Eigendomsmisbruik

Vorige week meldde zich een vrouw bij de politie van Washington met de mededeling dat ze drie jaar eerder haar twee maanden oude baby had vermoord. Het was geen geval van wiegedood geweest zoals de arts destijds had geconstateerd, ze had eigenhandig het neusje en de mond dichtgeknepen. De reden was, vertelde ze aan de politie, dat ze het niet kon uitstaan dat haar man meer aandacht had voor de baby dan voor haar. Het is een van die absurde misdaden waarover je hoofdschuddend leest in de krant en waarbij je maar beter niet te lang kunt verwijlen, als je niet verstrikt wilt raken in de psychologie van een wel zeer oninvoelbare moordenaar. Ik moest denken aan het beklemmende stuk van Rudy Kousbroek in deze krant (CS, 12-10-90) over de wreedheden kinderen door de eeuwen heen aangedaan: ondervoeding, aanranding, uitbuiting, verhandeld of vermoord worden te vondeling leggen was in dit verband nog een van de humanere gedragingen. Kousbroek eindigt zijn stuk met een voorzichtig optimisme: het lot van kinderen, althans in het westen, is onvergelijkbaar veel beter dan vroeger; er is wel degelijk sprake van vooruitgang in de wereld.

Statistisch gezien is dit ongetwijfeld waar. Kinderen in de 20ste eeuw hoeven minder te lijden en hebben ook minder te duchten van hun directe omgeving dan ooit tevoren. Dat geldt trouwens ook voor volwassenen, wier rechten als individu nooit eerder zo gewaarborgd zijn geweest.

Kindermoord was vroeger een verschijnsel dat getolereerd werd, zolang er geen ruchtbaarheid aan gegeven werd. Het was officieel verboden, maar er werd niet al te zwaar aan getild. Is dit nu een kriterium voor beschavingsniveau of niet? In statistisch opzicht zeer zeker wel, het lastige is alleen dat ik me desondanks kan verplaatsen in bepaalde gevallen. Ik hoef mezelf daarvoor niet eens in de Middeleeuwen of verder terug te projecteren, het kan ook nu in 1990. Als ik een kind zou krijgen met een geatrofieerd hersenvolume dat ook nog eens blind, doof en spastisch is bij voorbeeld, weet ik zeker dat de gedachte aan een verlossend kussentje op het gezicht in me op zou komen. Of ik het plan uit zou voeren weet ik niet, waarschijnlijk zou ik terugdeinzen voor het handwerk, maar de wens zou bestaan, ontegenzeggelijk.

Vind ik daarom ook dat al die geestelijk en lichamelijk diepgestoorde personen die nu een vegeterend of automutilerend leven in een inrichting leiden maar omgebracht moeten worden? Helemaal niet. Dan zou het doden van een mens geformaliseerd worden in het een of ander maatschappelijk kader compleet met indicaties en toetsingsmomenten, wat betekent dat de ethiek dan pas goed losgelaten zou worden. Iemand die het diepgestoorde kind van de buren ombrengt pleegt naar mijn gevoel een zwaardere misdaad dan iemand die zijn eigen diepgestoorde kind vermoordt. Dat heeft te maken met eigendomsverhoudingen.

Ook al weten we beter, het is bijna onmogelijk voor een ouder zich te onttrekken aan de gedachte dat je kind je eigendom is (en dat niemand anders er ook eigenlijk iets over te vertellen heeft). Een kind in eigendom hebben impliceert aan de ene kant dat je ermee kunt doen wat je goeddunkt, uithongeren, uitbuiten, seksueel misbruiken en zelfs vermoorden (je hebt het tenslotte het leven gegeven, dus waarom zou je het dit niet ook weer af kunnen nemen?), maar aan de andere kant biedt de eigendomsverhouding de sterkst mogelijke bescherming tegen onverschilligheid en verwaarlozing.

Een boer die koeien, kippen en varkens houdt, is beter af wanneer hij goed voor de beesten zorgt en ze voldoende te eten geeft, dan wanneer hij ze verwaarloost, want in dat laatste geval geven ze te weinig melk, leggen geen eieren meer of brengen niets meer op voor de slacht. Dit gaat a fortiori op voor kinderen. Ook al werden ze vroeger op een meer instrumentele manier benaderd dan nu (als hulpje ingeschakeld voor het vele werk dat gedaan moest worden om in leven te blijven, als investering voor de eigen oude dag), zelfs dan is het rationeler om ze goed te behandelen dan ze te mishandelen. Van een kind dat in wreedheid is opgevoed valt weinig te verwachten als je zelf oud en hulpbehoevend bent geworden en de eigendomsverhoudingen omgekeerd zijn.

Het aantal kindermoorden en vondelingen uit vroeger tijden zegt mij dan ook niet zoveel. Als ik mezelf voorstel in Europa vijfhonderd of duizend jaar geleden en niet behorend tot de 5 procent adel of geestelijkheid, zou ik daar vast ook aan meegedaan hebben. Het zich ontdoen destijds van een baby die je niets te bieden had was waarschijnlijk net zoiets als het laten uitvoeren van een abortus nu. Hoe erg ook, toch van een andere orde dan het slecht behandelen van kinderen uit sadistische motieven, iets waarvan ik moeilijk kan geloven dat het vroeger meer voorkwam dan nu. De constantheid van de menselijke inborst, waarmee ik bedoel dat wij nog steeds kunnen lachen om grapjes die de oude Grieken in hun geschriften hebben nagelaten of ontroerd kunnen raken door observaties van de oude Chinezen, heeft als idee voor mij een grote aantrekkingskracht. Maar ik geef toe dat het een notie is. Men kan materiaal verzamelen dat ervoor pleit of juist ertegen; een bewijs leveren is niet mogelijk.

Het dagelijkse leven was vroeger grimmig, de kwaliteit van het leven is er voor kinderen de laatste honderd jaar een stuk op vooruit gegaan, maar voor volwassenen ook het is gekunsteld die groepen te scheiden. Ik vrees trouwens dat er geen sprake is van een monotoon stijgende kwaliteitslijn. De jaren vijftig en zestig bijvoorbeeld waren vast veel leuker voor kinderen dan nu: er waren minder scheidingen, grotere gezinnen en er kon nog onbekommerd buiten gespeeld worden. De bewegingsvrijheid die volwassenen nu hebben (met de auto) is ten koste gegaan van die van kinderen, die het grootste deel van hun tijd in georganiseerd groepsverband doorbrengen onder supervisie. Mij lijkt dat een achteruitgang, maar ik heb de mogelijkheid om te vergelijken. Een kind kan niet anders dan de status quo als normaal aanvaarden. Dat is altijd de tragiek van het kind geweest.