Banvloek of zegen

GENERAAL-MAJOOR Michel Aoun is het slachtoffer geworden van zijn eigen gelijk. Als vertegenwoordiger van wat er nog restte van het nationale leger had hij op zich genomen Libanon te bevrijden van de terreur van de verschillende facties en de aanwezigheid van de Syriers. Toen er twee jaar geleden een constitutioneel einde kwam aan het presidentschap van Amin Gemayel en het parlement er niet in was geslaagd een opvolger te kiezen, benoemde Gemayel Aoun tot voorzitter van een tijdelijke zeskoppige junta. Aouns christelijke achtergrond en zijn onpartijdige functie als opperbevelhebber van de nationale strijdkrachten ondersteunden dit leiderschap.

Aanvankelijk had de generaal succes. Zijn missie appelleerde aan een diepgeworteld gevoel bij christenen en moslims van uiteenlopende signatuur. De 'war lords' waren van het begin af zijn tegenstanders: logisch omdat zij hun macht ontlenen aan het veelal bloedige en door Syrie, Iran, de PLO en Israel geregisseerde evenwichtsspel tussen de verschillende milities. De eenheid die Aoun wist af te dwingen in het christelijke kamp maakte hem korte tijd het symbool van het herstel van de Libanese eenheid en soevereiniteit.

MAAR INTERNATIONAAL waren de verhoudingen ongunstig voor Libanon. De Verenigde Staten hadden aanvankelijk en in het voetspoor van Israel ingezet op de factie van de Gemayels. De autobom die in 1983 in Beiroet aan 241 Amerikaanse mariniers het leven kostte, maakte aan die diplomatieke variant een einde. Washington legde zich neer bij de aanwezigheid van Syrie in Noord- en Oost-Libanon als verzekeraar van een met militaire macht enigszins in stand gehouden status quo. Aoun die de Syrische aanwezigheid juist als de blokkade beschouwt van een nationaal herstel, paste niet in het Amerikaanse borduurwerk.

Onder auspicien van Washington en Damascus vond vorig jaar in Taif, Saoedi-Arabie, een zogenaamde verzoening plaats tussen de verschillende Libanese facties. Het hoofddoel van die vergadering was Aoun buiten de wet te plaatsen, het voornaamste resultaat de bestendiging van de Syrische greep op het buurland. Was Aoun een diplomaat geweest, dan had hij mogelijk nog een kans gehad, maar hij koos voor de ondergang met de wapens in de hand.

DE AFREKENING kwam afgelopen weekeinde als onderdeel van de diplomatieke revolutie die zich in het Midden-Oosten bezig is te voltrekken. Saddam Husseins inlijving van Koeweit heeft de Syriers in het kamp van de feodale Arabieren gedreven. De losse band met de VS is daardoor aanzienlijk verstevigd.

Maar wie goed wil kijken, ziet vooral een sterke gelijkenis met het Iraakse optreden in Koeweit. Alleen, Irak wordt getroffen door Amerika's banvloek, Syrie mag zich vermeien in Amerika's zegen. Niet omdat Washington over de Syriers zo geestdrifitg zou zijn, maar eenvoudigweg omdat ook de Verenigde Staten in de knoop van het Midden-Oosten vastzitten.