Raad van Europa krijgt de wind mee; 'Amerikaans Congres wilzich door Straatsburg niet de wet laten voorschrijven'

DEN HAAG, 17 okt. Anders Bjorck is vol zelfvertrouwen. De Zweedse voorzitter van de Parlementaire Vergadering van de Raad van Europa wekt de indruk iemand te zijn die de wind mee heeft. En dat heeft hij. Misschien is het in het meer dan 40-jarige bestaan van de drieentwintig landen tellende Raad van Europa nog nooit zo dynamisch toegegaan als juist nu. Na een lange mars lijkt plotseling het einddoel binnen handbereik.

Hongarije zal op 6 november tot de Raad van Europa toetreden als het ministerscomite daaraan zijn goedkeuring hecht. Maar dat is een formaliteit na het positieve advies dat de Parlementaire Assemblee begin deze maand gaf. De rest van het zich democratiserende Oost-Europa staat op de stoep van de Straatsburgse instelling en Bjorck verwacht dat in 1995 alle Europese landen, ook de Sovjet-Unie en Albanie, volwaardig lid van de Raad van Europa zullen zijn: 'Voor het eerst zal er dan een echte paneuropese organisatie ontstaan', zegt hij.

De 46-jarige Bjorck, die begin deze week Nederland bezocht, heeft enig recht om deze voorspelling te doen. In juni vorig jaar, nog geruime tijd voordat de Muur viel, besloot de Parlementaire Assemblee een status van 'speciale gast' toe te kennen aan Hongarije, Polen, de Sovjet-Unie en Joegoslavie. Later volgden andere Oosteuropese landen die de weg naar een plurale democratie waren ingeslagen. Ze mochten voortaan meedoen aan de debatten in de Assemblee en aan het commissiewerk, zonder evenwel stemrecht te hebben. 'We lagen op kop', zegt Bjorck, 'we waren alle andere Europese organisaties ver vooruit.'

Voor een volledig lidmaatschap van de Raad van Europa is meer nodig dan een intentieverklaring van een regering om het democratische proces te stimuleren. Op daden komt het aan, zoals volstrekt vrije verkiezingen en het in acht nemen van de rechten van de mens. Hongarije heeft als eerste Oosteuropees land deze barriere genomen. Polen en Tsjechoslowakije zullen spoedig volgen, komend jaar al, verwacht de voorzitter van de Parlementaire Vergadering.

Voor de Sovjet-Unie 'liggen de zaken gecompliceerder', aldus Bjorck, maar tijdens gesprekken in Moskou was hem verzekerd dat de leiding in het Kremlin de Raad van Europa bovenaan het lijstje heeft staan van Europese organisaties waarbij ze zich wil aansluiten.

De Zweedse paneuropeaan beseft 'dat al die landen niet om onze mooie blauwe ogen lid willen worden'. Ze zien de Raad van Europa volgens hem 'als toegangspoort tot de rest van Europa' en ze weten 'dat ze bij andere Europese organisaties geen kans maken als ze niet eerst tot de Raad van Europa zijn toegelaten'.

De in 1949 opgerichte Raad van Europa kwam voort uit het Haagse Congres dat pioniers van het verenigde Europa een jaar eerder hadden gehouden. Het ideaal dat deze voortrekkers voor ogen stond een ongedeeld democratisch Europa waar het recht richtsnoer van het handelen was heeft de Raad nooit bereikt. De Koude Oorlog verhinderde dit. En al snel werd hij overschaduwd door de instellingen van de Westeuropese eenwording: de Europese Gemeenschap voor Kolen en Staal en de daaruit voortgekomen Europese Gemeenschap.

Op een terrein is de Raad echter een lichtend voorbeeld geworden, op dat van de rechten van de mens. De in 1950 aangenomen conventie voor de rechten van de mens en de daarmee verbonden uitvoeringsmechanismen, zoals het Europese Hof voor de Rechten van de Mens, hebben overal in de wereld respect afgedwongen. Iedere prive-persoon uit een land dat het verdrag heeft getekend kan een schending van de rechten van de mens in Straatsburg aanhangig maken en de beslissing die daarover wordt genomen is bindend voor de lidstaten.

Als potentieel paneuropese organisatie en als hoeder van de mensenrechten in Europa ziet de Raad van Europa een in het oog springende plaats voor zich ingeruimd in de architectuur van het oude continent. Dat streven lijkt steeds meer erkenning te krijgen, al is dat niet vanzelf gegaan. Bjorck en secretaris-generaal Catherine Lalumiere hebben daarvoor uitgebreid gelobbyd. Ze mikten vooral op de CVSE, de Conferentie voor Veiligheid en Samenwerking in Europa, 'een van de pilaren van het Europese Huis', aldus Bjorck.

In de Assemblee van de Raad werd begin dit jaar het idee naar voren gebracht om een parlementaire basis te geven aan de CVSE, het uit de akkoorden van Helsinki van 1975 voortgekomen onderhandelingsproces tussen Oost en West, dat steeds krachtiger zijn vleugels kon uitslaan naarmate de deling van Europa vervaagde. De achterliggende gedachte was, zegt Bjorck, 'dat Europa slechte ervaringen heeft opgedaan met grote conferenties zoals het Weense Congres van 1815 en de Conferentie van Jalta van 1945. Hier werd over de hoofden van de Europeanen heen, dus zonder democratische controle, over hun lot beslist'. De volgende maand in Parijs te houden topconferentie van de 34 CVSE-landen (heel Europa behalve Albanie plus de Verenigde Staten en Canada) die in de voetsporen van 'Wenen' en 'Jalta' treedt, zou anders moeten verlopen.

Begin mei werd het plan verder uitgewerkt. Alle lidstaten van de CVSE zouden parlementaire delegaties moeten sturen naar een in het leven te roepen parlementaire vergadering. Deze zou in de praktijk bestaan uit de Assemblee van de Raad van Europa aangevuld met afvaardigingen uit CVSE-landen die geen deel uitmaken van de Raad. Die laatsten zouden een speciaal 'geassocieerd CVSE-lidmaatschap' krijgen met volledig stemrecht bij CVSE-kwesties.

Het lobbyen had effect. Met veel trots vermeldt Bjorck dat de NAVO-top die in juli in Londen werd gehouden voorstelde dat de CVSE-landen een parlementair lichaam oprichten dat 'de Assemblee van Europa' zou moeten heten en dat 'gebaseerd zou moeten zijn op de bestaande Parlementaire Assemblee van de Raad van Europa in Straatsburg'. Eind september werd hierop al een voorschot genomen en werd in Straatsburg het eerste parlementaire CVSE-debat gehouden.

Het Amerikaanse Congres had als enige parlement van de vierendertig landen geen afvaardiging gestuurd, officieel wegens drukke werkzaamheden in Washington (de begrotingsbehandeling) maar volgens ingewijden vooral uit ongenoegen met de gang van zaken. De parlementaire commissie die de CVSE behandelt was in haar wiek geschoten door de eerder genoemde passage in het NAVO-communique omdat ze daarover niet door president Bush was geraadpleegd. Verder leeft in het Amerikaanse Congres de vrees dat inschakeling van de Raad van Europa een bureaucratisch proces op gang brengt waar de CVSE nu juist geen behoefte aan heeft. In Canada zouden dergelijke reserves in mindere mate bestaan.

'We kunnen niet een geheel nieuwe organisatie opzetten om de VS en Canada een plezier te doen', vindt Bjorck. 'We willen verder praten met het Amerikaanse Congres, maar als ze niet willen meedoen gaan we zonder afgevaardigden uit de VS door.' Een formeel besluit van de Parijse top is daarvoor niet nodig, betoogt hij: 'Als tweeendertig CVSE-landen willen blijven werken aan het opzetten van een parlementaire structuur, houdt niemand dat tegen. We kunnen als Europeanen niet zeggen: geen akkoord in Parijs, dus geen parlementaire vergadering tot het eind van de eeuw wegens verzet van Capitol Hill (het Amerikaanse Congres)'. Wel zal in dat geval de wettelijke status van het debat 'problematisch' worden, geeft hij toe. 'We laten het plan evenwel niet door de Amerikanen torpederen', aldus Bjorck, die er overigens vanuit zegt te gaan 'dat ze uiteindelijk wel zullen komen'.

Ook waar in het CVSE-proces regelingen voor de mensenrechten worden getroffen meent de Raad van Europa goede papieren te hebben om daarbij een vooraanstaande rol te kunnen spelen. Bjorck: 'We hebben een enorme internationale erkenning op het gebied van de mensenrechten. We hebben een conventie die klinkt als een klok en een prima apparaat om de daarin vastgelegde regels af te dwingen. Het is niet goed naast die hoge standaard een lagere CVSE-standaard in te voeren. Waarom zou men de bestaande standaard van de Raad van Europa niet als baken nemen?'

De lastigste hindernis is het Amerikaanse rechtssysteem. Dit laat niet toe dat het Hof voor de mensenrechten in Straatsburg uitspraken doet die rechtsgeldig zijn in de VS en waaraan het Hooggerechtshof in Washington niets meer kan veranderen. Misschien moet daarom voor de VS een uitzonderingspositie worden gecreeerd.

Hoe centraal de Raad van Europa ook opeens in de belanstelling is komen te staan, Bjorck weet dat zijn instelling niet het eeuwige leven heeft. Zo'n vijftien tot twintig jaar geeft hij haar nog. Dan zullen volgens hem alle Europese landen lid van de Europese Gemeenschap zijn en zullen Raad van Europa en EG fuseren. Zijn Parlementaire Assemblee zou dan als een soort Hogerhuis bij het Europese parlement gevoegd kunnen worden.