BERTHOLD LUBETKIN 1901-1990; Nooit goed genoeg voorgewone mensen

Tot het laatst toe heeft de eergisteren overleden Russisch-Engelse architect Berthold Lubetkin zich bemoeid met de bouwkunst. Toen Prince Charles een paar jaar geleden de aanval opende op de Engelse moderne architectuur, vond hij in Lubetkin een tegenstander die flinke scheldpartijen niet schuwde. Een uitnodiging van de prins om op Buckingham Palace te komen praten over de toekomst van de Engelse architectuur sloeg hij af. 'Wat moet ik daar doen? Thee drinken en cake eten met de koningin soms? Ze lezen mijn artikel maar', zo motiveerde hij zijn weigering.

Berthold Lubetkin gold als een moeilijk mens die niet tot compromissen bereid was. Al op 52-jarige leeftijd gaf hij het beroep van architect op, omdat zijn plan voor de nieuw aan te leggen mijnwerkersstad Peterlee in het noorden van Engeland steeds verder door lokale politici en aannemers werd uitgekleed. 'Het is nooit goed genoeg voor gewone mensen, ' vond hij. Peterlee in een zuinige versie vond hij te min voor de mijnwerkers. Tot zijn pensionering in 1968 zou hij zich wijden aan de varkensfokkerij die hij in de Tweede Wereldoorlog bij gebrek aan opdrachten was begonnen.

Lubetkin werd op 14 december 1901 geboren in Tiflis, de hoofdstad van Georgie. Na de Oktoberrevolutie studeerde hij in Moskou en Petrograd bij constructivisten als Tatlin en Rodtsjenko. In 1921 verliet hij Rusland om in Berlijn en later Wenen het bouwen met beton te leren. Uiteindelijk kwam hij in 1925 in Parijs terecht waar hij onder meer bij de moderne classicist Auguste Perret in de leer ging. Eind jaren twintig was zijn opleiding voltooid. Van de Russische constructivisten had hij hun voorkeur voor geometrische vormen overgenomen en de opvatting dat kunst en architectuur middelen waren om de wereld te verbeteren. Door Perret had hij respect gekregen voor 'de grote traditie van het classiscisme'. Misschien is Lubetkins werk daarom nog het beste te omschrijven als 'classicistisch constructivisme'.

Hoewel hij in Parijs zijn eerste ontwerpen realiseerde, beviel het 'zelfgenoegzame Frankrijk' hem niet en vestigde hij zich in 1931 permanent in Engeland, voor Lubetkin het land van het koele rationalisme en het gezond verstand. Hij werd er de belangrijkste pionier van de moderne architectuur, Voor Lubetkins komst had die nauwelijks voet aan de grond gekregen op het traditioneel ingestelde eiland. Met een aantal jonge, pas afgestudeerrde architecten richtte hij het architectenbureau Tecton op. De eerste jaren bouwde Lubetkin verblijven voor dieren en villa's voor rijke Britten. Zijn mooiste gebouw is de penguin pond in de Londense Zoo, een ovalen bassin waarin twee betonnen spiraalvormige hellingbanen tegen elkaar in draaien. In 1935 bouwde hij Highpoint I, een groot, smetteloos wit appartementengebouw voor rijke Londenaars, dat door Le Corbusier jaloers een 'baken van de nieuwe tijd' werd genoemd.

Eind jaren dertig kreeg Lubetkin eindelijk de gelegenheid om zijn ideaal te verwezenlijken: bouwen voor arbeiders. Hij ontwierp vier sociale-woningbouwcomplexen waarvan de bouw pas na de Tweede Wereldoorlog werd voltooid. Met bescheiden middelen probeerde Lubetkin de dodelijke saaiheid te vermijden die kenmerkend is voor veel van de naoorlogse volkswoningbouw. Het kwam hem op veel kritiek te staan: strenge functionalisten vonden zijn woningbouw 'formalistisch' en traditionalistische critici vonden de eenvoudige, geometrische vormen te monotoon.

Lubetkin is altijd een overtuigd socialist en modernist gebleven, maar was zowel in de politiek als in de architectuur wars van dogma's. Tegen het stalinisme keerde hij zich al in 1930, toen het Sovjetregime nog kon rekenen op talloze bewonderaars in het Westen. En de orthodoxe functionalisten vond hij dor en droog. 'Ik ben altijd voor een rationele architectuur geweest, ' zei hij een paar maanden voor zijn dood. 'De rede is onze enige houvast in deze wereld en de heldere, geometrische vormen van de moderne architectuur zijn voor mij symbolen van de wil van de mens om zijn omgeving te vormen, om orde in de chaos te brengen. Maar een rationele benadering sluit emotie niet uit. Elke kunstzinnige schepping begint met een emotionele impuls. En architectuur is een uiteindelijk een kunst en niet een wetenschap zoals de functionalisten beweerden.'