DELPHINE SEYRIG 1932-1990; Een proustiaanse ster

Met haar ranke gestalte, discrete charme en vooral haar zachte, geprononceerde en hezige stem belichaamde de Franse actrice Delphine Seyrig, die gisteren na een langdurige ziekte in Parijs overleed, een deel van de intelligente, poetische Franstalige cinema van de jaren zestig en zeventig.

Zij werd op 10 april 1932 in Beiroet geboren als dochter van een archeoloog uit de Elzas. Haar jeugd bracht zij door in Griekenland, Parijs en New York, waar ze ook haar opleiding aan de Actor's Studio volgde. Ze speelde een rolletje in Robert Franks klassieke korte film Pull My Daisy, naast 'beat poets' als Ginsberg en Kerouac. In Frankrijk vertolkte Seyrig verschillende theaterrollen, voordat ze in 1960 op slag een wereldster van de kunstzinnige film werd door haar rol in Alain Resnais' L'annee derniere a Marienbad. Drie jaar later won zij voor haar aandeel in Resnais' Muriel ou le temps d'un retour in Venetie de prijs voor de beste actrice.

In eigen land is Seyrig ook bekend gebleven als toneelactrice, met vele vooraanstaande rollen in stukken van onder meer Ibsen, Duras en Toergenjev. Internationaal trokken haar films de aandacht in het 'art house'-circuit: Truffauts Baisers voles, Demy's Peau d'ane, Kumels Le rouge aux levres, Soutters Reperages, Moraz' Le chemin perdu en Mizrahi's Chere inconnue. Ook was Seyrig in enkele engelstalige internationale produkties te zien, waaronder Fred Zinnemanns Day of the Jackal en Don Siegels The Black Windmill.

Seyrig was trouw aan bepaalde regisseurs, die haar ingehouden acteerstijl, gekenmerkt door een hysterie die steeds net niet aan de oppervlakte komt, het beste begrepen. Tot die illustere groep behoorden Joseph Losey (Accident en A Doll's House), Luis Bunuel (La voie lactee en Le charme discret de la bourgeoisie), Marguerite Duras (La Musica, India Song, Baxter, Vera Baxter, Son nom de Venise dans Calcutta Desert) en Chantal Akerman. Haar hoofdrol van een zwijgende huisvrouw, tergend gedetailleerd gefilmd tijdens haar dagelijkse rituelen, in Jeanne Dielman, 23 Quai du Commerce, 1080 Bruxelles, werd gevolgd door rollen in eveneens door Akerman geregisseerde films als Les rendez-vous d'Anna en Golden Eighties. In de laatste jaren speelde Seyrig dezelfde inspirerende muzerol voor de Duitse filmmaakster Ulrike Ottinger (Freak Orlando, Dorian Gray im Spiegel der Boulevardpresse).

Sommige bewonderaars van Delphine Seyrig menen dat zij haar uitzonderlijke talent slechts zo weinig in films ten toon spreidde (vele van de hierboven genoemde rollen zijn niet veel meer dan een memorabel gastoptreden), omdat ze wist dat fragmentarische herinneringen het sterkst beklijven. Maar ook zonder die bewuste vooropzet kan men haar met recht een proustiaanse ster noemen. Seyrigs gebaren, woorden, silhouet zijn niet aan het heden gebonden, verwijzen naar verleden en toekomst van het personage en worden daardoor onvergetelijk.

    • Hans Beerekamp