VRIENDEN VAN VLEES EN BLOED

BV Ierland kan wankelend imperium van Larry Goodman niet missen

Het imperium van de Ierse vleesmagnaat Larry Goodman - 61 bedrijven, jaaromzet drie miljard gulden - raakte afgelopen zomer in ernstige problemen. De echo's van het drama klinken tot ver buiten de Ierse landsgrenzen. ABN, Amrobank, Saddam Hussein, Gerrit Braks, premier Charlie Haughey, Europees landbouw-commissaris Ray MacSharry - allemaal hebben ze met de Goodman-affaire te maken. Hoe drieendertig internationaal vermaarde banken zich verkeken op het Ierse politiek-economische complex.

Larry Goodman jogt graag. Nagenoeg iedere middag rond zessen verlaat hij, gestoken in een sober trainingspak, zijn woning in Castlebellingham, een stadje even ten noorden van Dublin, om zich gedurende korte tijd grondig af te matten.

Sinds het imperium van de 53-jarige Ier, de grootste vleesproducent en -exporteur van Europa, in augustus geheel onverwacht bleek te kampen met een niet inlosbare schuld van een kleine anderhalf miljard gulden, bleef het dagelijks ritueel in Castlebellingham zich herhalen. Larry Goodman jogt gewoon door. Voor mensen die hem kennen is het geen verrassing. Sedert augustus bleef vrijwel alles hetzelfde in het leven van de voormalige rijkste man van Ierland.

Nog altijd werkt hij - vader van twee geadopteerde kinderen - achttien a twintig uur per dag. Nog altijd drinkt hij geen druppel. Nog altijd vertoont hij zich zelden in het openbare leven. Nog altijd gaat hij ervan uit dat zijn imperium begin volgend jaar versterkt zal terugkeren. Nog altijd meent hij dat The Economist in 1988 waarheid schreef, toen het blad hem aanduidde als 'De beste vleeshandelaar ter wereld'.

Pat Heneghen, Goodmans persoonlijke woordvoerder: 'Larry vertrouwt op zichzelf. Hem treft geen blaam, daarvan is hij overtuigd.'

Dat zijn imperium niettemin in zodanig grote moeilijkheden verkeert dat diverse Ierse toppolitici zich evenzeer zorgen moeten maken over hun toekomst, wijdt Larry Goodman vooral aan de betrokken politici zelf. Zijn toorn richt zich in het bijzonder op een van hen: Des O'Malley, de Ierse minister van economische zaken. Als hij die functie niet had bekleed, verklaarde Goodman diverse malen, zou zijn vleesconcern nog immer glorierijk overeind staan.

Des O'Malley is geen alledaagse figuur in de Ierse politieke cultuur. Nadat hij aan het begin van de jaren tachtig vergeefse pogingen deed leider Charlie Haughey van 's lands grootste partij, het conservatieve Fianna Fail, op te volgen, werd hij enige jaren later wegens deloyaal stemgedrag uit de partij gestoten. Daarop vormde O'Malley de Progressive Democrats - vergelijkbaar met de Nederlandse VVD. In zijn scherpe oppositie tegen de politiek van Haughey was de bevoordeling door de regering van Goodman International een van O'Malley's belangrijkste thema's.

Vooral in 1987 verzette O'Malley zich krachtig tegen twee voornemens van de regering-Haughey. Allereerst was daar de toezegging van zo'n 75 miljoen gulden overheidssteun aan Goodman voor een ambitieus hervormingsproject van de Ierse vleesindustrie. Premier Haughey, een manifest bewonderaar van Goodman, noemde het destijds 'De op-een-na belangrijkste investering in de Ierse economie sinds de stichting van de staat'.

Een tweede 'overheidsinvestering' was er de hernieuwde kredietverzekering voor Goodmans vleesexport naar Irak. Ray MacSharry, toen nog minister onder Haughey en evenzeer een gekend aanhanger van Goodman, nam mede de uitvoering van de kredietverzekering voor zijn rekening. MacSharry's naam zou later nog menigmaal in het verband van de Goodman-affaire opduiken. De Ierse Labour-partij vermoedt al jaren dat zowel Haughey als MacSharry en hun Fianna Failpartij financiele banden hebben met Goodman. Tot nu toe zijn harde bewijzen daarvoor nog niet geleverd.

Ironisch genoeg zouden de politieke aartsvijanden Haughey en O'Malley twee jaar later tot elkaar worden veroordeeld. Na de verkiezingen in 1989 konden hun twee partijen alleen een meerderheid (van een zetel) in het parlement verkrijgen als ze samengingen. Zo bleef Haughey eerste minister en werd O'Malley bewindsman van economische zaken.

Ordinaire fraude

Ray Gordon, politiek adviseur van O'Malley: 'Een van de eerste zaken die O'Malley ter hand nam, was een onderzoek naar de export-kredietverzekering aan Irak. Het bleek dat Goodman verzekeringen verwierf voor vlees dat hij niet uit Ierland maar uit Noord-Ierland en Engeland uitvoerde. Er was sprake van ordinaire fraude. Daarop besloot O'Malley de verzekering te schrappen.'

Volgens Goodman zijn precies aan dat besluit zijn problemen van dit moment te wijten: de Iraakse leider Saddam Hussein liet na schulden van zo'n 540 miljoen gulden te betalen waardoor Goodman in zware liquiditeitsproblemen kwam die hij door toedoen van O'Malley niet op de Ierse regering kon verhalen. Toen afgelopen zomer de internationale boycot tegen Irak op gang kwam, besloot Goodman met zijn problemen naar buiten te komen: zijn bedrijf was in moeilijkheden geraakt door de Ierse politiek, en speciaal door O'Malley.

O'Malley sloeg hard terug - en bood vervolgens de helpende hand. In een bijzondere parlementszitting in augustus maakte de minister duidelijk dat de financiele problemen van Goodman niet enkel voortkwamen uit de Iraakse onwilligheid rekeningen te betalen; de onmiddellijk opeisbare schulden van Goodman bedroegen bijna het drievoudige van de vorderingen op Irak. Een schokje ging door Ierland.

Tegelijkertijd maakte O'Malley een begin met de redding van Goodman. Hij legde een noodwet aan het parlement voor - vergelijkbaar met de Amerikaanse Chapter 11-wetgeving - die tijdelijk voorkwam dat schuldeisers het faillissement van Goodman konden afdwingen. Het parlement ging met de invoering van de wet akkoord.

Ray Gordon, O'Malley's adviseur, 'Men kan zich terecht afvragen waarom uitgerekend O'Malley Goodman redde, die twee hebben elkaar tenslotte altijd bestreden. Er is maar een reden voor: de Ierse economie is te zeer afhankelijk van de vleesproduktie en -export. Daarin gaat vier a vijf procent van ons nationaal produkt om. Een faillissement van Goodman zou op dat moment - bij de aanvang van het slachtseizoen - desastreuze gevolgen hebben gehad.'

Populariteit

Zonder de Ierse toetreding tot de EG, in 1973, zou Larrry Goodman nooit de topdog zijn geworden waarvoor hij later doorging. Weliswaar had Ierland, land van schapen en koeien, grote hoeveelheden vlees aan de rest van de wereld te bieden, maar dat potentieel werd nauwelijks aangesproken. Totdat Larry Goodman zijn opwachting maakte.

Als van school gestuurde zoon van een vleesexporteur kocht Goodman in 1966 zijn eerste slachthuis voor 90.000 gulden. Hij pakte het anders aan dan de concurrentie. Hij nam de vrijheid vee te weigeren als het onvoldoende kwaliteit had, bijzondere kwaliteit werd extra gehonoreerd. Betalingen gebeurden aan het hek van het slachthuis - bij Goodman hoefde de Ierse boer nooit op zijn centen te wachten. Het verschafte de latere magnaat een ongekende populariteit.

Goodman ging spoedig exporteren naar Engeland, waar hij de concurrentie versloeg door de plaatselijke slager zoveel mogelijk kant-en-klaar-vlees te leveren. Daardoor kreeg hij in korte tijd vele supermarkten als vaste klant. Zijn markt breidde zich uit naar Frankrijk, Italie en West-Duitsland. Dank zij het werk van Larry Goodman steeg de export van Iers vlees voor het eerst in lange tijd.

Maar met de toetreding tot de EG zou de Ierse vleesuitvoer pas goed op stoom komen. Opnieuw dank zij Larry Goodman die zich een door vriend en vijand bewonderde kennis van de EG-subsidieregelingen had eigen gemaakt. 'Hij heeft honderden en nog eens honderden miljoenen uit Brussel weggesleept', zegt Fergus Finley, politiek assistent van de Ierse Labour-leider Dick Spring die de Goodman-affaire afgelopen zomer in het parlement aanhangig maakte. 'Slechts in een enkel geval is daarbij overigens misbruik van subsidies geconstateerd, laten we dat niet vergeten.'

Goodman maakte vooral gebruik van subsidies op vleesexport buiten de EG. Door het EG-systeem van garantieprijzen wordt de prijs van vlees op de Europese markt kunstmatig hoog gehouden. Wie buiten de EG exporteert, waar een lagere wereldmarktprijs geldt, krijgt het verschil tussen de mondiale en de Europese prijs in de vorm van subsidie vergoed. Goodmans woordvoerder Pat Heneghen: 'Larry bracht in een jaar vaak meer dan de helft van zijn tijd door in het Midden-Oosten om markten te verkennen'. Hij werd de grootste vleesleverancier aan landen als Egypte, Iran, Marokko en Irak.

Goodman maakte de Ierse vleesindustrie groot, nu kan de Ierse vleesindustrie niet meer zonder Goodman. Van de 90.000 veehouders die het land telt, levert meer dan de helft aan Goodman. Van de totale Ierse vleesproduktie is meer dan tachtig procent bestemd voor de export die voornamelijk via Goodman tot stand komt.

Gesloten boek

Het zijn gegevens die pas afgelopen zomer bekend werden. Voor die tijd was Goodman een gesloten boek. Maar een met een prachtige kaft.

Dat Goodman enige problemen had, was wel bekend maar dat deze zo omvangrijk waren als deze zomer naar buiten kwam, was een volslagen verrassing.

De vraag rees: waarom zijn zo veel internationaal vermaarde banken (33 in totaal, waaronder naast Amro en ABN, Lloyds, Credit Lyonnais, Barclays en Commerz Bank) tot op het laatste moment geld in Goodman blijven stoppen?

De banken zelf spreken er niet graag over - en zeker niet hardop. Niettemin is vrij duidelijk waarop zij zich hebben verkeken: op de Ierse politiek, meer in het bijzonder op Des O'Malley.

Voordat O'Malley vorig jaar minister werd, anticipeerde het beleid van vooral de Fianna Fail-regeringen doorgaans redelijk acuraat op de belangen van Goodman. Andersom diende Goodman de belangen van de regerende (Fianna Fail-)politici.

Fergus Finley van Labour: 'Toen de banken in augustus doorkregen dat Goodman in enorme moeilijkheden verkeerde, stapten ze naar ons om vertrouwelijke informatie door te geven. Dat vonden wij in eerste instantie nogal verrassend. Banken en sociaal-democraten - dat gaat meestal moeilijk samen. Maar het werd snel duidelijk dat de banken zich genomen voelden door zowel Goodman als de Ierse regering: de regering had gesuggereerd dat ze Goodman altijd zou beschermen, Goodman had ze steeds gewezen op het grote vertrouwen dat hij genoot bij Haughey en zijn collega's. Een krediet verlenen aan Goodman stond in de ogen van de banken gelijk aan een krediet verlenen aan de Ierse regering.'

Dat de banken inderdaad in een dergelijke veronderstelling verkeerden, blijkt ook uit de verklaring die een medewerker van de Duitse Commerz Bank onder ede voor de rechter in Dublin aflegde. Daarin stelde hij dat een onderdirecteur van Goodman nog in augustus expliciet had aangegeven dat enige 'ervaren ministers' uit het kabinet-Haughey ervoor zouden zorgen dat de Ierse overheid alsnog exportkredieten voor Irak zou verzekeren.

Door dik en dun

Premier Haughey moest in de verkiezingscampagne van vorig jaar regelmatig beschuldigingen van financiele banden met Goodman weerleggen - zij waren niet zelden afkomstig van zijn huidige collega O'Malley. Ray Gordon, O'Malley's adviseur: 'Haughey heeft Goodman in het verleden door dik en dun gesteund en is daarin te ver gegaan. Dat hebben wij altijd gevonden, dat vinden wij nog.'

En in augustus bleek ook Ray MacSharry, de man die in 1987 mede zorgde voor de omstreden kredietverzekering voor Irak aan Goodman, zich nog altijd nuttig te kunnen maken voor Larry Goodman. De toestand was op dat moment bijzonder nijpend voor de vleesmagnaat. Enkele banken die kennis hadden genomen van de schokkende financiele feiten, besloten niet langer te vertrouwen op de Ierse politiek: zij eisten hun openstaande schulden onmiddellijk terug waardoor Goodman dreigde failliet te gaan (pas een week later zou het parlement de noodwet accepteren die Goodman voor drie maanden afschermde tegenover zijn schuldeisers).

Een van die banken was de Amro die, net als de ABN, ongeveer negentig miljoen gulden in Goodman heeft zitten. De ABN gokte op een redding van Goodman maar de Amro niet, die wilde haar vordering opeisen. Op dat moment kwam MacSharry in actie. De Europese landbouwcommissaris die Goodman temidden van de financiele rampspoed prees voor zijn bijdrage aan de Europese vleesindustrie en de Ierse economie, belde met Braks, op dat moment nog Nederlands minister van landbouw. Na dat telefoontje liet Braks een van zijn topambtenaren contact opnemen met de Amro, welk telefoontje voor de bank van doorslaggevende betekenis was af te zien van de eis tot onmiddellijke terugbetaling van de schuld, zo liet de bank later weten.

MacSharry, wiens zoon werkzaam is bij Goodman, kwam door de publiciteit over zijn interventie ernstig onder druk te staan in Ierland. Hij verdedigde zich door te stellen dat zijn telefoontje slechts het belang van de Europese landbouw diende. Hij had Braks geen enkele dienst gevraagd.

Fergus Finley van Labour: 'Het is toch ontroerend. Ray MacSharry heeft bereikt dat Goodman is gered maar heeft het nooit zo bedoeld.'

Volgende week, als het Ierse parlement terugkomt van zomerreces, zal de Labour-fractie 'een lange serie' vragen stellen over de betrokkenheid van Ierse politici bij de Goodman-affaire, kondigt Finley aan. 'We maken daarbij gebruik van informatie van de banken en hebben nog enkele verrassingen in petto. Charley Haughey zal het niet gemakkelijk krijgen. Hij en zijn partij hebben van Larry Goodman een Ierse held gemaakt en we zullen ze er nog eens aan herinneren hoe dat precies ging en wat daarvan de consequenties zijn. De banden van de politiek met het bedrijfsleven zijn in Ierland te nauw, daar moet dit land omwille van zijn geloofwaardigheid vanaf. Anders zal straks geen enkele buitenlandse bank nog een krediet aan een Iers bedrijf verschaffen.'

MacSharry zal volgende week slechts bescheiden in de schijnwerpers van de Ierse politiek staan; als EG-commissaris verdedigt hij zich niet in Dublin, maar in het Europees parlement waar zijn betrokkenheid bij de Goodman-affaire ook aan de orde is gesteld. Zijn kostje is nog niet gekocht. 'Er komen nieuwe onthullingen, ons onderzoek is bijna afgerond', kondigt Finley van Labour aan.

Een woordvoerder van Fianna Fail laat weten dat zijn partij de oppositie geenszins vreest: 'This country needs Charley Haughey and they know it'. Ray Gordon van coalitiepartner Progressive Democrats wil niet op volgende week vooruitlopen: 'Dit ligt te gevoelig. Ga maar met Labour praten. Die weten alles.'

Terwijl het Ierse parlement zich buigt over de politieke consequenties van de Goodman-affaire, legt acountant Peter Fitzpattrick de laatste hand aan een reddingsplan voor Goodman International. Ingevolge de noodwet van augustus heeft hij van de Ierse rechter tot 30 oktober de tijd gekregen samen met Larry Goodman een reddingsplan op te stellen. Als hij een meerderheid van de 33 betrokken banken zover krijgt zijn plan te omarmen, kan Goodman International voortbestaan. De belangen voor de Ierse economie en Europese vleesindustrie zijn zo groot dat geen Ier verwacht - laat staan wenst - dat Fitzpattrick niet slaagt.

Niettemin verlegde hij de deadline van zijn opdracht al tweemaal. Het probleem, zo valt in zowel politieke als zakelijke kringen te vernemen, zit hem in de positie van Larry Goodman zelf.

Goodman wil blijven. Maar after all is redelijk duidelijk geworden dat de problemen van zijn bedrijf voor een niet onaanzienlijk deel aan de man zelf zijn te wijten: hij bleek het imperium zowat alleen te leiden, moest daarnaast de Europese wetgeving nauwgezet bijhouden, de lobby in de Ierse politiek verzorgen en had op het laatst nagenoeg ieder overzicht over zijn imperium verloren. 'Des O'Malley', zegt een naaste medewerker van Fitzpattrick, 'heeft het goed gezien: de problemen van het bedrijf moeten naar buiten want dat is de enige manier het imperium uit de handen van Larry Goodman te krijgen'.

Goodmans woordvoerder Pat Heneghen: 'Larry Goodman is begin volgend jaar terug. Hij is het type jogger dat nooit opgeeft'.