Populariteit Bush duikt voor eerst onder de vijftig procent; Hogere inkomens dragen de lasten

WASHINGTON, 29 okt. Met ingang van 1 oktober, het begin van het nieuwe begrotingsjaar, staat de Amerikaanse politiek op haar kop. Onder protest van de meeste Republikeinen, maar met goedkeuring van de Republikeinse president Bush, heeft het Congres afgelopen weekeinde uiteindelijk een begrotingsplan met duidelijk Democratische vingerafdrukken aangenomen. De laagste inkomensgroepen gaan er licht op vooruit, de hogere inkomensgroepen moeten zwaardere lasten dragen.

Wat begon als een revolte van vooral Republikeinse Afgevaardigden tegen belastingen in het algemeen, is geeindigd in een overwinning voor de Democraten. Op vrijwel alles heeft president Bush moeten toegeven: de inkomstenbelasting voor de topinkomens is verhoogd, de belasting op de vermogensaanwas is grotendeels in stand gehouden, de overheid bezuinigd minder dan Bush had voorgesteld. Vele malen heeft het Congres het door Bush gestelde ultimatum niet gehaald.

Bush heeft zijn hoge waardering in de opiniepeilingen verloren. Nieuwe peilingen laten telkens lagere waarderingen zien. In de laatste peiling, van Newsweek, dook de populariteit voort het eerst onder de 50 procent.

De Republikeinse partij lijdt aan ideologische duizelingen. De directeur van het campagnecomite voor de Republikeinen, Edward Rollins, heeft in een memo Republikeinse Congresleden aangespoord om met hun eigen president te breken op het punt van belastingen als dat nodig is voor een verkiezingsoverwinning.

Gedurende drie vrije dagen is de overheid gesloten geweest, vier keer heeft de Amerikaanse president bij gebrek aan begroting een tijdelijke financieringsresolutie getekend. Hoe komt het dat het zo lang heeft geduurd?

De voornaamste oorzaak is de verbrokkeling van de Republikeinse partij zelf. President Bush had tijdens de verkiezingscampagne in 1988 belastingen het centrale, ideologische thema van zijn partij gemaakt door te beloven dat hij nooit nieuwe belastingen zou heffen. Op die slagzin is hij gekozen.

Andere bekende Republikeinse standpunten zoals anti-communisme, abortus of verplicht gebed in school waren langzaam verloren gegaan als politiek winstgevend. Toen Bush dan ook op 26 juni terugkwam van zijn standpunt en in een briefje schreef dat er 'verhogingen van de belastingopbrengst' nodig was, ontstond er onrust in zijn eigen partij. Op 6 november wordt het hele Huis van Afgevaardigden en een derde van de senaat herkozen. Republikeinen vroegen zich af wat ze nog voor aantrekkelijks hadden in te brengen tegenover hun Democratische concurrenten en ze opereerden steeds meer op eigen houtje.

Fragmentatie is een probleem voor beide partijen in de Verenigde Staten. Vroeger had de president zijn partijgenoten nog in de hand door controle van de verkiezingskas. Nu krijgen Congresleden hun verkiezingsbijdragen van donoren en politieke belangengroepen. Omdat minder dan de helft van de kiesgerechtigde Amerikanen stemt, moeten politici hun eigen doelgroep uitzoeken. De televisie heeft hen een direct communicatiemiddel gegeven.

Bovendien is er geen constitutionele band tussen de president en het Congres. In West-Europa kan een regering vallen op de verwerping van een begroting. In Amerika blijft de president zitten en moet hij er uit komen door moeizaam onderhandelen.

President Bush ontleende net zoals zijn voorganger Reagan zijn macht aan zijn grote populariteit, te danken aan de doorbraak in Oost-West-verhoudingen. In het Congres zag hij zich geconfronteerd met een Democratische meerderheid, waarmee hij moest samenwerken voor bezuinigingen. De Gramm-Rudman-wet schrijft naast de jaarlijkse begroting een plan voor om in vijf jaar het begrotingstekort weg te werken. Als er geen akkoord is over een dergelijk plan, treedt er een automatische bezuinigingskaasschaaf in werking.

Vijf maanden geleden besloot Bush al om over de begroting te gaan onderhandelen met de leiders van het Congres, zodat een impasse kon worden voorkomen. Congresleiders zijn de Democratische voorzitter van het Huis van Afgevaardigden, de fractieleiders en hun managers in beide huizen, evenals de Democratische voorzitters en belangrijkste Republikeinse leden van de drie commissies die met de begroting hebben te maken.

Het lukte niet. De Republikeinen wilden geen belastingverhoging in een verkiezingsjaar. De Democraten vonden dat de rijken lang genoeg hadden geprofiteerd en wensten dat elk nieuw begrotingsakkoord de middenklasse en de armen meer zou ontzien dan de allerrijksten. In september sloten de Congresleden zich voor een week op in het restaurant van een militaire vliegbasis bij Washington, zodat ze niet werden gestoord door kiezers of lobbyisten. Er kwam niets uit. Democratische Congresleden stoorden zich aan de hooghartigheid van de stafleden van het Witte Huis, Richard Darman en John Sununu.

Toen er op 1 oktober een akkoord werd bereikt, klonken er vooral in het Huis van Afgevaardigden luide protesten over het feit dat de parlementaire weg van openbare behandelingen in Congrescommissies was omzeild en dat het akkoord tussen Congresleiders en het Witte Huis was bereikt. Republikeinen haakten af omdat ze zich niet met een belastingverhoging voor de kiezers durfden te vertonen.

Democraten verzetten zich tegen het regressieve karakter van het akkoord. In het akkoord waren de allerrijksten goed gedekt. Ze hoefden niet zo'n groot extra percentage van hun inkomen aan de fiscus af te dragen als de middenklasse en de armen. Er waren bezuinigingen in de ziekenfondsuitkeringen voor AOW'ers en gehandicapten. En uiteraard was er wantrouwen dat de toponderhandelaars hun eigen deelstaat, district of doelgroep goed hadden voorzien ten koste van de anderen. Senator Bentsen, voorzitter van de begrotingscommissie en afkomstig uit de warme oliestaat Texas, wist op het laatste moment naast de benzine-accijns een accijns op de huisbrandolie in te voeren. Daarop deden de Congresleden uit de koude staten in New England niet meer mee.

President Bush hield nog een televisiepleidooi voor het akkoord. De kijkers belden daarop massaal naar het Congres om ertegen te protesteren. Het akkoord werd met een ruime meerderheid verworpen in het Huis. Het was een grote nederlaag voor Bush

Omdat de meeste Republikeinen niet meer wilden meedoen met een begrotingsakkoord, was Bush overgeleverd aan de Democratische meerderheid.

De Democraten stelden naar eigen smaak een plan op dat veel progressiever was en veel sterker in hun richting kwam dan het verworpen akkoord. De Democratenwisten het Witte Huis in hun richting te drijven door te komen met een voorstel voor een speciale belasting op miljonairs. Door dat voorstel te verwerpen bevorderden de Republikeinen hun slechte imago van partij voor de rijken. President Bush kon het niet aan en begon te twijfelen. Eerst keurde hij de verhoging van de belasting op de topinkomens goed, later wees hij het af om het uiteindelijk weer te aanvaarden. De speciale belasting op miljonairs is niet doorgegaan.

Omdat de plannen van het Huis en de Senaat onderling sterk verschilden, moest in conferentie tussen beide huizen een nieuw compromis gesloten worden. Ook die onderhandelingen nemen veel tijd omdat veel politici op het laatst nog voordeeltjes voor hun eigen district of deelstaat erin willen smokkelen. Wie de macht heeft, blokkeert tot hij zijn zin krijgt. Tijdens de debatten afgelopen weekeinde kwamen sommige Afgevaardigden openlijk tegen het akkoord uit omdat hun district er bekaaid af zou zijn gekomen. Een Democraat protesteerde bijvoorbeeld dat een militaire basis in zijn district een bepaalde voorziening niet zou krijgen. Tot laat zaterdagnacht onderhandelden de vertegenwoordigers van beide Huizen door. Zaterdagochtend, zeven uur, nam het Huis het resultaat aan, later volgde de Senaat.

Nu is het akkoord munitie voor de verkiezingscampagnes: de Democraten hebben pluk-de-rijken als hoofdthema. Voor Republikeinse en Democratische tegenstemmers is het akkoord doelwit voor verkiezingstoespraken. Het Witte Huis heeft het minder gemakkelijk. Vice-president Quaile, wiens ster de laatste weken is gerezen, gaf gisteren de toon aan: 'We hebben er hard aan gewerkt. De Democraten kregen hun extra belastingen en wij onze bezuinigingen.'