Uitblinkers beloond door biermagnaat

AMSTERDAM, 25 okt. 'De wereld schiet meer op met een paar heel knappe mensen dan met een grote massa middelmaat. Dat is misschien elitair gedacht, maar het is wel zo.' De gepensioneerde bierbrouwer Freddy Heineken koestert een oprechte bewondering voor uitblinkers in wetenschap en kunst. En wat meer is: hij verbindt daar financiele consequenties aan.

Uit een apart gehouden deel van Heinekens eigen vermogen van bijna 10,6 miljoen gulden worden met ingang van dit jaar om de twee jaar vier grote geldprijzen gefinancierd. Dat zijn de Amsterdamse Kunstprijs (50.000 gulden), de Amsterdamse Prijs voor de Geneeskunde (250.000 gulden), de Amsterdamse Prijs voor de Historische Wetenschap (100.000 gulden) en de Amsterdamse Prijs voor het Milieu (250.000 gulden).

De prijzen voor 1990 zullen morgen samen met de al sinds 1964 bestaande dr. H. P. Heinekenprijs voor biochemie en biofysica (250.000 gulden) worden uitgereikt op een bijzondere vergadering van de Koninklijke Nederlandse Akademie van Wetenschappen. De prijzen worden in de Ridderzaal in Den Haag uitgereikt door prins Claus.

Winnaars zijn de Nederlandse fotografe M. Bot (kunst), prof. J. J. van Rood uit Leiden (geneeskunde), de Amerikaan prof. Peter Gay van Yale University (geschiedenis), de Britse emeritus hoogleraar James E. Lovelock (milieu) en de Amerikaan prof. Philip Leder van Harvard University (biochemie).

Freddy Heineken is al 26 jaar kind aan huis bij de KNAW. 'De portier hier kent me vrij goed', zegt hij in de bestuurskamer in het hoofdkwartier aan de Kloveniersburgwal in Amsterdam, in het bijzijn van KNAW-president prof.dr. P. J. D. Drenth.

Pag.3: Vervolg

    • Felix Eijgenraam