Eerder naar huis na operatie levert geen besparingen op

ROTTERDAM, 18 okt. Patienten na een operatie eerder ontslaan uit het ziekenhuis dan gebruikelijk levert geen kostenbesparing op. Dit concludeert mevrouw M. Swinkels in haar vandaag in Leiden verdedigde proefschrift 'Eerder thuis beter af?'. Ze baseert haar conclusie op een onderzoek met dertig vervroegd ontslagen patienten en een even grote controlegroep.

Vaak wordt verondersteld dat verschuiving van ziekenhuiszorg naar thuiszorg leidt tot een daling van kosten in de gezondheidszorg. Er is niet zoveel gedetailleerd onderzoek beschikbaar om die veronderstelling te onderbouwen. Het onderzoek van Swinkels betrof dertig patienten die op vrijwillige basis na een gewone operatie aan bijvoorbeeld blindedarm of spataderen eerder werden ontslagen. De patienten in de controlegroep hadden dezelfde operaties ondergaan, maar bleven de gebruikelijke tijd in het ziekenhuis.

Om precies te kunnen nagaan wat de werkelijke kosten waren die voor die patienten werden gemaakt, hielden de verpleegkundigen in het ziekenhuis, de wijkverpleegkundigen en de huisartsen bij hoeveel tijd ze aan hen besteedden. Ook de kosten voor voeding, verbandmiddelen en bewassing werden bijgehouden. Het ligt voor de hand dat in het ziekenhuis minder kosten worden gemaakt voor de eerder ontslagen patienten, en in de eerstelijnszorg meer. Dat klopte.

Voor de dertig eerder ontslagen patienten maakten de huisartsen 2.232 gulden aan kosten. Deze berekening is gebaseerd op het norminkomen voor huisartsen en een standaard kilometervergoeding van zestig cent. De wijkverpleging noteerde 541 gulden aan extra kosten. In het ziekenhuis werd in de eerste plaats bespaard op voeding (580 gulden), bewassing (351 gulden) en medicijnen (13 gulden). Voorts hoefden de verpleegkundigen minder tijd te besteden aan de vervroegd ontslagen patienten dan aan die uit de controlegroep.

Die tijdbesparing is overigens niet zo heel groot, omdat uitziekende patienten relatief weinig tijd kosten. Daar verpleegkundige arbeid dankzij de inzet van leerlingen bovendien goedkoop is, kan hier slechts 1.040 gulden worden bespaard. In werkelijkheid werd die besparing niet gerealiseerd, omdat voor het kleine aantal patienten geen organisatorische aanpassingen werden ingevoerd. Kortom, in de eerste lijn stegen de kosten met 2.773 gulden, in het ziekenhuis daalden ze met 944 gulden en potentieel met nog eens 1.040 gulden. Maar zelfs in dat geval wegen de besparingen in het ziekenhuis niet op tegen de extra kosten in de eerste lijn.

Uit het onderzoek bleek tevens dat het herstel van de vervroegd ontslagen patienten net zo goed verliep als dat van degenen die in het ziekenhuis uitziekten. Er moest echter wel iemand beschikbaar zijn om de dagelijkse verzorging op zich te nemen, meestal de partner of een ander gezinslid. Partners van patienten die vervroegd waren ontslagen namen vaker vrije dagen op dan die uit de controlegroep.

Voor verschuiving van zorg van de tweede lijn naar de eerste zijn allerlei argumenten in zwang. Een daarvan is dat het voor veel patienten plezieriger is om thuis uit te zieken. Het onderzoek van Swinkels met een kleine groep patienten ondersteunt dat. Maar uit het onderzoek blijkt ook dat het argument dat die verschuiving tot een kostenbeparing leidt, op zijn minst twijfelachtig is.

Patient ziekt thuis net zo goed uit als in het ziekenhuis