CDA viert tienjarig jubileum in teken van dienstbaarheid

DEN HAAG, 29 okt. Geen aanstoot geven en niet hooghartig worden. Wel hardop de eigen boodschap belijden en tevreden durven zijn. Het tienjarig bestaan van het CDA mocht zaterdag niet uitlopen om een dans rond het gouden kalf, zo had de partij zich voorgenomen. Het zou geen feest van de macht worden, maar wel een demonstratie van kracht en inspiratie.

De partij is zich bewust geworden van de gevaren van het succes. Oppositieleider Bolkestein speelt in vrijwel elke toespraak handig in op het oer-Hollandse ressentiment tegen overmacht en hoogmoed. 'Het CDA is in een of andere vorm in Nederland langer aan de macht dan de communistische partij in Rusland', zo herhaalt de VVD-leider waar hij maar kan. Dat beeld mag in Nederland niet aanslaan, realiseert het CDA zich. Het gaat om het gebruik van die macht en om de manier waarop, was de boodschap op het feestcongres.

En dus kwam de premier met een verhaal over het evangelie en de mededeling dat het CDA geen politiek 'uit eigen kracht' bedrijft. Lubbers hield zijn gehoor de christelijke deugd van dienstbaarheid en naastenliefde voor als bron van politieke inspiratie: 'de kern van de C'. Daarbij gold: 'Het mag nooit om de macht gaan, maar om de kracht.'

Hij waarschuwde zijn partij voor de gevaren van 'verbonzing, mannetjespolitiek en gesloten partijkaders'. Met andere woorden: het CDA mag vooral geen kruising worden tussen het Kremlin en de KNVB. Nee, de partij moet 'openheid, samenwerking en dienstbaarheid' uitstralen. De D in het CDA zat volgens Lubbers in de erkenning dat voor God 'ieder mens telt'. Dat legt zijn partij de plicht op om 'verder te reiken dan onze schaduw, om op zoek te gaan naar het betere'. De A stond tenslotte voor het 'elkaar aanspreken op onze verantwoordelijkheid'.

Dat het succesvolle CDA behalve wellicht door het evangelie vooral door de kiezer is gelegitimeerd, werd ongenoemd gelaten. Dat leek ook overbodig in de grote zaal van het Congresgebouw waar de tweeduizend stoelen vrijwel allemaal bezet waren. Het hoogmoedige 'wij regeren dit land' dat een CDA-Kamerlid zich ooit liet ontvallen, moet worden veranderd in het deemoedige 'wij dienen dit land', zo leek het zaterdag.

Dit gedachtengoed werd echter nog onverwacht scherp van kanttekeningen voorzien door ds. C. A. ter Linden van de Haagse Kloosterkerk. Deze predikant was samen met de Heerlense aalmoezenier M. G. G. J. Schreurs uitgenodigd om een 'meditatief moment' te verzorgen. In een oecumenisch een-tweetje verzorgde de katholiek de tekstlezing en de protestant de tekstduiding.

Waar Schreurs zonder omhaal stelde dat 'wij met onze politiek God willen dienen', nam Ter Linden afstand. Hij legde de partijgangers het verschil uit tussen God dienen en God er als rechtvaardiging bijslepen. Slavernij, apartheid en berusting in armoede het is allemaal met een beroep op de bijbel verdedigd, zo bracht hij in herinnering. 'U voelt wel: dat is nu voorbij'. 'God zij met ons' staat dan nog wel op de gulden, 'maar dat is op het randje'.

De goede verstaander voelde al welke kant het op zou gaan. Maar Ter Linden hekelde het gebruik van de C 'die er bij allerlei organisaties bijgesleept wordt' zonder namen te noemen. Daartoe bracht hij het verhaal van koning David in herinnering wiens nonchalante vervoer van de Ark des Heren met een ossekar werd afgestraft (2 Samuel: 6, 7). De trekdieren vielen dood neer en er viel een dode, Uzza, zoon van Abinadab.

Pas toen David, eenvoudig gekleed in een linnen lijfrok, de ark zelf op de schouders nam, wist God zich echt 'gedragen'. Daarin zit de sleutel voor het CDA: 'God zoekt dragers, steunpunten. Hij wil dicht aan het hart gedragen worden', aldus Ter Linden. Inhoudelijk zijn er ook consequenties: 'Een partij die zich naar de Messias noemt zal altijd speuren naar de geringsten en proberen hen gerechtigheid te brengen.' Wie de gerechtigheid wil dienen mag dat alleen indien God zich ook 'door U gedragen weet'. Bescheidenheid en betrokkenheid was zijn boodschap.

Maar helemaal zonder triomfalisme kon het feest toch niet worden gevierd. Ere-voorzitter dr. P. Steenkamp karakteriseerde zijn partij als een van gematigden. 'Van zowel dit als dat, van economische groei maar ook van ecologie, van hoofd en hart.' Een partij die 'alles beziet en het goede behoudt'. Als zo'n partij de macht heeft, dan wordt volgens Steenkamp, die de burgemeester van Jeruzalem, T. Kollek, aanhaalde, 'de wereld een betere plaats'. Steenkamp riep de leden op 'deze oecumene te verdiepen'. Want, zo zei hij, dan 'boort U een goudmijn aan'.

Ook was er nog een christelijk jongerenkoor uitgenodigd met een dito zanger, de Zweed Ingemar Olsson, die van theologische twijfel of politieke PR evenmin iets moesten hebben. Met de blijheid van de net bekeerden zongen zij hun boodschap van zich af wij geloven in de Heer, in de planeet en in onszelf, halleluja.

Olsson zwiepte onder het zingen een opgeblazen wereldbol de zaal in. Er ontstond een onvrijwillig partijtje volleybal tussen afwerende CDA-prominenten. Bezorgd om het kapsel en om de foto die het in de maandagkrant zou opleveren 'Het CDA wereldkampioen'? Toen het refrein ook nog mee ge-oehoed moest worden, leek de bonte avond van de EO compleet.