HANS NAMUTH 1915-1990; Het kunstenaarsportret

De Amerikaanse fotograaf Hans Namuth is deze week op 75-jarige leeftijd bij een auto-ongeluk op Long Island in de staat New York omgekomen. Namuth, van oorsprong Duitser, is in Amerika bekend geworden door zijn foto's van kunstenaars van de New York School of Painting, vooral de groep die zich na de oorlog op Long Island vestigde. Over twee vooraanstaande kunstenaars uit deze groep, Jackson Pollock en Willem de Kooning, maakte Namuth ook films.

Hans Namuth werd in 1915 in de Duitse stad Essen geboren en was bezig met een opleiding als acteur toen hij in 1933 voor het opkomende fascisme vluchtte. Hij woonde enige tijd in Parijs en reisde door Europa. Samen met Georg Reisner maakte hij reportages over de Spaanse Burgeroorlog die onder andere in het tijdschrift Life werden gepubliceerd.

In 1941 kwam Namuth naar New York, waar hij de rest van zijn leven doorbracht als freelance fotograaf en filmer. Na zijn studie aan de New School for Social Research (een van de instellingen die onlangs een rechtszaak aanspande inzake de obsceniteitsbepalingen van de National Endowment of the Arts) begon hij kunstenaars aan het werk te fotograferen. Behalve Pollock en Willem en Elaine de Kooning nam hij ook Franz Kline, Robert Motherwell, Mark Rothko, Robert Ryman, Barnett Newman, Jasper Johns en Robert Rauschenberg als 'onderwerp'.

In 1950 maakte Namuth zijn eerste foto's van action painter Pollock; in 1951 volgde de film, waarbij hij de camera onder een glasplaat legde waarop Pollock verf van zijn kwast liet druipen. Namuth dankte zijn reputatie als fotografische chroniqueur van de towering era van het Amerikaanse kunstleven voor een groot deel aan zijn beelden van Pollock.

Volgens de recensent van de New York Times balanceerde het werk van Namuth tussen indringende portretkunst en heldenverering. Van de tentoonstelling in 1981 in de Newyorkse Pace Gallery schreef hij, dat sommige portretten, bijvoorbeeld van Mark Rothko en Robert Motherwell, de juist toon van ernst en waardigheid troffen. Maar soms liet Namuth zich tezeer verleiden om de 'instructies' van zijn onderwerp te volgen en het imago van de kunstenaar uit te dragen in plaats van zijn eigen visie.

Namuths kunstenaarsportretten en architectuurfoto's verschenen behalve in Life ook in Look, Harper's Bazaar en Time; daarnaast publiceerde hij een aantal fotoboeken. Zijn werk is tentoongesteld in onder andere het Museum of Modern Art, de Corcoran Gallery in Washington en de Pace Gallery en Leo Castelli Gallery in New York. In de loop van 25 jaar reisde hij diverse malen naar Guatemala om portretten te maken, die vorig jaar verschenen in het boek Los Todos Santeros.

Na de film over Pollock volgden er in samenwerking met Paul Falkenberg films over De Kooning (1964), Josef Albers (1969), de architect Louis Kahn (1974) en de fotograaf Alfred Stieglitz (1982). Het fatale auto-ongeluk kreeg Namuth toen hij naar huis reed na de vertoning van zijn recentste film, over de kunstenaar Jasper Johns.

    • Tracy Metz