Tegenslag Japanse beursmakelaars

ROTTERDAM, 24 okt. De vier grote Japanse effectenhandelaren hebben als gevolg van de beurscrisis in Tokio de grootste winstdaling geboekt sinds de (eerste) oliecrisis van 1973.

De winst voor belastingen tuimelde bij Nomura, Daiwa, Nikko en Yamaichi, tevens de vier grootste ter wereld, met ruim de helft tot driekwart. Hun winsten zakten in totaal met 423 miljard yen (5,5 miljard gulden) tot 245 miljard yen (3,2 miljard gulden).

De effectenhuizen zijn vooral getroffen door de daling van het aantal verhandelde aandelen. De handel daalde met liefst 29,3 procent ten opzichte van dezelfde periode vorig jaar. In juni zijn bovendien de provisietarieven met zeven procent verlaagd, provisie op aandelenhandel is veruit de belangrijkste winstbron voor de effectenhuizen.

De effectenhuizen staakten in de periode maart tot en met juli de uitgifte van aandelen voor bedrijven, in verband met de beurscrisis was de vraag naar nieuwe aandelen nog maar uiterst gering, in de eerste negen maanden van dit jaar ging bijna de helft van de beurswaarde in rook op.

De winstcijfers zijn nog geflatteerd door een maatregel die het Japanse ministerie van financien afgelopen maand afkondigde. Voor het eerst mogen de effectenhuizen verliezen op langdurig aandelenbezit buiten de normale winstcijfers houden. Ze worden nu apart geboekt als buitengewoon verlies.

De effectenhuizen boekten wel, dank zij de hogere rente, meer opbrengst uit hun kasreserves; de winst op de obligatiehandel veranderde niet veel.

Financieel analisten in Tokio verwachten bij de grote effectenhuizen geen faillissementen, de grote huizen zijn ondanks de crisis winstgevend gebleven en de handel trok deze maand weer aan.