Wekelijkse prikpil voor mannen werkt toch nog niet goed

In 'The Lancet' van 20 oktober worden de resultaten van een onderzoek van de Wereldgezondheidsorganisatie (WHO) naar de effectiviteit van de prikpil voor mannen 'buitengewoon goed, langdurig werkzaam, reversibel' genoemd. Die omschrijving lijkt niet helemaal op zijn plaats als je leest dat die alleen geldt voor de werking bij de 119 proefpersonen die er aan het eind van het onderzoek waren overgebleven, terwijl er 271 mannen aan begonnen waren. De 119 mannen kregen de kuur een jaar en maar bij een van hen raakte de partner in verwachting.

De onderzoekers telden bij deze berekening echter alleen mannen mee waarbij de spermaproductie inderdaad werd stopgezet. Dat het middel bij 68 van de proefpersonen ook na een half jaar niet werkte en dat nog eens 84 mannen afvielen wegens lichte bijwerkingen (meest acne), of omdat ze de wekelijkse (!) injectie niet konden verdragen, werd buiten beschouwing gelaten. Een betere conclusie zou dan ook zijn dat hormonale anticonceptie bij mannen nog steeds erg moeilijk is.

De mannen kregen elke week een injectie met een hoge dosis van het mannelijk geslachtshormoon Testosteron (200 milligram Testosteron enanthaat). Onder normale omstandigheden wordt testosteron in de zaadklieren (testes) gevormd onder invloed van het Luteinisatie Hormoon (LH) dat afkomstig is van de hypofyse. Het testosteron zet de zaadklieren aan tot het produceren van de zaadcellen spermatozoa. Als er nu van buitenaf testosteron wordt ingespoten zal de LH-productie als reactie daarop afnemen (negatieve terugkoppeling). Door het wegvallen van de stimulerende werking van het LH neemt de eigen productie van testosteron in de zaadklieren af en daardoor ook de aanmaak van de zaadcellen.

Het blijkt echter moeilijk om de zaadproductie op deze wijze echt stop te zetten. Bij het onderzoek van de WHO veroorzaakte de prikpil een verhoging van de bloedspiegel aan testosteron met gemiddeld maar liefst 142% en toch bleek dat vaak niet afdoende om de eigen productie aan testosteron in de zaadklieren en zo de zaadproductie te blokkeren.

Er is een belangrijk verschil met de pil voor vrouwen: daarbij is het voldoende om de eisprong niet te laten plaats vinden en dan is het niet nodig om de eigen productie van het vrouwelijk geslachtshormoon oestrogeen volledig te blokkeren. Het gaat al goed als die wat verminderd wordt. Daarom kunnen vrouwen met veel lagere doses hormoon volstaan. Een dosering zoals die van de mannelijke wekelijkse prikpil zou bij een vrouw genoeg zijn voor drie maanden. Bij de anticonceptie-pil voor vrouwen werd pas op langere termijn duidelijk dat een hoge dosering van het hormoon risico's met zich meebrengt, vooral voor hart-, en vaatziekten. In de loop van de afgelopen dertig jaar is de hoeveelheid oestrogeen in de pil dan ook sterk verlaagd. De buitengewoon hoge doses testosteron die voor een effectieve mannelijke prikpil nodig zijn lijken dan ook op den duur niet zonder gevaar, ook al veroorzaken ze op korte termijn weinig bijwerkingen.

De explosieve bevolkingsgroei in de Derde wereld heeft de Wereldgezondheidsorganisatie er toe aangezet te werken aan de anticonceptie bij de man, maar of deze testosteron bevattende prikpil ooit iets bruikbaars zal opleveren moet betwijfeld worden.

    • Bart Meijer van Putten