McDonald's doet Rijkaart groeien

ASPEREN, 24 okt. Bij machinefabriek Rijkaart is niets onmogelijk. Het bedrijf neemt de inrichting van bakkerijen van hamburgerketen McDonald's in Moskou en de Verenigde Staten op zich terwijl tegelijkertijd werknemers van een fabriek uit Dresden wordt geleerd hoe ze dat moeten doen.

Maandag maakte het bedrijf uit Asperen bekend dat McDonald's opdracht heeft gegeven voor een bedrag van vijftien miljoen gulden twee fabrieken in de Verenigde Staten in te richten. De fabrieken gaan vier miljoen ontbijtbiscuits per jaar produceren. Rijkaart moet daarvoor de produktielijnen leveren. 'Kennelijk heeft McDonald's goede ervaringen met ons. We hebben voor het bedrijf in Moskou de bakkerij voor hun broodjes en apple-pies geplaatst', zegt directeur-aandeelhouder H. L. Rijkaart niet zonder trots.

In 1955 is hij samen met zijn vader en een broer het bedrijf begonnen dat nu ongeveer 350 werknemers telt en een omzet heeft van circa 65 miljoen gulden. Rijkaart: 'We groeien nog steeds. De afgelopen vijf jaar gemiddeld vijftien procent'.

De machinefabriek maakt complete produktielijnen voor de banket- en snackindustrie. Van 'kant-en-klaar'-pizza-machines tot apparaten die 30.000 croissants per dag kunnen maken. Ze worden over de hele wereld verkocht 'omdat eten in de mode is'. De omzet van het bedrijf bestaat voor 95 procent uit export, vrijwel gelijk verdeeld over Europa, Verenigde Staten en de rest van de wereld.

Rijkaart is al jaren actief in de Sovjet-Unie en Oost-Europa, maar dat verklaart nog niet de aanwezigheid in Asperen van acht werknemers van een fabriek uit Dresden. 'In Dresden nemen we nu voor het eerst een hele fabriek over, vooral omdat we in Nederland niet voldoende geschoold personeel kunnen krijgen. De Duitsers zijn hier om onze produktietechnieken te leren zodat ze die straks, terug in Duitsland, kunnen toepassen', legt Rijkaart uit.

Weliswaar is de produktiviteit van de fabriek in Dresden de helft van die in Asperen, maar dat ligt niet aan het personeel. 'Alle anders luidende berichten ten spijt, de mensen daar zijn gemotiveerd en goed opgeleid. Ze hebben alleen niet de gereedschappen en geavanceerde apparatuur die we hier hebben.' Ulrich Andreus, een van de acht Duitsers die nu bij toerbeurt in Nederland zijn, beaamt dit: 'We hebben geen enkele moeite de technieken van Rijkaart onder de knie te krijgen'.

Kruithof, die niet wil zeggen hoe veel geld hij voor de fabriek in Duitsland moet neertellen, verwacht dat hij binnen drie jaar de produktiviteit daar op peil heeft. Daarvoor moet wel een reorganisatie worden doorgevoerd waarbij vijftig van de 250 personeelsleden worden ontslagen. Bovendien schat hij ongeveer drie miljoen gulden te moeten investeren in nieuwe gereedschappen en machines.

De overname van de fabriek in Dresden verschaft Rijkaart ook een betere toegang tot de markt in Oost-Europa en de Sovjet-Unie, verwacht de directeur. Een markt die nu al voor zo'n vijftien procent aan de omzet bijdraagt. Zo zijn onlangs nog in een staatsbakkerij in Leningrad voor tien miljoen gulden drie produktielijnen voor korstdeegprodukten geplaatst.

Het lijkt erop dat door de omwenteling in Oost-Europa en door de perestrojka in de Sovjet-Unie de oosthandel op steeds minder problemen stuit. Maar Rijkaart plaatst hier enige kanttekeningen bij. Met name de financiering geeft moeilijkheden. Vroeger wisten bedrijven met wie ze zaken deden, namelijk met de overheid die via de staatsbank ook voor de Nederlandsche Credietverzekering Maatschappij (NCM) acceptabele zekerheid voor de betaling van leveranties verstrekte. Rijkaart: 'Nu hebben we veel te maken met kleine bedrijven van wie niemand weet wie daar achter zit en die geen behoorlijke administratie hebben die de NCM kan controleren. In de Sovjet-Unie moeten we nu zaken doen met lokale overheden die niet de verlangde zekerheden kunnen geven'.

De Duitse overheid is volgens Rijkaart veel minder kritisch dan de Nederlandse bij de beoordeling van aanvragen voor kredietverzekering. Juist om de handel met Oost-Europa en de Sovjet-Unie te bevorderen, waarvan de ondernemer uit Asperen met de fabriek in Dresden hoopt te profiteren. Kruithof vindt dat Nederland zich te terughoudend opstelt bij de bevordering van export naar Oosteuropese landen en vreest dat Nederlandse bedrijven daardoor kansen missen.

'Het initiatief van staatssecretaris Van Rooy om lease-contracten met Oosteuropese landen bij de NCM te verzekeren ziet er op papier mooi uit, maar je hebt er niet veel aan. Ze weten daar niet wat leasen is. Bovendien, als de verplichtingen niet worden nagekomen krijg je je spullen wel terug, maar wat zijn die nog waard als die bij voorbeeld geen onderhoud hebben gehad? De NCM waardeert die machines op basis van afschrijvingspercentages zodat je er toch behoorlijk bij kunt inschieten', zegt Kruithof zonder de indruk te wekken dat hij daar overigens slapeloze nachten van heeft.

De problemen met de kredietverzekering gaan voorlopig voorbij aan Ulrich Andreus: 'Wij zijn blij met Kruithof. Wij worden op voet van gelijkheid behandeld en ons bedrijf is gered. Het is spijtig dat zoveel collega's bij andere bedrijven niet de kansen krijgen die wij nu krijgen en moeten worden ontslagen'.