Fransman Delion onderstreept in Lombardije wielertalent

MONZA/ROTTERDAM, 22 okt. De naam Gilles Delion heeft nog geen bekende klank in de wielerwereld. Desondanks mag de Fransman, die zaterdag de Ronde van Lombardije won, niet als een onbeduidende wielrenner worden afgeschilderd. De prestaties van de coming-man uit Chambery onderstrepen die stelling. Vorig seizoen, zijn eerste volle jaar bij de profs, eindigde Delion als tweede in zowel Lombardije als de Ronde van Romandie. Dit jaar won hij een etappe in het Criterium International en was hij in een aantal grote wedstrijden regelmatig bij de besten, waardoor hij naar de tiende plaats in het klassement om de wereldbeker oprukte.

Door zijn triomf in de 'klassieker van de vallende bladeren' schoof Delion eergisteren zelfs op naar de zesde positie van de door Gianni Bugno aangevoerde Worldcup-ranglijst. De 24-jarige Fransman van de ploeg Helvetia, die zijn medevluchters Richard, Echave, Mottet en Millar in de sprint versloeg, had aan de streep in Monza alle reden om tevreden te zijn. Hij had zijn marktwaarde aanzienlijk verhoogd en hij was, zoals hij het zelf uitdrukte, verlost van een enorme frustratie.

Delion, een ex-student wiskunde, doelde op de resultaten die hij dit jaar in Italiaanse wedstrijden behaalde. Telkens ging het in het land van de Azzurri net mis: hij werd derde in de Tirreno-Adriatico en Milaan-Sanremo, vierde in de Coppa Placci, tweede in de ronden van Latium en Emilie, zesde in de Coppa Sabatini en (vorige week dinsdag) derde in Milaan-Turijn.

Kritiek

Het talent Delion, de zoon van een chocolade-fabrikant, is bezig een zelfbewuste renner te worden. In de laatste Tour de France, waar hij debuteerde met een vijftiende plaats, kreeg de leerling van Paul Kochli de kritiek dat hij te weinig risico's nam. 'Die houding heb ik daarom veranderd', zei hij in Monza, 'ik durf nu aan te vallen, initiatieven te nemen.'

Delion had zich goed voorbereid op de elfde en laatste wedstrijd om de wereldbeker. Afgelopen woensdag nog verkende hij de zestig slotkilometers. Organisator Torriani had het parcours (Monza-Monza) overigens flink gewijzigd met het doel de finale dynamischer te maken. Ter herinnering: in 1988 en 1989 was de ontknoping vrij saai, met respectievelijk Charly Mottet en Toni Rominger als solerende winnaars.

Rominger ontbrak zaterdag wegens ziekte, Mottet stond in optima forma aan de start. De kleine Fransman had na zijn dramatisch verlopen Tour, waar hij een uur en zes minuten verloor op gele truidrager Greg LeMond, uitgebreid rust genomen om zijn geschonden prestige in de najaarsklassiekers op te vijzelen. Het lukte bijna. Mottet moest in Lombardije ten slotte capituleren voor de goed samenwerkende ploeggenoten Richard en Delion.

Breukink

Erik Breukink was in Noord-Italie als een van de favorieten vertrokken maar hij kon zich, net als de acht andere Nederlandse deelnemers, niet waarmaken. Halverwege de koers stapte hij af. Breukink: 'Ik had veel last van mijn rug, het gevolg van een val in Parijs-Tours, vorige week. Op de eerste klim raakte ik al achter. Het had geen zin door te gaan.'

Door de blessure zijn de kansen van de Nederlander op een succes in de zogenoemde finale van de wereldbeker komende zaterdag, een tijdrit in het Franse Lunel flink gedaald. Breukink: 'Ik heb weinig kunnen trainen. Daardoor kom ik competitie tekort. Toch wil ik graag starten.' Ook zondag, in de klimkoers van Montjuich, wil hij acte de presence geven.

Sinds de Tour heeft Breukink nauwelijks rust genomen. Hij reed een reeks criteriums, wedstrijden om de worldcup en het wereldkampioenschap. De kopman van PDM bekent dat het seizoen lang en zwaar is, maar hij sluit zich niet aan bij Kelly, Argentin, de in Lombardije afwezige Dhaenens en Bugno, die zich sterk maken voor een beperking van de kalender.

Breukink: 'Wielrennen wordt steeds internationaler. Dat betekent simpel dat er meer en meer wedstrijden komen. Ik heb daar geen probleem mee, want ik kan mijn eigen programma indelen. Het is een kwestie van de voor jou geschikte koersen eruit pikken. Tja, als je mee wil doen om de hoofdprijs van de wereldbeker, dan ligt het natuurlijk anders, dan moet je er het hele jaar staan.'