Park

Samen met een vriend loop ik het Washington-Squarepark in. De vaste pelgrimstocht van iedere schaker die in New York is. Een van de lanterfanters bij de ingang roept ons toe: 'Hey, you brothers? You look alike!' We zijn inderdaad allebei vrij stevig. De New Yorkers hebben me aangeraden om op straat gesprekken met vreemden te vermijden. Voor je het weet wordt je allerlei ondeugdelijke waar aangeboden of erger nog, er wordt betaling verlangd zonder dat daar enige tegenprestatie tegenover staat. Dat zeggen ze natuurlijk omdat ze zelf altijd klaar staan om met iedereen een praatje te beginnen. Ik heb die neiging minder, voor mij is dat advies overbodig. We lopen door naar de zuidwesthoek, waar de schakers en de kaarters dagelijks bijeen komen.

Ik word herkend. 'Grootmeester, waar bleef je nou, ik heb op je gewacht!' Ja, dat zal wel. Een paar dagen geleden heb ik met hem gespeeld, vijf dollar per partij en toen hij verloren had zei hij dat de betaling volgende keer wel zou komen. Ik liet het toe, omdat ik me nog niet op mijn gemak voelde in het park, maar ik was er ongelukkig mee. Er was een ijzeren wet overtreden. Bij verlies wordt betaald. Niet door hem werd de wet overtreden, buitenstaanders proberen te belazeren, dat mag, dat is ook een wet. Door mij. Ik had het toegestaan en dat mag niet.

Mijn kennis van de harde wetten van het park had ik voornamelijk uit een boek van de schrijver Fred Waitzkin, In Search of Bobby Fischer. Het boek gaat niet over Fischer, maar over Waitzkins zoon Joshua, een schaakwonderkind. Een van de hoofstukken beschrijft de vaste klanten van de schaakhoek van het park. Wat toevallig, daar zagen we Waitzkin, hij stond naar een partij te kijken. Zo toevallig was het nu ook weer niet, hij woont vlakbij en wachtte op een vriend. Een goede gelegenheid om te vragen hoe het de figuren die hij zo mooi heeft beschreven is vergaan.

Hoe gaat het met Zilber? Zilber stond bekend als de sheriff van het park. Een sterke meester, uit de Sovjet-Unie via Israel hier gekomen. Hij droeg een grote sheriff-ster, voor vijf dollar kon je met hem spelen en voor een dollar mocht je met hem op de foto. 's Nachts sliep hij op een bank van het park met de dollarbiljetten in zijn kousen. Zilber is dood, zegt Waitzkin. Hij was eerst in een krankzinnigeninrichting opgenomen, maar de laatste jaren had niemand meer van hem gehoord, hij moest dood zijn.

En die kleine jongen, Jeff heette hij, de rivaal van Joshua, hij was altijd zo fanatiek en riep kill, kill, kill! tijdens de partijen. Daar was het heel treurig mee gesteld. Zijn vader bleek een kindermishandelaar te zijn, er was over geschreven in de kranten. Hij drukte het hoofd van Jeff in een emmer water als die verloren had, tot hij bijna stikte. Toen het uitkwam, was het gezin naar Canada gevlucht en daar ondergedoken.

'En Finney?', vraagt mijn vriend. Finney was ik vergeten. Hij was de sterkste speler van het park, als Zilber er niet was en als er niet toevallig een meester of grootmeester op bezoek was. Finney kwam nog wel, volgens Waitzkin, maar hij speelde niet sterk meer, hij had zijn kracht verloren.

Het is uw figuren niet zo goed vergaan, zeggen we. Ach ja, zegt Waitzkin, het zijn straatmensen, die houden het niet lang vol, ze komen een tijdje en dan zie je ze opeens niet meer. Maar met het park gaat het goed, er was een periode geweest dat het er heel ruw toeging, maar nu niet meer.

Dat kan zijn, maar aan een van de tafeltjes is nu toch een flinke ruzie uitgebroken. De spelers schreeuwen tegen elkaar in, alle toeschouwers bemoeien zich ermee en kiezen partij en niemand kan een zin ten einde brengen. Het gaat er om hoeveel partijen de ene speler voorstaat en hoeveel zijn tegenstander moet betalen. Ik zou uitkomst kunnen bieden en stel me voor dat ik als een soort Hercule Poirot in een Engels landhuis het raadsel tot een oplossing breng.

Er zijn een paar feiten waar iedereen het over eens is. De man die in de laatste partij wit had, was ook met wit begonnen, er is dus een oneven aantal partijen gespeeld. Er waren geen remises. Dan kan het ook niet zo zijn dat iemand vier punten voor staat, het moeten er drie zijn geweest. Maar dit is geen Engels landhuis, waar iedereen eerbiedig naar de stem van de rede luistert, het is waarschijnlijk maar beter om niet al te wijsneuzig te zijn. En even later besef ik dat de stem van de rede hier een spelbederver zou zijn geweest, het conflict is weliswaar niet opgelost, maar alweer vergeten, de spelers zijn aan een nieuwe partij begonnen en de toeschouwers schreeuwen nu alweer even enthousiast over heel andere dingen.

We gaan naar de Marshall club, een paar straten verder. Een andere wereld. De manager leidt ons rond en zegt: 'We willen een sfeer scheppen waarin je kunt schaken zonder dat meteen je hand wordt afgebeten.' Daarom wordt er hier niet om geld gespeeld. Heel anders dan om de hoek in het park, bedoelt hij. Hier is het een en al historie en eerbiedwaardigheid. Foto's van wereldkampioenen die lid waren of de club hebben bezocht. De kamer waarin Fischer zijn partijen voor het toernooi van Havana 1965 per telex speelde, omdat het Amerikaanse ministerie van buitenlandse zaken hem geen visum voor Cuba gaf. ('Toen Bobby the fruitcake nog vrij rond liep', zegt de manager.) De tafel die altijd voor wereldkampioen Capablanca werd vrijgehouden.

Het lijkt of deze wereld geen enkele overeenkomst heeft met het park. Dan zie ik aan een van de schaaktafels een dame die ver in de zeventig moet zijn en die ik herken. Ik heb haar in het park zien spelen, niet hier om de hoek, maar in Parijs, in het Luxembourg. 'Klopt het dat ik u dit jaar in Parijs heb gezien?', vraag ik. 'Ik heb veel gereisd', zegt ze vaag. Ze drukt me op het hart dat ik naar de Manhattan club moet gaan, daar is het leuk, ze hebben een snelschaaktoernooi om geld, hier is het een beetje saai. Ze heeft geen tijd meer voor me, ze moet een nieuwe partij spelen. Misschien verbeeld ik het me maar, dat ik haar eerder heb gezien, ik denk het niet, maar het zou kunnen. Ik wil graag dat er een band is tussen het parkschaak en dit respectabele schaak en het zou mooi zijn als die band gevormd werd door deze oude dame.