Gemeenten mogen weer zelf huizen laten bouwen

DEN HAAG, 23 okt. Gemeentelijke woningbedrijven mogen van de Tweede Kamer weer woningen gaan bouwen. Dat was de gemeenten sedert 1964 in principe niet meer toegestaan. Toen sprak de Kamer uit dat de nieuwbouw van sociale woningen een zaak moest zijn van het particuliere initiatief en werd het primaat daarvoor aan woningcorporaties gegeven.

Inmiddels zijn verreweg de meeste sociale woningen eigendom van woningbouwverenigingen. Eind 1988 waren er nog 280.000 gemeentewoningen. Met name de woningbedrijven in de vier grote steden hebben financieel een wankele positie.

CDA en PvdA bleken hun verschillende opvattingen over de rol van het corporatisme en de taak van de overheid gisteren te hebben bijeengevoegd in een motie. De gemeentelijke bedrijven mogen van de regeringsfracties woningen bouwen, mits zij ten opzichte van de gemeenten een zelfstandiger positie gaan innemen. Ze moeten worden omgevormd tot stichtingen. De gemeente kan het bestuur van deze stichting vormen en dus het beleid bepalen, maar tegelijkertijd moet de financiele zelfstandigheid van het woningbedrijf zijn gewaarborgd. Geld van het woningbedrijf mag niet worden besteed aan andere gemeentelijke zaken.

Staatssecretaris Heerma bleek gisteren bereid dit standpunt van de coalitie over te nemen, hoewel hij eerder de opvatting huldigde dat gemeentelijke woningbedrijven beter kunnen verdwijnen. Volgens Heerma is het bouwen en beheren van sociale woningen een taak die het beste aan woningbouwverenigingen en soortgelijke instellingen kan worden overgelaten. Gemeenten nemen de komende jaren toch al diverse volkshuisvestingstaken van het rijk over, zoals het toezicht op de corporaties en de verdeling van de nieuwbouw.

D66, Groen Links en VVD wilden gisteren nog een stap verder gaan dan PvdA en CDA en de gemeenten geheel vrij laten in de wijze waarop zij hun woningbedrijf organiseren. Alle grote fracties menen dat gemeentelijke woningbedrijven zich moeten kunnen aansluiten bij het Centraal Fonds voor de Volkshuisvesting, dat tot nu toe alleen was bedoeld om noodlijdende (particuliere) woningbouwverenigingen te helpen.