Vrijheid en betamelijkheid

Een van onze columnisten, J. A. A. van Doorn, heeft op deze pagina in de krant van 18 oktober geschreven over Israel dat niet in staat is de werkelijkheid van de Palestijnse wanhoop onder ogen te zien. Hij repte daarbij echter ook over zelfcensuur van joodse journalisten en had het in een passage in dit verband over 'de joodse journalisten'. Er kwam een stortvloed aan reacties en vorige week donderdag reageerde Van Doorn met een reeks citaten om zijn stelling van joodse zelfcensuur te onderstrepen.

De vrijheid van columnisten is in deze krant een groot goed. Soms zijn wij het eens met columnisten en soms ook niet, maar het brede spectrum aan opinies en invalshoeken ervaren wij, en naar wij weten ook de lezer, als stimulerend. De kwaliteit van een samenleving kan slechts bestaan bij de kwaliteit van het debat dat wordt gevoerd en daarvoor is een voortdurende wisseling van argumenten een voorwaarde. Bijdragen op deze pagina vertegenwoordigen per definitie niet de mening van NRC Handelsblad, tenzij zij worden afgedrukt in de rechterkolom onder het vignet van Lux et Libertas.

Maar uiteindelijk is het deze krant die artikelen afdrukt, ook die van columnisten. Dat is ook gebeurd met het artikel van 18 oktober. Wij zijn daarvoor verantwoordelijk en betreuren de publikatie.

De suggestie van sommige briefschrijvers als zou Van Doorn antisemiet zijn, wijzen wij van de hand. Te gemakkelijk kan zo'n scheldwoord mensen monddood maken en een sfeer van intimidatie verspreiden. Maar formulering en toonzetting van Van Doorns stuk en diens daarop volgende dupliek waren van dien aard dat naar onze mening de grenzen van betamelijkheid zijn overschreden.