Studieleningen worden volledig geprivatiseerd

ROTTERDAM, 30 okt. Minister Ritzen (onderwijs) wil de studieleningen vanaf 1 januari 1991 volledig privatiseren. Een stichting moet met overheidsgarantie het benodigde geld op de kapitaalmarkt gaan lenen.

Zij gaat ook via de Groningse Informatiseringsbank die de studiebeurzen uitbetaalt de leningen verstrekken en de schulden innen. Alleen studenten uit delagere inkomensgroepen kunnen aanspraak maken op deze leningen, een aanvullende financiering bovenop de basisbeurs.

De studenten moeten voortaan ook administratiekosten betalen. Dat gebeurt door hen een kostendekkende rente te berekenen. Over de wetswijziging die daarvoor nodig is heeft het kabinet advies gevraagd aan de Raad van State.

In het voorstel tot herziening van de studiefinanciering dat Ritzen in juni publiceerde, was er enkel nog sprake van verzelfstandiging van de leningen. Een aparte rechtspersoon zou op de kapitaalmarkt het geld lenen en dat vervolgens doorsluizen naar de Informatiseringsbank. De leningsvoorwaarden zouden daardoor voor de individuele student niet veel hoeven af te wijken van de huidige, zo verwachtte Ritzen.

De Informatiseringsbank blijft de leningen verstrekken en de schulden innen. De kosten die zij daarvoor maakt, brengt zij bij de stichting in rekening. Deze verwerkt de kosten in de rente die zij op haar beurt de studenten in rekening brengt. Naar verwachting gaan studenten daardoor wel een tot twee procent meer rente betalen. Op dit moment betalen zij een rente die een half procent onder het effectief rendement van de staatsleningen ligt.

De minister wil al vanaf 1 januari 1991 de leningen privatiseren, ook als de wetswijzigingen pas daarna door het parlement worden goedgekeurd. Dat levert volgend jaar een bezuiniging op van 480 miljoen gulden. De kostendekkende rente zou vanaf 1 januari 1992 moeten worden ingevoerd. Vanaf dat moment wordt de rente ook direct van het begin van de lening geheven en niet meer, zoals nu, vanaf het moment van afstuderen.

Ritzen blijft verantwoordelijk voor het 'sociaal risico', de schuld die wordt kwijtgescholden als het inkomen van een afgestudeerde te gering blijkt voor een volledige aflossing van de schuld in vijftien jaar. De bestaande aflossingsregeling blijft gehandhaafd. De hoogte van het bedrag dat Ritzen voor de dekking van dat sociaal risico aan de stichting betaalt wordt jaarlijks vastgesteld. Naar verwachting gaat het daarbij om zo'n dertig miljoen gulden per jaar.

De Landelijke Studentenvakbond hoopt dat de Tweede Kamer zich haar eerdere bezwaren tegen de privatisering herinnert als zij het wetsontwerp behandelt, zo zegt de bond in een reactie. Zij wijst erop dat met name Ritzens eigen partij, de PvdA, zich tot dusver altijd heeft uitgesproken tegen privatisering van de leningen. De LSVb vreest dat studenten al gauw een rente van meer dan tien procent zal worden berekend.