Proliferatie blijft bron van spanning

Aan atoomwapens wordt een vredebewarende functie toegeschreven, maar tegelijkertijd heeft de mening postgevat dat die functie slechts kan worden vervuld zolang niet meer dan een beperkt aantal 'verantwoordelijke' staten er de beschikking over heeft. Proliferatie, spreiding van kernwapens, dient te worden belemmerd, afgeremd en zonodig bestraft en tegengegaan door zelf dat geldt dan voor de landen die over de kernbom beschikken het goede voorbeeld te geven.

Het begon allemaal met een Amerikaans monopolie. Voor wie zo wilde zag de toestand er veelbelovend uit. De staten op de wereld verkeerden in een evenwicht, beheerd door de Verenigde Naties, die zich weer lieten sturen door de Veiligheidsraad waarin de vijf permanente leden, niet toevallig de overwinnaars van de Tweede Wereldoorlog, het voor het zeggen hadden. Voor zichzelf hadden zij overigens tegenover de rest en elkaar een recht op 'het laatste woord' (veto) gehandhaafd. Een Amerikaans nucleair monopolie mocht in die omgeving worden beschouwd als gummiknuppel in de hand van een wereldpolitie. Er was wel dynamiek, veroorzaakt door de dekolonisatie, maar in Amerikaanse ogen was die beheersbaar. Landen die tegen de stroom van de geschiedenis oproeiden, zoals Nederland, kregen te maken met de overtuigingskracht van Amerika's zelfvertrouwen.

Dat de gedachte van een 'wereldbestuur' niet geheel en al theorie was, viel af te leiden uit het zogenoemde Baruch-plan (1948) dat voorzag in een internationale regeling voor de exploitatie van kernenergie. Op dat plan is destijds en later van alle kanten geschoten, maar het lag in de lijn van de erkenning dat er eigenlijk maar twee echte overwinnaars waren, hoeveel respect de eenzame Britse volharding van 1940 en 1941 ook had afgedwongen. Bovendien ging het uit van de realiteit dat Washington en Moskou de facto de macht deelden en dat de Sovjet-bom niet lang meer op zich zou laten wachten. Het had zo mooi kunnen zijn. Tegen de achtergrond van de beeindiging van de Koude Oorlog, de nieuwe samenwerking op velerlei gebied en het gezamenlijke optrekken tegen Irak mag de mislukking van het Baruch-plan postuum zelfs wel een gemiste kans worden genoemd.

De werkelijkheid was anders en in betrekkelijk korte tijd groeide het aantal kernmogendheden staten met DE bom tot vijf: naast de VS, de Sovjet-Unie, communistisch China, Groot-Brittannie en Frankrijk, samen de vijf permanente leden van de Veiligheidsraad, hoewel de communisten jarenlang moesten wachten alvorens zij de Chinese zetel konden innemen.

Een aantal keren is het gebruik van de bom overwogen, ondermeer tijdens de belegering van Dien Bien Phoe (Tonkin) door de Vietminh in 1954 en een jaar later ter afwending van een gevreesde communistische invasie van de voor de Chinese kust gelegen eilanden Quemoy en Matsu. Chroesjtsjov schrijft in zijn memoires dat Castro in 1962 gebruik van de bom had geeist tegen Amerika. Maar in de jaren zestig, toen de vernietigingskracht van de nucleaire wapens toenam, won de overtuiging veld dat het gebruik ervan niet geloofwaardig was: het zou immers de vernietiging ook van de gebruiker tot gevolg hebben. Zo ontstond het 'evenwicht van de afschrikking'.

Maar er is een marge van onzekerheid gebleven. Dat blijkt uit de voortschrijdende technologische vernieuwing van wapens, ondanks alle wapenakkoorden. Dat blijkt ook uit de vrees dat het evenwicht zal worden doorbroken zodra andere landen dan de Vijf de hand zullen leggen op de bom. De 'afschrikking' van de bom zou niet meer werken zodra 'onverantwoordelijke' leiders er de beschikking over zouden hebben gekregen, zelfs niet indien zij rekening zouden moeten houden met een nucleair antwoord. Een nucleaire oorlog tussen India en Pakistan en tussen Irak en Israel wordt daarom niet uitgesloten. (Per implicatie: de tegenwoordige kernmogendheden zouden ook wel eens onder 'onverantwoordelijke' leiding kunnen geraken.)

Proliferatie kan volgens die redenering het evenwicht van de afschrikking dus doorbreken en moet worden tegengegaan. Al vroeg, twintig jaar geleden, sloten drie van de vijf kernmogendheden zich daartoe aaneen in het Verdrag tegen spreiding van kernwapens (NPV) en zij nodigden andere landen uit tot deelneming. Tot dusver verbonden 138 landen zich van de bom af te zien, inbegrepen Irak, maar uitgezonderd India, Pakistan en Israel om er een paar te noemen. De signerende kernmogendheden verplichtten zich tot het voorkomen van proliferatie en tot het terugdringen van kernbewapening per se. Frankrijk en communistisch China bleven buiten het verdrag, Peking ook nadat het in Assemblee en Veiligheidsraad de Chinese zetel van de Nationalisten had overgenomen.

Het NPV valt in de diplomatieke categorie van het goede voorbeeld. Als wij, de kernmogendheden, er zorg voor dragen dat DE bom ons exclusieve bezit blijft en zelfs onze vrienden en bondgenoten dit wapen zullen onthouden, als wij tegenover elkaar en tegenover de rest van de wereld ons van onze bijzondere verantwoordelijkheid bewust tonen, als wij U, niet-bezitters, daarenboven toezeggen wel te zullen bijdragen aan vredelievende toepassing van kernenergie, dan verwachten wij dat U afziet van de verwerving van de bom. Dat is de grondslag van het verdrag.

Maar zonder sancties slaagt de onderneming kennelijk niet. Pakistan bijvoorbeeld voelt zich gerechtigd de bom te verwerven. Buurland India, waarmee diepgaande territoriale en andere geschillen bestaan, heeft ooit een 'vreedzame' atoomexplosie tot stand gebracht, op zichzelf een reactie op China's bom. De Verenigde Staten hebben thans hun militaire en economische hulp aan Pakistan opgeschort als strafmaatregel wegens de militaire implicaties van het atoomprogramma van dat land, anderszins al tientallen jaren lang een trouwe partner van Amerika.

De Amerikaanse daadkracht is mede ingegeven door de gebeurtenissen in de Golf. Nog in 1981 werd Israel door de Veiligheidsraad veroordeeld omdat het gewapenderhand een einde had gemaakt aan wat het oordeelde de opbouw van een militair-nucleair vermogen van Irak te zijn. Dit jaar werden op het Londense vliegveld Heathrow ontstekingsmechanismen in beslag genomen die bestemd zouden zijn geweest voor Iraakse nucleaire wapens-in-wording. Zo speelt ook in de nieuwe Golfcrisis het kernwapen mee. Ook al zou Saddam Hussein al zijn troepen uit Koeweit terughalen, dan blijft Iraks nucleaire potentie een explosieve bron van spanning voor het gehele Midden-Oosten.

Vrees dat het NPV binnen afzienbare tijd zal zijn achterhaald doordat spreiding van kernwapens niet kon worden voorkomen, is reeel. Regeringen hebben immers niet kunnen tegengaan dat bedrijven landen met nucleaire ambities aan 'gevoelig materiaal' hebben geholpen. Voor staten die betekenis zijn blijven hechten aan hun handtekening onder het NPV, wordt het met de dag moeilijker hun gelofte gestand te doen. Sancties als die tegen Pakistan kunnen worden beschouwd als niet meer dan een begin van een krachtinspanning om dit onmisbare verdrag in stand te houden.