KASTANJESOEP

Deze soep wordt gemaakt van tamme kastanjes, die in Frankrijk chataignes heten. Bij chataignes zitten meestal 3 bolletjes in een bolster. Zit er maar een kastanje in de bolster dan wordt deze kastanje marron genoemd.

Meestal worden tamme kastanjes gebruikt voor zoete gerechten, maar in de Cevennen en in het Zuidwesten van Frankrijk maakt men er ook soep van:

voor de bouillon:

1 kalfsschenkel

3 wortelen

1 ui

3 preien

een bosje selderij

500 g tamme kastanjes

25 cl. creme fraiche

1 kleine, gesnipperde ui

2 eetl. bloem

200 g mager spek

50 g boter

citroensap

1 bosje kervel of peterselie

Doe de gepelde kastanjes in zoveel gezouten water dat ze net onderstaan. Kook ze in ongeveer 40 minuten gaar. Maak tegelijkertijd een bouillon van 2 liter water, de schenkel, de wortelen, ui, preien en selderij.

Maal de uitgelekte kastanjes fijn in een keukenmachine. Voeg beetje bij beetje de creme fraiche toe.

Zeef de bouillon. Bak in een grote soeppan de gesnipperde ui in de boter. Voeg al roerend de bloem en een beetje bouillon toe. Laat deze roux enkele minuten op een laag vuur gaar worden. Giet de rest van de bouillon in de pan en roer hier de kastanjecreme door.

Laat de soep nogmaals een kwartier op een laag vuur zachtjes pruttelen.

Bak het in kleine blokjes gesneden spek knapperig.

Breng de soep op smaak met citroensap.

Schep de soep in een diep bord en leg in elk bord een geroosterd stuk brood dat bestrooid is met spekblokjes en fijngehakte kervel of peterselie. De hoeveelheid soep is ruim voldoende voor 8 personen.