Palestijnen zeggen woedend ontmoeting met Hurd af

TEL AVIV, 17 okt. Achtentwintig vooraanstaande Palestijnen hebben vanmorgen een ontmoeting met de Britse minister van buitenlandse zaken, Douglas Hurd, afgezegd uit woede over het bericht dat deze zich zou hebben uitgesproken tegen een onafhankelijke Palestijnse staat. Zowel de Israelische media als de BBC hadden deze uitspraak van Hurd eerder aangehaald.

Totdat de Britse minister zelf in het openbaar op deze stellingname terugkomt willen de Palestijnen hem niet ontmoeten. De ontkenning door Britse diplomaten dat Hurd dit gezegd zou hebben legden zij naast zich neer.

De Palestijnen zijn ook verontwaardigd dat Hurd de PLO niet als de enige legitieme vertegenwoordiger van het Palestijnse volk beschouwt en het zoeken van 'gematigde Palestijnen' als gesprekspartners aanmoedigt. 'Wij zijn diep beledigd', zei Radwan Abu Ayyash vanmorgen tijdens een persconferentie in Oost-Jeruzalem. 'We hebben van de Engelsen geen enkele officiele ontkenning gekregen.' Volgens hem had minister Hurd geweigerd de persconferentie bij te wonen om zijn standpunt nader toe te lichten.

Hurd was er gisteren niet in geslaagd de Israelische premier, Yitzhak Shamir, ervan te overtuigen alsnog de VN-commissie van onderzoek naar het bloedige incident op de Tempelberg bij de Al-Aqsa-moskee van vorige week maandag te ontvangen.

Over de kwestie-Jeruzalem en het naspel van het ernstige incident op de Tempelberg, waarbij 21 Palestijnen door de Israelische politie werden doodgeschoten, ontwikkelt zich tegelijkertijd een ernstige crisis tussen Israel en de VS.

De Amerikaanse minister van buitenlandse zaken, James Baker, blijft zware druk op Israel uitoefenen om de VN-commissie te ontvangen. Israels weigering zou volgens hem de Amerikaanse inspanningen tegen Irak kunnen torpederen.

Burgemeester Teddy Kollek van Jeruzalem heeft overigens gisteren gezegd dat hij wel bereid is de VN-delegatie te ontvangen. Volgens hem is het een teken van kracht en niet van zwakte om de delegatie te woord te staan.

De betrekkingen tussen Israel en de VS worden ook vertroebeld door Israels plannen om twee grote joodse wijken in Oost-Jeruzalem te bouwen. Met een beroep op een recente schriftelijke belofte van de Israelische minister van buitenlandse zaken David Levi om niet buiten de 'groene lijn' de wapenstilstandslijnen van voor het uitbreken van de Zesdaagse Oorlog in 1967 te bouwen heeft Baker Israel opgeroepen deze belofte niet te schenden.

Tijdens zijn recente bezoek aan Washington nam Levi deze verplichting op zich in ruil voor een Amerikaanse garantie van 400 miljoen dollar voor het opnemen van leningen voor de bouw voor nieuwe immigranten uit de Sovjet-Unie.

Jossi Ben Aharon, de directeur van het kabinet van premier Shamir, heeft deze week in een vraaggesprek voor de radio minister Levi scherp over diens knieval voor Baker in Washington aangevallen. Levi verdedigde zich daarop door te wijzen op vroegere Israelische schriftelijke beloftes aan de VS om geen joden met Amerikaanse financiele steun in de bezette gebieden te vestigen.

Toen hij na telefonisch contact met Shamir over de brief er zijn handtekening onderzette begreep Levi kennelijk niet dat hij met de aanvaarding van de door Jeruzalem lopende 'groene lijn' handelde tegen de Israelische inlijving van Oost-Jeruzalem, kort na de Zesdaagse Oorlog. Volgens de Israelische pers beseffen raadgevers van Levi dat hij in Washington heeft geblunderd en Baker goede munitie over de kwestie Jeruzalem in handen heeft gespeeld.

In de Jerusalem Post wordt Levi vandaag aangevallen als 'de verkeerde man, in de verkeerde baan, op het verkeerde moment'. Volgens deze krant zijn de ergste vermoedens over Levi's onkunde over de wereld, in het bijzonder de VS, snel bewaarheid. Levi is de eerste niet Engels-sprekende Israelische minister van buitenlandse zaken. Van bouwvakker is hij via de partijpolitiek met een oog op het eerste ministerschap op buitenlandse zaken beland.