ATV NU OOK IN GESCHENKVERPAKKING

Arbeidstijdverkorting? Het onderwerp was zo dood als een pier. De Bouw- en Houtbond FNV voerde er nog actie voor, afgelopen jaar. Verder niemand. De andere grote bonden binnen de FNV, de AbvaKabo en de Industriebond, wilden het woord helemaal niet meer horen. ATV leek een uitgedoofd 'strijdpunt' van de vakbeweging. Geen ondernemer lag er meer van wakker, geen beleidsambtenaar wilde er nog over praten, geen politicus die er nog enthousiast over deed. In de vakbeweging zelf werd nog wel plichtmatig getamboereerd op 'de noodzaak om tot verdere ATV te komen'. Maar je ontmoette nauwelijk meer een bestuurder of kaderlid die daar echt in geloofde.

In een paar maanden tijd is die situatie radicaal veranderd. De drie middelgrote bonden in de FNV (Vervoersbond, Voedingsbond, Dienstenbond, gedrieen ook wel 'de VVD-bonden' genaamd) hebben het oude strijdpunt van zolder gehaald, afgestoft en in een glimmend nieuw jasje gestoken. De leus is niet meer: 'Wij willen ATV'. Nu staat er: 'Wij willen een vierdaagse werkweek'. En het moet gezegd, de nieuwe verpakking is een daverend succes.

Minister Maij-Weggen verklaarde zich vorige week tot ieders verrassing voorstander van een vierdaagse werkweek. Deze kan immers een vermindering van het woon-werkverkeer opleveren (die vervolgens weer geheel teniet wordt gedaan door een toename van het aantal plezierritjes, maar dat terzijde). De FNV bleek niet onverdeeld gelukkig met deze adhesie-betuiging. De bewindsvrouwe sprak immers over 'vier dagen van 9,5 uur': de normale werkweek van 38 uur, samengeperst in vier dagen. Maar dat is helemaal niet de bedoeling van de FNV-bonden. Het gaat ze in de eerste plaats om het bereiken van arbeidstijdverkorting. De verpakking, het idee van de vierdaagse werkweek, mag niet belangrijker worden dan de ATV zelf.

Reeksen bedrijven werken al met vierdagen-schema's. Dergelijke roosters zie je vooral in bedrijven met grote machineparken (zoals in de metaalbewerking) en veel opdrachten. Dat soort bedrijven wil graag de bedrijfstijd per dag verlengen, omdat er dan per dag per machine meer produktie kan worden gemaakt. Zo werkt het personeel in de vrachtwagenfabriek van Scania vier dagen van 9,5 uur. Elke week hebben ze een wisselende dag vrij. Een paar keer per jaar trek je de hoofdprijs: vrijdag vrij plus de aansluitende maandag. Bingo, een superlang weekeinde. De jongere werknemers vinden het prachtig. Veel ouderen hebben grote moeite met de lange werkdagen en vrezen dat ze voortijdig zullen moeten afhaken.

Op dit punt zou de manier waarop de FNV-bonden hun voorstel verpakken wel eens een averechts resultaat kunnen opleveren: het is goed mogelijk dat ondernemers bereid zijn een vierdaagse werkweek in te voeren, maar zonder arbeidstijdverkorting. Dan krijg je zeer lange werkdagen a la Scania, gecompenseerd door een groot aantal roostervrije dagen en een stevige loonsverhoging. Ik vraag me eerlijk gezegd af hoe de leden van de bonden zouden reageren op zo'n tegenbod van werkgevers. Het zal de betrokken FNV-bonden immers nog heel wat zendingswerk kosten hun achterban weer echt te laten geloven in arbeidstijdverkorting. Want die leden hebben inmiddels een jaar of tien ervaring met dat thema, en die ervaring is niet onverdeeld positief.

D e ATV-acties van begin jaren tachtig spetterden nou niet bepaald van levensvreugde. De werkenden moesten 'inschikken om plaats te maken voor de werklozen', ze moesten 'inleveren om de solidariteit overeind te houden'. Het was alles 'stapjes terug' en opoffering wat de klok sloeg. De grote meerderheid van de werknemers bleek inderdaad bereid om in te leveren. Maar dat leidde, zoals bekend, slechts in beperkte mate tot nieuwe banen voor werklozen. Veel werkgevers maakten van de gelegenheid gebruik de produktiviteit per werknemer te verhogen. Maximaal een derde van de vrijgekomen uren werd herbezet. Gevolg: de werknemers subsidieerden met hun inschikkelijkheid de winsten van de bedrijven. Een aantal bedrijven heeft door die kapitaalinjectie het hoofd boven water gehouden. En de algemene winststijging heeft uiteindelijk zeker ook tot nieuw werk geleid. Maar zonder dat de vakbeweging daarop nog veel invloed kon uitoefenen, en vooral: zonder dat de werknemers het gevoel kregen dat hun offers iets concreets hadden opgeleverd. Veel leden van de vakbeweging menen kortom dat hen in vorige ATV-rondes een oor is aangenaaid.

A cties voor een vierdagen- week moeten dus niet alleen de werkgevers overtuigen. Ze zullen in de eerste plaats moeten dienen om de eigen achterban, en niet te vergeten de grote bonden binnen de FNV, (weer) voor de ATV te winnen. Nu moet worden gezegd dat de middelgrote bonden er in heel korte tijd in zijn geslaagd het begrip 'arbeidstijdverkorting' een face-lift te geven. De huidige ATV-actie is heel anders van toon dan die uit de jaren tachtig. De bonden willen nog altijd ATV om extra banen te scheppen voor werklozen en 'herintredende vrouwen'. Maar andere argumenten rukken op: de behoefte aan meer vrije dagen om voor de kinderen te kunnen zorgen, bij voorbeeld. En ook simpelweg de behoefte aan meer vrije tijd voor sociale activiteiten. De werknemers wordt daarmee een vorm van arbeidstijdverkorting voorgeschoteld die velen van hen inderdaad als een belangrijke verbetering zullen ervaren. Deze vorm van arbeidstijdverkorting kan worden bedreven uit eigenbelang. Dat maakt het 'laten zitten' van anderhalf of twee procent loonstijging een stuk makkelijker.

Ik ben benieuwd of het al in het komend CAO-seizoen zal lukken in een aantal bedrijven stappen te zetten naar een vierdaagse werkweek inclusief ATV. Op zich lijkt er in de maatschappij voldoende steun te bestaan voor het plan van de FNV-bonden, maar die kan afbrokkelen wanneer de werkgevers zich serieus gaan verzetten. Wellicht lukt het niet (meteen) om een nieuwe ATV-ronde op touw te zetten. Blijft staan dat een paar strategische denkers binnen de vakbeweging in staat blijkt om in enkele maanden tijd een brede maatschappelijke discussie te laten ontstaan over werktijden en roosters. Als je niet beter wist, zou je bijna denken dat er toch nog iets maakbaar is aan onze samenleving.