Polly Peck vangt bot op Cyprus; Topman Asil Nadir heeft van90 banken nog twee weken respijt

ATHENE, 23 okt. De autoriteiten in de Turkse zone van Cyprus lijken onwillig financiele hulp te verlenen aan Asil Nadir, de Britse zakenman van Turks-Cyprische afkomst, die de afgelopen dagen weer op zijn geboorte-eiland was, op zoek naar middelen om zijn schuldeisers op korte termijn genoegdoening te geven.

De president van Polly Peck International (PPI) het voornamelijk in fruit, elektronica en toerisme gespecialiseerde concern, waarnaar het Serious Fraude Office (SFO) in Londen een onderzoek instelt wegens mogelijke kunstmatige prijsopdrijving van de eigen aandelen heeft van de zestig banken waarbij het in de schuld staat tot 9 november respijt gekregen om 70 miljoen pond op tafel te leggen een klein deel van de totale schuld van PPI, die het miljard pond overschrijdt.

Nadat het SFO in september met zijn beschuldigingen kwam, daalden in Londen de aandelen PPI pijlsnel en besloot de Londense beurs de notering op te schorten. Nadir kondigde daarop aan dat hij de afbetaling van zijn bankschulden zou stoppen, wat leidde tot koortsachtig beraad met zijn schuldeisers die hem ten slotte het respijt gaven.

Nadir pretendeerde voor 200 miljoen pond te kunnen terugvallen op de kapitalen die hij had geinvesteerd in Turkije en Turks Cyprus, maar tot nu toe heeft hij van de op korte termijn benodigde 70 miljoen slechts een kwart gevonden. Over de verkoop van 82 procent van de aandelen van het succesvolle, in Turkije gevestigde bedrijf Vestel (wasmachines, computers, televisietoestellen) gaan nog slechts speculaties.

Enkele Turkse banken zijn op bescheiden schaal bijgesprongen, met als onderpand Nadirs Sheraton Voyager Hotel bij Antalya, begin september nog met veel luister in het bijzijn van de Turkse president Ozal geopend. Op Cyprus werd 12 miljoen verkregen door de verkoop van Nadirs 93 procents-belang in het hotel Salamis Bay bij Famagusta, na de Turkse inval van 1974 buitgemaakt op de Grieks-Cyprioten.

De hoop van Nadir moet gevestigd zijn geweest op de Industriebank in het Turkse deel van Cyprus. Die bank is het centrale kanaal voor Nadirs omvangrijke investeringen, waarop de economie van de, alleen door Ankara erkende, 'Turkse Republiek Noord-Cyprus' (bijgenaamd Nadirland) voor ten minste dertig procent drijft.

De autoriteiten hebben echter geen vergunning gegeven deze kapitalen naar het buitenland over te hevelen. Kort tevoren had het Turks-Cyprische oppositiedagblad Ortam, dat Nadir altijd had bestookt, gewaarschuwd voor het gevaar van een run op de bank door burgers die terecht moesten vrezen dat hun ingelegd geld voor Nadirs schulden zou worden gebruikt.

'President' Denktas, die tien jaar lang nauw met Nadir heeft samengewerkt, heeft de bevolking gerustgesteld. Van een tekort aan geld zou geen sprake zijn. Om dit waar te maken zal Denktas nu zijn weldoener voor korte of langere tijd moeten bruuskeren.

Een val van Nadir voor morgen wordt in Londen de aanstelling van een curator verwacht, tenzij Nadir alsnog een uitweg weet zal stellig enorme repercussies hebben op de Turks-Cyprische economie. Van de 160.000-koppige bevolking werken zeker 9.000 in zijn bedrijven fruitafwerking en hotels.

Vorige week werd op de beurs van Zurich de notering van (eveneens getuimelde) aandelen in het reisbureau Nobel Raredon van zijn zuster Bilge Nevzat opgeschort. Dit bedrijf staat in nauwe connectie met Nadirs luchtvaartmaatschappij Nobel Airs, die op Londen vliegt en een belangrijke rol speelt bij het, overigens nog bescheiden, toerisme naar Turks Cyprus. Nog afgelopen zomer waren voor 45 miljoen dollar vier tweedehands Boeings 707 gekocht om toeristen uit Finland en Oostenrijk aan te voeren.

Het respijt van vier weken dat Nadir op 12 oktober door zijn schuldeisers werd verleend, ging samen met een opdracht aan het acountantskantoor Coopers en Lybrant Deloitte, een onderzoek in te stellen naar de geldmiddelen van PPI. De acountants stuitten in de Turkse zone echter op grote moeilijkheden, die niet alleen te wijten zouden zijn aan de ongeordende staat van Nadirs financien. Het acountantskantoor had zich in de 'Turkse Republiek' aangediend onder de naam Cork Gully. Het motief was dat het bedrijf in de Grieks-Cyprische republiek een eigen bloeiend kantoor heeft. Om ressentiment tegen te gaan maskeerde het aanvankelijk zijn identiteit, maar dit zou bij de Turks-Cyprische bankautoriteiten kwaad bloed hebben gezet.

In de Turks-Cyprische regeringsgezinde pers, grotendeels in handen van Nadir zelf, kan men nog steeds lezen dat de hele affaire een produkt is van intriges uit de machtige Grieks-Cyprische lobby in Londen, die de noordelijke economie van het eiland kapot wil maken.

Op het Turkse vasteland wordt deze theorie niet zoveel meer gehoord. Journalisten van het linkse Turkse weekblad 'Naar 2000', dat in Istanbul uitkwam maar inmiddels is verboden, zijn reeds in het begin van dit jaar ieder tot 1.600 pond veroordeeld. Al vorig jaar stelden zij Nadirs financiele praktijken aan de kaak. Nadir had als schadevergoeding 100.000 pond geeist.