Afwentelingsgedrag

DRIE VERDACHTEN moesten in Amsterdam door de justitie worden vrijgelaten. Het ging niet om niks: verkrachting en een schietpartij. De reden: een zoekgeraakt stuk, een te late dagvaarding 'vormfouten'. Wat lijkt er meer voor de hand te liggen dan de wet zo te wijzigen dat dergelijke vergissingen soepel kunnen worden hersteld in plaats van te worden afgestraft. Dat is althans de opvatting van minister Hirsch Ballin van justitie, in navolging van zijn voorganger en grote voorbeeld Korthals Altes.

De zorgvuldig gewekte indruk dat het slechts om blote formaliteiten gaat is bedriegelijk. Een van de consequenties van het wetsvoorstel is dat mensen van hun vrijheid kunnen worden beroofd zonder dat er een formele beschuldiging bestaat. 'Zonder meer een breuk met het systeem van het Wetboek van strafvordering' is dat zonder overdrijving genoemd in het Juristenblad. Een ander gevolg is dat de rechter in feite wordt ontslagen van zijn plicht om de voortzetting van de gevangenhouding in bepaalde gevallen te motiveren. En steeds is er het gevaar van het hellende vlak: nu is een brief nog onverklaarbaar zoek, straks helpt een overijverige ambtenaar het toeval een handje.

ZORGELIJKER DAN de concrete uitholling van rechtswaarborgen die wordt beoogd, is wellicht nog de achterliggende gedachtenwereld: afwentelingsgedrag. Was dat nu net niet wat premier Lubbers vorige maand in Nijmegen de burger verweet? Eerder ligt het voor de hand dat het Openbaar Ministerie zijn klassieke taak als 'dominus litis' beheerser van de (goede) procesgang weer serieus neemt. Wanneer men zoals het OM nog onlangs het grote woord van een 'magistratelijke taak' in de mond neemt, brengt dat verplichtingen met zich mee die niet vallen af te schuiven. 'Het besef van de risico's kan helpen fouten te voorkomen', zo wist men nog twee jaar geleden zelf wel in die kring.

De vormvoorschriften in het Wetboek van strafvordering vormen onderdeel van 'een samenhangend systeem waarin een delicaat evenwicht is aangebracht', zo wilde althans een nog niet door de modieuze managementsideologie aangestoken minderheid van de staande magistratuur toen ook erkennen. Het is trouwens gewoon niet waar dat de rechter blind-formalistisch zelfs de kleinste vergissing afstraft: de rechtspraak over nietigheden wordt van hooggeleerde zijde gekwalificeerd als 'zeer uitgebalanceerd'. Wat overblijft zijn justitiele blunders.

Dat advocaten daar munt uit proberen te slaan is niet meer dan hun plicht. Maar het is nog altijd zo dat het voorstel van Korthals Altes en Hirsch Ballin niet voorziet in herstel van vormfouten van de verdediging.

DE MINISTER heeft als een echo van zijn voorganger de mond vol van verbetering van het strafrechtelijke bedrijf. Maar Korthals Altes gaf welbewust de voorrang aan cellenbouw boven een betere toerusting van de rechterlijke macht. Het gevolg: de laatste twee jaar is circa tien procent van de strafzaken die het OM aanbracht bij de rechter geeindigd in niet-veroordeling. Goed dat er rechters zijn maar niet direct een teken van de kwaliteit van de procesbeheersing. Hirsch Ballin presenteert nu een grandioos bouwprogramma voor de paleizen van justitie. Maar het wetsvoorstel om justitiele blunders af te dekken gaat voor: afwentelingsgedrag.