FRANKRIJK

De belangstelling in Frankrijk voor het document humain is nog steeds groeiende. Zes van de titels op de non-fictie-lijst zijn memoires of biografieen.

Bovenaan staat het prachtige Lecons particulieres van Francoise Giroud (zie elders in dit bijvoegsel). Le plus beau metier du monde is volgens Francoise Verny het vak van talentenjager bij een grote uitgeverij. Zij heeft dit achtereenvolgens bij Grasset en Gallimard gedaan, en werkt nu voor Flammarion. Verny heeft een scherpe neus voor talent, waardoor zij kon uitblinken in een sector waar vrijwel alleen mannen de dienst uitmaken. Haar ontdekking van Yann Queffelec is een mooi voorbeeld van haar scherp ontwikkelde speurzin.

Op vakantie aan de Bretonse kust, ziet Verny op een ochtend een jongeman uit een zeilboot springen. Hij lijkt het prototype van een Bretonse zeeman, en heeft in zijn uiterlijk niets van een schrijver. Francoise Verny gaat naar hem toe en zegt: ' Kerel, je hebt een schrijverssmoel'. ' Hoe hebt U dat geraden?' vraagt een verbaasde Queffelec die er weliswaar van droomt schrijver te worden maar van wie nog niemand heeft gehoord. Verny neemt hem onder haar hoede. Al met zijn tweede roman, Les noces barbares, wint Queffelec de prix Goncourt.

Het boek van Verny verschaft de lezer een aardige blik in de keuken van de grote Franse uitgeverijen, waar intriges en machtsstrijd courante zaken zijn.

Maurice Nadeau was uitgever van boeken van 'moeilijke' schrijvers als Malcolm Lowry, Gombrowicz en Georges Perec. Hij vertelt onderhoudend over Gide, Breton, Queneau en andere Franse auteurs die hij goed heeft gekend. Wie geinteresseerd is in het literaire en intellectuele leven van de afgelopen vijftig jaar in Parijs, kan in Graces leur soient rendues veel van zijn gading vinden.

Wat de biografieen betreft, heeft Notre ami le roi van de gerenommeerde onderzoeksjournalist Gilles Perrault al de nodige opschudding verwekt. De geportretteerde koning Hassan II van Marokko is namelijk over het boek in grote woede ontstoken. Perrault schetst een genadeloos profiel van een corrupt despoot, die de mensenrechten in zijn land aan zijn laars lapt.

Nummer twee op de lijst is een onderhoudende biografie van Yves Montand, de man met zijn gouden stem en zijn onweerstaanbare charis-ma. Terecht hoog genoteerd staat de biografie van Marguerite Yourcenar, die Josyane Savigneau, journaliste bij Le Monde, heeft geschreven. Savigneau heeft nieuwe - en soms pikante - bijzonderheden over het leven van deze belangrijke Franse schrijfster boven water weten te krijgen.

Dat La Gloire des nations van Helene Carrere d'Encausse zoveel aftrek vindt, is wel verdiend. Immers lang voordat de feiten haar in het gelijk zouden stellen, had de schrijfster al in een eerder boek, L'Empire ecfoutief tekenlatee, het uiteenvallen van de URSS voorspeld. Carrere d'Encausse verbaast zich er over dat een begaafd man als Gorbatsjov vijf jaar nodig heeft gehad om te ontdekken dat het streven naar autonomie van allerlei volken binnen de Federatie meer dan folklore is. De marxistische analyse waarmij hij was opgevoed, moet de Sovjet-leider hebben verlamd.

Les Parisiens van de journalist Alain Schifres is een lichtvoetige verhandeling over de Parijzenaars. Hij signaleert een armoedig woordgebruik bij de jongeren. Naitre is een uit het Zweeds vertaalde reportage over het allereerste begin van het menselijk leven tot en met de geboorte. De goede verkoopcijfers verraden een opmerkelijke belangstelling voor dit onderwerp in een land, dat zijn demografische evenwicht slechts dankzij het hoge geboortecijfer bij immigranten kan handhaven.