de fameuze stranden van Copacabana en Ipanema in Rio, een geduchte concurent geworden, maar gevoetbald wordt er ook nog genoeg, vooral als 's avonds de grote lichtmasten op het zand schijnen. Dan is duidelijk de typische Braziliaanse stijl te herkennen, korte passes, veel individuele acties en een fluwelen techniek.

De aangeboren liefde van de Braziliaan voor voetbal lijkt eens te meer als bij een restaurant een bal door het open raam naar binnen wordt geschopt en enige schade aanricht. In Nederland zou het mes in de bal worden gezet of de politie worden gebeld. In Brazilie brengt de ober 'm lachend naar de geschrokken kinderen terug, maar houdt de bal eerst zelf nog een paar keer hoog.

Dat maakt Brazilie tot een uitzonderlijk geval. Daar waar op het veld in het Maracana-stadion achter beide doelen een openbare telefooncel staat. En daar waar de topspelers alleen onder een bijnaam bekend zijn. Een van de mooiste is die van international Carlos Caetano Bledorn. Hij heeft ietwat grote oren en is daarom genoemd naar een van de zeven dwergen van Sneeuwwitje: Dunga.