Cultuurclash bij NMB/Postbank

AMSTERDAM, 30 okt. Het hoofdkantoor van de Postbank naast het Amstelstation in Amsterdam is een recht-toe-recht-aan gebouw. In de een- en tweepersoonskamertjes verrichten de voormalig ambtenaren hun arbeid, veelal gemakkelijk gekleed in broek en trui. Het hoofdkantoor van fusiepartner NMB in Amsterdam Zuid-Oost is daarentegen een befaamd architectonisch hoogstandje. De open moderne kantoortuinen worden bevolkt door medewerkers gestoken in double-breasted pakken en mantelpakjes.

Is dit onderscheid belangrijk? Het hier vereenvoudigd weergegeven verschil tussen de twee banken was voor ondernemingsraad en vakbonden belangrijk genoeg om er onlangs een alarmerende verklaring over uit te geven. De raad van bestuur van de NMB Postbank vond het daarop belangrijk genoeg om een organisatiedeskundige opdracht te geven te onderzoeken aan welke 'cultuurelementen' de medewerkers van de gefuseerde NMB Postbank waarde hechten.

Het 'cultuurverschil' heeft de onrust onder het personeel aangewakkerd die er toch al heerste over de modernisering van het betalingsverkeer. Deze week houden de werknemers van de Postbank werkonderbrekingen om van de raad van bestuur de garantie te krijgen dat de komende zes jaar, als er gemiddeld 350 arbeidplaatsen per jaar verdwijnen, geen gedwongen ontslagen vallen.

De in personeelsaantal ongeveer evengrote Postbank en NMB besloten eind vorig jaar tot een fusie 'op basis van gelijkwaardigheid'. De uitvoering van de daadwerkelijke integratie, die overigens slechts tien procent van de 23.000 personeelsleden betreft, begint net gestalte te krijgen. Maar inmiddels is gebleken dat van gelijkwaardigheid geen sprake is, zegt OR-voorzitter M. Hermans. 'De Postbank is overgenomen en krijgt de cultuur van de NMB opgelegd.'

Van de veertig functionarissen die de laatste maanden 'op het eerste echalon' van de NMB Postbank zijn benoemd directeuren, hoofden van diensten komen er bijna dertig van de NMB, aldus Hermans. De stafafdeling Personeel en Organisatie, die onder andere het sociaal beleid onder zijn hoede heeft, is volgens hem zelfs bijna geheel in handen gevallen van oud NMB-ers. En dat is te merken in de manier waarop het personeel wordt behandeld, constateert Hermans.

Bij de fusie is afgesproken dat een werknemer wiens functie overbodig wordt een passende andere baan krijgt aangeboden, die maximaal twee salarisschalen lager ligt. De betrokkene zou voldoende bedenktijd krijgen en het recht hebben een aanbod te weigeren. Maar in de praktijk pakt dat heel anders uit, zegt Hermans. 'Ik heb de brieven gezien. Ze beginnen meestal met: 'na ampel beraad is besloten dat u iets anders moet gaan doen'. Vervolgens staan ze vol met: 'u zult dit', 'u moet dat', enzovoort.' Dat is zeker niet de cultuur van de Postbank. Daar werd alles altijd op redelijk toon besproken en als er problemen waren werd er net zo lang gezocht tot passend werk was gevonden.'

D. Hamaker van de dienstenbond FNV omschrijft het cultuurverschil tussen NMB en Postbank als volgt: 'Het gaat om administratieve employees van een bank en produktie-arbeiders van een betalingsfabriek. Dat is het verschil. Het gevolg is dat NMB-ers de Postbank-ers niet serieus nemen.'

De top van de NMB Postbank reageert onthutst op de onvrede zoals die door de bonden en de OR wordt verwoord. 'De geluiden zijn bekend', erkennen lid van de raad van bestuur M. Minderhoud en directeur personeel en organisatie L. Wijngaarden. 'Als het zo gevoeld wordt is dat een waarheid, maar het is absoluut niet de bedoeling. De fusie is op basis van gelijkwaardigheid. Natuurlijk zijn er verschillen tussen beide banken, maar dat wil niet zeggen dat de een belangrijker is dan de ander. Beide partijen moeten naar elkaar luisteren. De ene keer kiezen we voor een NMB-oplossing, de andere keer voor een idee van de Postbank, en de derde keer voor iets geheel nieuws. We kiezen altijd wat het beste is voor de nieuwe combinatie.'

Minderhoud en Wijngaarden geven toe dat er meer NMB-ers in de top van de bankencombinatie zijn benoemd dan mensen van de Postbank. 'Maar dat is verklaarbaar, want de bedrijven verkeerden in een ander stadium van ontwikkeling. De NMB oefende nu eenmaal op een breder terrein activiteiten uit dan de Postbank kon.' Zij wijzen op de statutaire beperkingen die de staatsbank waren opgelegd. Maar van een dominantie van de afdeling Personeel en Organisatie door NMB-ers is geen sprake, stelt Wijngaarden.

Toch doen verhalen over een 'overname' door de NMB de ronde op de kantoren van de Postbank. Hoe kan dat? Wijngaarden, na een korte stilte, : 'Ik wou dat ik daarop een antwoord wist.'

Een deel van het antwoord op de vraag kan kort zijn: Pie. De modernisering van het betalingsverkeer bij de Postbank, in het jargon bekend als Produkt Innovatie en op de werkvloer als Pie, komt precies op het moment dat de fusie met de NMB gestalte krijgt. Directie en bonden onderstrepen eensgezind dat de modernisering en de integratie niets met elkaar te maken hebben. Maar Pie kost banen en banenverlies kweekt onrust. 'Op zo'n moment kijken de mensen naar boven en krijgen ze het gevoel dat niemand van de Postbank ze nog in de top van de organisatie vertegenwoordigd', zegt FNV-bestuurder Hamaker. 'Ik hoor geluiden als: zie je wel, we zijn met de NMB en nu begint het gelazer.'

De raad van bestuur zegt geen harde garantie te kunnen geven over het uitblijven van gedwongen ontslagen omdat 'een periode van zes jaar nu eenmaal niet is te overzien'. De bonden verwijten de NMB Postbank de 'achterdeur wagenwijd te willen openhouden' om bij mogelijk nog komende reorganisaties de handen vrij te hebben.

Directeur personeelszaken Wijngaarden herhaalt dat 'gedwongen ontslagen niet aan de orde zijn'. De bank heeft aangeboden werknemers binnen en buiten het eigen bedrijf aan een baan te helpen. Als er voor een bepaalde baan bijscholing of een verhuizing nodig is, is de bank bereid dat te betalen. Met name is het de bedoeling overbodig geworden Postbank-medewerkers op vrije NMB-plaatsen te zetten. Dat is dus iets heel anders dus dan een overname door de NMB, betoogt Wijngaarden. 'De fusie biedt bij de opvang van de sociale gevolgen van Pie juist een voordeel.'

OR-voorzitter Hermans vreest dat dit met name de achthonderd werknemers van de codeercentra, waar de gegevens van girobetaalkaarten nu nog met de hand worden verwerkt, niet zal helpen. In de codeercentra werken vooral vrouwen met een lage opleiding.

Hermans: 'Sommige van de oudere vrouwen zijn al voor hun eindexamen van de MAVO afgegaan, omdat ze waren gewaarschuwd dat ze anders te duur zouden zijn voor dit werk. Vergelijk dat met de criteria voor een baan bij de NMB-bank, waar minimaal HAVO of HEAO is vereist. Nee, voor deze vrouwen biedt de NMB geen oplossing. Hun enige alternatief is de kassa van de Hema, en dat is niet rechtvaardig wanneer iemand twintig jaar voor de Postbank heeft gewerkt.' De directie meent dat door scholingsmaatregelen toch ook zij kunnen worden geholpen.