Kanselier praat liefst over vrienden Bush en Gorbatsjov; Kohl vreest concurrentie niet

BONN, 24 okt. Tien dagen geleden won de CDU van kanselier Helmut Kohl met enkele nagenoeg anonieme lijsttrekkers de verkiezingen in vier van de vijf nieuwe Oostduitse deelstaten. Ook de CSU profiteerde op dezelfde dag als haar zusterpartij naar eigen zeggen van de gunstige Kohl-thermiek: zij zag haar meerderheid in de Beierse landdag verrassend ruim bevestigd (54 procent) terwijl de SPD op een na-oorlogs dieptepunt (26 procent) belandde.

De CDU zal in de vier Oostduitse deelstaten waar zij 14 oktober grootste partij werd, leiding geven aan een regeringscoalitie. In Sachsen kan zij als meerderheidspartij onder Kurt Biedenkopf alleen regeren. In Thuringen, Sachsen-Anhalt en Mecklenburg-Vorpommern wordt de FDP coalitiepartner, naar het model van de nationale coalitie in Bonn. In Mecklenburg doorbrak de ex-SPD'er Wolfgang Schulz, die zich nu partijloos noemt, een patsituatie (33 zetels voor CDU en FDP, evenveel voor SPD en PDS) door zich voor een centrum-rechtse coalitie uit te spreken. Als gevolg daarvan verliest de SPD haar meerderheid in de Bondsraad, die wordt samengesteld uit de regeringscoalities in de zestien Duitse deelstaten.

Maandagavond publiceerde het tweede Duitse televisienet zijn voorlaatste Politbarometer voor de Bondsdagverkiezingen: CDU/CSU 46 procent, FDP 9, SPD 35, Groenen 4 en PDS 2. Zelfs drie kwart van de SPD-kiezers gelooft dat Kohl en niet de eigen lijsttrekker Oskar Lafontaine na 2 december kanselier zal zijn. De FDP heeft al een voorkeursverklaring voor voortzetting van de coalitie met de CDU/CSU uitgesproken. De Groenen willen niet met de SPD samenwerken, terwijl de SPD om electorale redenen niet eens over zo'n samenwerking durft te spreken.

Vorige week dinsdag was Lafontaine een uur lang hoofdpersoon in het televisieprogramma Was nun, Herr Lafontaine? Nu, zijn kansen mogen dan heel klein zijn, hij was gevat, kende zijn zaken, viel Kohls 'dure' politiek onophoudelijk aan en wist zijn teleurstelling over de verkiezingstegenvallers van twee dagen daarvoor aardig goed te verbergen.

Gisteravond was de kanselier aan de beurt in Was nun, Herr Kohl? 'De zwarte reus', zoals de Oostduitsers Kohl noemen, zat in een van zijn net verkeerd gekleurde blauwe pakken massief-ongemakkelijk op het kleine tweezits bankje waarop Lafontaine een week eerder nog heel veel plaats had gehad. Maar dat leek dan ook Kohls enige ongemak. Hij wist in een gesprek van een uur het uitspreken van de naam Lafontaine te vermijden. Dat lukte hem zelfs na de rechtstreekse vraag wat hij van de SPD-kandidaat vindt. Daarop antwoordde hij vals dat hij 'blij' was met de tegenstander die zo'n oude en eerbiedwaardige partij als de SPD had gekozen. Namelijk iemand die de 'unieke kans' op de Duitse eenheid steeds slechts in boekhoudkundige termen had besproken.

De SPD? Die moet er ook zijn, maar grote zorgen lijkt de kanselier zich over haar electorale concurrentie niet meer te maken. Hij sprak liever over zijn vrienden Bush, Mitterrand, Gorbatsjov en vertelde over wat men aan de top van de wereldpolitiek alzo meemaakt. Zoals die ochtend vorig najaar, toen hij eerst de net aangetreden kortstondige Oostberlijnse SED-stadhouder Egon Krenz aan de telefoon had gehad en even later in een telefoongesprek met Gorbatsjov mocht begrijpen dat Krenz noch de SED verder op steun uit Moskou hoefde te rekenen.

Onbelast

In het laatste decennium van deze eeuw 'we zijn het daarover eens en dat bepaalt onze band' moeten politici als Kohl en Gorbatsjov, persoonlijk onbelast door de oorlog maar niet zonder herinneringen daaraan, werken aan een veilig en geordend Europa, zo gaf de 60-jarige kanselier impliciet nog een verschil met de 47-jarige SPD-tegenkandidaat aan. Niet een nationaal thema als de kosten van de Duitse eenheid maar de Europese integratie en de verwachtingen die men in Oost-Europa van het verenigde Duitsland heeft, daar draait het om in de komende tien jaar, doceerde Kohl vanaf zijn nog vrij nieuwe staatsmanshoogte.

's Middags had hij de CDU-fractie alvast zicht gegeven op wat hem in de nationale campagne nu echt bezig houdt: de situatie na 2 december. Dus: de verhouding tot de FDP. De SPD had hij kortweg beschreven als een partij waarvan de verkiezingsstrategie van 'Verelendung' in de vroegere DDR geheel mislukt was. Een voortgezette coalitie met de FDP, partner sinds '82, kan straks gaan lijden onder 'metaalmoeheid', er dreigen 'zakelijke meningsverschillen' met haar, onder meer over de abortuswetgeving en de internationale veiligheidspolitiek, zo had Kohl gewaarschuwd. 's Avonds herhaalde hij die waarschuwing voor de zekerheid voor de televisiecamera.

De afgelopen dagen schildert de FDP in en buiten Bonn daarentegen het risico dat CDU en CSU op 2 december wel eens de absolute meerderheid zouden kunnen krijgen. Dan zouden de liberalen als coalitiepartner niet eens meer nodig zijn. Bij verkiezingen hebben de Duitse kiezers twee stemmen, de eerste gaat naar een partijkandidaat van hun voorkeur, zeg iemand van CDU of SPD. De tweede stem kunnen zij gebruiken om een andere partij te steunen, bijvoorbeeld de FDP die mede op zulke tweede stemmen is aangewezen om de kiesdrempel van vijf procent te passeren.

Zes weken voor de Bondsdagverkiezingen gaat het electorale gevecht in Duitsland nu vooral om die tweede stem. Maar het is een raar intern coalitiegevecht. De CDU weet aan haar rechterzijde de exclusief Beierse CSU, die in het verenigde Duitsland aan invloed dreigt te verliezen nu haar Oostduitse conservatieve pleegkind DSU het niet goed (meer) doet bij de kiezers. De CDU heeft de FDP in feite nodig als coalitie-correctief, zij zou de gevangene van de CSU worden als zij samen met die partij een meerderheid zou verwerven. De komende weken zullen de CDU en de FDP zich niet zozeer met de SPD bezig houden, maar vooral met elkaar vechten om de tweede stem van de kiezer. Zij het steeds met een wederzijdse knipoog.