'Ik ben een schrijver met een duidelijke carriere voorogen'

De 54-jarige schrijfster A. S. Byatt, die gisteren de Booker Prize won, doceerde jarenlang Engelse en Amerikaanse literatuur aan de universiteit van Londen. In 1983 trok Antonia Byatt zich volledig terug uit de academische wereld om zich te wijden aan het schrijven van romans. De roman Possession die nu is bekroond, beschrijft de ontdekking door twee twintigsteeeuwse onderzoekers van een verzameling liefdesbrieven geschreven door twee negentiendeeeuwse dichters. De brieven die zij vinden confronteren de onderzoekers met een geheel nieuwe kijk op de negentiendeeeuwse literatuurgeschiedenis.

Byatt: 'De negentiende-eeuwse karakters in mijn boek heb ik bewust echter gemaakt dan de twintigste-eeuwse wetenschappers die hen bestuderen. Ik wilde daarmee blijk geven van mijn afkeer van biografen dat constant hun 'onderwerp' kleineert en dat schrijft alsof zij beter weten en beter zijn. Sommige recensenten vonden de twintigste-eeuwse wetenschappers te veel een karikatuur, maar dat was mijn oorspronkelijke esthetische opzet: zij moesten houteriger overkomen.'

Een van de twee negentiendeeeuwers, Christabel LaMotte, schrijft een boek met sprookjes, zoals 'De glazen doodkist'. Byatt: 'De sprookjes die ik heb weergegeven zijn een mengsel van diverse verhalen van de gebroeders Grimm. Ik heb er een wending aan willen geven door ze te laten vertellen door LaMotte, omdat zij zo haar eigen ideeen heeft. In mijn roman maakt zij deel uit van een driehoeksverhouding met de dichter Randolph Henry Ash en zijn vrouw Ellen. Christabel probeert de verhaalstructuur van haar sprookjes te ondermijnen: ze wijst er steeds op dat een bepaald verhaal ook op een bepaalde manier moet eindigen, maar dat ze zelf een ander eind in gedachten had. Hetzelfde gaat op voor haar eigen levensverhaal.

'Als ik mij met iemand uit mijn roman zou moeten identificeren, dan denk ik aan Randolph omdat hij, evenals ik, geobsedeerd wordt door de Noorse mythologie en het christendom ontdaan van al zijn mythes. Hij vertegenwoordigt mijn gedachten, terwijl Christabel zichzelf vertegenwoordigt.'

Voor de figuur van Ash in Possession heeft de dichter Browning model gestaan.

'Dat heeft deels te maken met Brownings gave als buikspreker. In zijn dramatic monologues spreekt hij met ongelooflijk veel verschillende stemmen. Ik denk dat mijn sympathie voor hem ook verband houdt met zijn gulzigheid. Dan heb ik het niet over hebzucht, maar over een intellectuele gulzigheid, een leergierigheid die hem tot een goed mens maakt. Hij wil dingen weten, niet om het vergaren zelf, maar om voordat hij doodgaat steeds meer te weten te komen over hoe de wereld in elkaar zit. Dat bepaalde dingen niet inpasbaar zijn, vindt hij daarbij minder belangrijk.'

Possession is het zesde boek van Antonia Byatt. Tot nu toe was zij vooral bekend als de auteur van The Game (1967). Verder werkt zij aan een vierluik over de jaren vijftig en zestig, waarvan inmiddels twee delen zijn verschenen.

, Ik denk dat er twee soorten schrijvers zijn. Er zijn schrijvers die in een vroeg stadium zeggen wat ze te zeggen hebben en daarna geen idee hebben hoe het verder moet. Dat kunnen mensen zijn die een schitterend boek schrijven dat er als het ware al vanaf hun jeugd in zit. Tot op zekere hoogte behoort V. S. Naipaul tot die categorie. Daarnaast is er de schrijver die zich bewust aan het bekwamen is in het vak, die duidelijk een carriere voor ogen heeft, die zich een taak stelt en daarbij tegelijkertijd vooruitblikt naar weer iets moeilijkers. Ik reken mijzelf tot deze laatste categorie. Ik vind dat je altijd verder moet reiken dan je eigenlijk kunt, want anders komt je nooit tot iets groots.'

De boeken van Byatt zijn beslist niet autobiografisch. 'Ik heb een hekel aan romans die verwant zijn aan het leven van de schrijver. Ik ben ervan overtuigd dat je eigen leven de bron moet zijn van de roman, maar als je niet in staat bent om andere karakters uit jezelf voort te brengen dan wordt de roman iets zeer gevaarlijks en irritants. Het zou dan veel eerlijker zijn om een autobiografie te schrijven, hoewel elke autobiografie natuurlijk ook fictief is.'

'Voor mij komt een personage pas tot leven als ik erin slaag in hem twee eigenschappen die ik afzonderlijk heb waargenomen, met elkaar te verbinden, zoals ook een metafoor dat doet. Slechts een deel mag uit mijzelf voortkomen, het tweede moet van een ander afkomstig zijn. Of van iets anders, of uit een ander boek. De situatie of het karakter wint bij een ontmoeting van beide delen aan kracht, juist omdat ik niet zeg: zo gebeurde het.'

Antonia Byatt die vorige week ook al een belangrijke Ierse prijs won, heeft niets tegen literaire prijzen. 'Ik vind het goed dat er prijzen bestaan. In dat opzicht vind ik het te vergelijken met bijvoorbeeld kunstschaatsen dat ik niet meer maar ook niet minder interessant vind.

'Een prijs zorgt ervoor dat bepaalde mensen geinteresseerd raken in bepaalde vaardigheden die andere mensen hebben. Ik kijk ook elk jaar naar Wimbledon. Een schrijversprijs lijkt op de beoordeling van kunstschaatsen: het oordeel van de jury telt en niet of je zoveel beter bent dan een ander. Door de Booker Prize gaan mensen boeken kopen. Ze lezen de winnaar en dit jaar waarschijnlijk ook The Innocent van Ian McEwan omdat men vindt dat boek ten onrechte niet op de nominatie stond.'

Op het moment is Byatt voorzitter van een jury voor een nieuwe Europese literatuurprijs. 'Tijdens onze discussies van vertalers en literatoren zijn wij tot de ontdekking gekomen dat er op dit moment in Europa een grote belangstelling bestaat voor de primitieve vertelkunst, met name voor sprookjes en de klassieke mythen. Met die stroming voel ik verwantschap. Het gaat daarin om een zoektocht naar onze oorsprong, in nationale en, zelfs verder, in Europese zin. Dat verschilt aanzienlijk van de psychoanalytische benadering zoals je die in Amerika vindt.'