Sociale advocaten gaan 'bijverdienen'

AMSTERDAM, 17 okt. In een representatief pand aan een van de betere straten van Amsterdam-west is sinds een jaar het advocatenkantoor Hoek en Van der Hoek gevestigd: vijf advocaten die na tien jaar 'sociale' advocatuur in Amsterdamse volksbuurten een semi-commerciele praktijk zijn begonnen. Moe van de armoede. 'Altijd maar weer die geldzorgen, dat kost zoveel tijd en energie!'

Mr. E. van Laarhoven heeft zich na ruim negen jaar bij het advocatencollectief in de Indische buurt gespecialiseerd in arbeidsrecht en strafrecht. Mr. J. Rijser, tien jaar Bos en Lommer, doet in zijn nieuwe kantoor vooral huurrecht en strafrecht. 'Laatst had ik een ingewikkeld geval bij de kantonrechter, tien uur werk', vertelt Rijser. 'Als het een toevoeging was geweest had ik van de Staat maximaal 700 gulden vergoed gekregen, omdat mijn client zelf betaalde kon ik nu 2.000 gulden rekenen.'

Morgen doet de rechtbank in Den Haag uitspraak in het kort geding dat de Vereniging voor Sociale Advocatuur Nederland (VSAN) en de Orde van Advocaten hebben aangespannen over een hogere vergoeding voor rechtshulp die is verleend aan mensen die de kosten daarvan zelf niet kunnen betalen. De advocaten ontvangen nu voor deze zogenoemde 'toevoegingen' van de Staat standaardbedragen die afhankelijk van de hoeveelheid werk neerkomen op gemiddeld zestig gulden per uur (volgens de advocaten) tot gemiddeld 100 gulden per uur (volgens het ministerie van jusitie). Minister Hirsch Ballin heeft een verhoging van 25 procent toegezegd maar wil daarvoor eerst in een nieuwe Wet op de rechtsbijstand regelen dat de eigen bijdrage van de rechtzoekende wordt verhoogd. De advocaten eisen het extra geld nu.

De vergoedingen per zaak zijn de laatste tien jaar niet verhoogd die voor familierecht zijn juist verlaagd terwijl de kosten van de bijvoorbeeld huur van kantoren en van secretaresses wel zijn gestegen. Een ervaren advocaat die veel of uitsluitend toevoegingen doet, zoals Van Laarhoven tijdens haar negende jaar in de Indische buurt, verdient volgens berekeningen van de advocaten zelf netto ongeveer 2.000 gulden per maand. Ter vergelijking: voor iemand met negen jaar ervaring bij de grote commercieel opererende kantoren is 10.000 gulden netto per maand niet uitzonderlijk.

De VSAN en de Orde waarschuwen dat steeds minder advocaten de weinig lucratieve toevoegingen willen doen. Een aantal 'sociale' advocaten is begonnen ook betalende clienten aan te nemen of is zelfs helemaal overgestapt naar de commerciele advocatuur. In Amsterdam waren het er vorig jaar 25. En dat zijn vaak de betere, zegt VSAN-voorzitter mr. T. Zuidema. Zij die niet 'bijverdienen' kunnen cursussen en vakliteratuur nauwelijks nog betalen.

Van Laarhoven en Rijser streven ernaar met hun nieuwe kantoor Hoek en Van der Hoek een kwart van hun tijd te besteden aan clienten die hun rechtsbijstand zelf kunnen betalen. 'Niet meer, want dat past toch niet bij mijn visie op de maatschappij', zegt Van Laarhoven. 'Bovendien spreekt de strijd van een verzekerde tegen een niet uitkerende verzekeringsmaatschappij me veel meer aan dan een zaak van de ene verzekeringsmaatschappij tegen de andere.'

Het 'witte randje' van betalende clienten maakt dit eerste jaar 20 procent van de omzet uit. Het gaat vooral om particulieren wier inkomen de 'toevoegingsgrens' van 2.575 gulden netto per maand net overstijgt en om kleine ondernemers. Mond-op-mond reclame brengt ze naar het nieuwe kantoor in Amsterdam-west zoals dat meestal gaat in de advocatuur. 'Maar het is zeker niet makkelijk om ze te krijgen', erkent Rijser.

Rijser en Van Laarhoven streven naar een brutojaarinkomen van ongeveer 80.000 gulden, het salaris van een beginnend rechter. Het 'verlangen een nieuwe wasmachine te kunnen kopen als de oude kapot gaat' was niet de enige reden om hun pro deo praktijk gedeeltelijk te vervangen door meer winstgevende zaken. Er was ook de drang na tien jaar eens iets anders te gaan doen. Vooral: te specialiseren, de enige manier om op een rechtsgebied echt goed te worden.

'In een advocatencollectief is het onmogelijk te specialiseren. In zo'n buurtpraktijk met spreekuur hou je altijd je verzekerings-zaken, je echtscheidingen en je incasso's. Ga maar na: als iemand een arbeidsrechtelijk probleem heeft, komt er vaak meteen een huurachterstand bij en met een beetje pech ook nog een echtscheiding. Zo'n man kun je niet langs drie advocaten sturen', zegt Van Laarhoven. 'Je bent tenslotte ook nog een beetje sociaal werker.' Verder hopen de advocaten door in kortere tijd meer te verdienen ruimte te krijgen voor 'beleidsmatige activiteiten', bijvoorbeeld binnen de VSAN.

Is de oprichting van gemengde praktijken nu een deel van het probleem bij de gefinancierde rechtshulp of juist de oplossing? 'De overheid mag de uitvoering van een grondrecht als rechtsbijstand niet afwentelen op de beroepsgroep', vindt VSAN-voorzitter Zuidema. Rijser en Van Laarhoven rekenen voor dat ook een gemengde praktijk de verhoogde vergoedingen voor toevoegingen hard nodig heeft. Daarnaast wijzen zij op de gevolgen voor de rechtzoekenden. 'Dat wij als vijf ervaren 'sociale' advocaten voortaan een vijfde van de tijd aan commerciele advocatuur besteden, betekent per saldo dat Amsterdam een advocaat voor de toevoegingen verliest. Dat zijn 200 zaken per jaar die het bureau voor rechtshulp niet kwijt kan.'

Sinds zij geen open spreekuur meer hebben maar een secretaresse in een mooi kantoorpand in een goede straat, hebben Van Laarhoven en Rijser juist hun sociaal minst vaardige clienten niet meer teruggezien. 'De vlotte jongens weten je ook nu wel te vinden, maar voor de zwaksten is de drempel al te hoog.'

    • Hans Nijenhuis