De onwil van de slagers van de Hongerhal

Liviu Pora, een Roemeen die in het verleden naar Duitsland is geemigreerd en daar een voedselimportbedrijf leidt, was afgelopen zomer een van de eerste Westerse ondernemers die beseften dat sommige Roemeense produkten vooral kaas- en vleesprodukten voldoen aan de hoogste Duitse kwaliteitseisen. Hij stortte zich, aangemoedigd door de wetenschap dat men in Roemenie de markteconomie wil doorvoeren, op de Roemeense markt.

Pora ondervond weinig moeite bij het zoeken naar ruimte in Boekarest: hij vond een bedrijfsonderkomen in een van die grote overdekte markten van de Roemeense hoofdstad, die analoog aan de Parijse Halles hallen heten en die in de volksmond tenslotte is er jarenlang niets te koop geweest Hala Foamei worden genoemd: de Hongerhal. Pora ging aan de slag, sloot contracten af met vlees- en kaasleveranciers in den lande en kwam met de slagers van Hala Foamei overeen samen een geprivatiseerd bedrijf op poten te zetten.

Het project, bedoeld om zowel de Roemeense als de buitenlandse markt te voorzien, zit inmiddels op dood spoor. De aanvangsproblemen de installatie van koelkasten, het installeren van een afwateringssysteem, de miserabele hygienische omstandigheden en de huur van ruim een kwart miljoen lei per maand kwam hij snel te boven. Maar Pora strandde uiteindelijk op de onwil van de werknemers, en op de corruptie.

Het abattoir in Reghin in het verre Transsylvanie stuurde Pora zijn vlees verpakt en wel. Toen de eerste chauffeurs het vlees in de Hala Foamei kwamen afleveren, werden ze er ontvangen met gescheld en beledigingen: de slagers van Hala Foamei zaten niet op verpakt vlees te wachten, omdat hun dat de mogelijkheid ontnam met sjoemelen bij te verdienen, door onder de toonbank te verkopen, vlees van de tweede categorie voor vlees van de eerste categorie te verkopen, hier en daar wat stukken te stelen en aldus gebruik te maken van de schaarste. Staatsvleesbedrijven zitten in Roemenie zwaar in de rode cijfers, maar slagers zijn lei-miljonairs: zij houden de schaarste in stand en varen er wel bij. En van de plannen van Pora met zijn voorverpakte vlees en zijn efficiente geprivatiseerde bedrijf moesten die slagers dus niets hebben. Drie dagen lang stonden drie vrachtauto's met vlees vlees van exportkwaliteit, in een stad waar vlees nog altijd zeer schaars is voor de deur, terwijl in het verre Reghin een wanhopige abattoirdirecteur de boeren moest uitleggen dat hij helaas niet meer op hun varkens zat te wachten. Om dezelfde reden werd een complete trein, beladen met kaas, vanuit Boekarest naar de leverancier in Vaslui teruggestuurd.

Pora zit inmiddels met de handen in het haar. De slagers van Hala Foamei, zo heeft hij de inwoners van Boekarest in een interview met het blad Romania Libera uitgelegd, voelen er niets voor onder een baas te werken en willen inmiddels van privatisering niets meer weten: onder het oude systeem werden ze slapend rijk, het nieuwe systeem, met een geprivatiseerde markt, betekent werken en minder verdienen. De Boekaresters zitten nog altijd zonder vlees. 'Oordeel zelf wiens schuld dat is', aldus Pora.