Europees onvermogen

DE EUROPESE Gemeenschap heeft zich het afgelopen weekeinde van twee kanten laten zien, van een goede en een slechte, van een besluitvaardige en van een besluiteloze. Zoals van leiders van een grote zelfbewuste politieke macht in opbouw mag worden verwacht sprak de EG-top in Rome een krachtige veroordeling uit over het optreden van Irak in de Golf en trokken de lidstaten een lijn bij het aanpakken van het gijzelaarsprobleem. 'De wereld mag geen speelbal worden van de grillen van Saddam Hussein', merkte minister Van den Broek terecht op. Verheugend is verder dat de regeringsleiders een duidelijke scheiding aanbrachten tussen de crisis in de Golf en het Palestijnse vraagstuk. Op dit punt zijn de Twaalf niet altijd helder geweest. Ook hier moet alles worden gedaan om te voorkomen dat Saddam zijn spelletje kan spelen.

IN CONTRAST met deze wapenfeiten staat het brevet van onvermogen dat de EG zichzelf heeft uitgereikt in de Uruguay-ronde over liberalisering van de wereldhandel. Deze is nu vier jaar bezig, heeft nog slechts vijf weken te gaan en nog steeds zijn de Twaalf het niet eens over de door de Commissie voorgestelde afbraak van de landbouwsubsidies. De mislukking van het overleg van de EG-ministers van afgelopen vrijdag met een akkoord in zicht was al een blamage te noemen. Dat de regeringsleiders in het weekeinde in meerderheid geen impuls voor een oplossing van dit probleem wilden geven, heeft het beeld dat de rest van de wereld van de Gemeenschap heeft negatief beinvloed. De grootste dwarsliggers in de GATT-discussie Frankrijk en Duitsland zijn ironisch genoeg ook overtuigde aanhangers van verdere politieke, economische en monetaire samenwerking in Europa. De Frans-Duitse as wordt meestal gekenschetst als de aandrijfkracht van de Europese eenwording, maar als die as bewust wordt vastgezet werkt zij als een rem.

De in Bonn en Parijs veroorzaakte stagnatie gaf mevrouw Thatcher ruim gelegenheid haar pijlen af te schieten en de Britse soevereiniteit en het Britse pond te verdedigen als waren het kroonjuwelen niet beseffend dat het al replica's zijn. Haar verzet in Rome tegen het nader invullen van de doelstellingen van de Europese Politieke Unie en tegen het vaststellen van een datum waarop de tweede fase van de Economische en Monetaire Unie moet ingaan was een achterhoedegevecht. Het Verenigd Koninkrijk kan zich niet meer distantieren van de ontwikkelingen op het continent, zoals de toetreding van het pond tot het wisselkoersmechanisme van het Europese Monetaire Stelsel onlangs treffend aangaf.

FRANSEN en Duitsers moet het intussen duidelijk worden gemaakt dat het Verenigde Europa geen vesting in de wereld mag zijn, ook niet op landbouwgebied. Een EG op weg naar een politieke unie moet een open blik op de rest van de wereld hebben en kan niet op een deelterrein een autarkische politiek voeren. Dat zou de hele wereldhandel schaden in het bijzonder de ontwikkelingslanden en Oost-Europa, waarmee zo veel verbale solidariteit wordt betoond. Het zou ook afbreuk doen aan de transatlantische betrekkingen, juist op een moment dat de Verenigde Staten zich overtuigder dan veel Westeuropese landen achter de eenheid van Duitsland hebben gesteld en op een moment dat de VS nog steeds voor West-Europa in de Golf de kastanjes uit het vuur halen.